Samenvattend resultaat

Samenvatting 2021: Krachten bundelen en ondersteuning bieden

Wie had kunnen bedenken dat ook in 2021 de impact van de coronapandemie nog zo groot zou zijn. Alle beperkende maatregelen, zoals een lockdown, waren enorm en grootschalig. En zeker ook van invloed op het beroep dat inwoners en bedrijven op de reguliere dienstverlening hebben gedaan of konden doen. De beperkingen, zoals een avondklok en afstand houden, zorgden voor meer eenzaamheid en somberheid. Voor jong en oud.

Het jaar 2021 sloot af met een ‘positief’ rekeningresultaat van € 15,3 miljoen. Positief tussen aanhalingstekens, omdat dit resultaat een vertekend beeld geeft. Door Covid-19 kon veel van de gemeentelijke dienstverlening niet of gedeeltelijk niet worden uitgevoerd en kwamen activiteiten stil te liggen. Dit betekent dat deze doorschuiven naar 2022. Voorbeelden hiervan zijn: er is minder beroep gedaan op de leenbijstand, er is minder gebruik gemaakt van de Zoetermeerpas en een deel van de evenementen kon niet doorgaan. Bovendien bleek aan het eind van het jaar dat de vergoeding van het rijk voor onder ander Covid-19 veel hoger te zijn dan verwacht. Waardoor het beroep op de Eneco-middelen beperkter was den voorzien. Deze vergoeding is echter niet blijvend, waardoor de uitdaging om jaarlijks sluitende begroting op te leveren onverminderd hoog is.

Toch bleek ook in 2021 dat Zoetermeer vastberaden is geweest om de krachten te blijven bundelen en ondersteuning te bieden. De inwoners, bedrijven en ondernemers konden rekenen op financiële steun en dienstverlening om de stad levendig te houden. De ondersteuning van de culturele sector is gedurende de coronapandemie intensief geweest. Het oprichten van een Cultuurloket zorgde ervoor dat de culturele sector nog sterker dan voorheen de krachten bundelden. En ook de versterkte samenwerking tussen alle welzijn- en medische zorgpartners laat de kracht en verbondenheid van Zoetermeer zien. Een voorbeeld hiervan is het vaststellen van de regiovisie Jeugdzorg Haaglanden. Een samenwerking met de H10 gemeenten waaronder ook Zoetermeer.
Zorg, waaronder Wmo en jeugdzorg bleef ook in 2021 financieel een uitdaging. Omdat gemeenten vanuit het rijk niet genoeg gecompenseerd worden voor de verplichte taken die zij op het gebied van jeugdzorg moeten uitvoeren, blijft de druk op de financiën groot. 
Ook op het gebied van onderwijs zijn er een aantal mooie stappen gezet en is er in 2021 volop ingezet op een doorlopende leerlijn in vier sectoren. De samenwerkingsovereenkomst met MboRijnland, CIV
Smart Technology, CIV Welzijn en Zorg en De Haagse Hogeschool is hiervan een mooi resultaat.
Met een blik naar de toekomst is de visie Zoetermeer 2040 in concept vastgesteld. Hierin schetsen we een lange termijn perspectief voor sociale, economische en ruimtelijke ontwikkelingen in de stad. Een perspectief waarin een aantal dalende trends, zoals een afnemende woonaantrekkelijkheid en
sociaaleconomische kracht, zijn gekeerd en een opwaartse beweging voor de stad in gang is gezet. Een mooi voorbeeld hiervan is de gebiedsontwikkeling Entree. Tijdens het event ‘Entree, maak het mee’ op 9 oktober 2021 zijn we, samen met de grondeigenaren en 1200 mensen uit de omgeving, formeel gestart met de planuitwerking van het middengebied Entree. 

Daarnaast geeft de krapte op de woningmarkt en de beperkte ruimte om te bouwen een enorme uitdaging. In 2021 heeft Zoetermeer samen met corporaties, gebiedsontwikkelaars, beleggers en bouwers het stadsbouwakkoord ondertekend. Dit Stadsbouwakkoord is een belangrijke mijlpaal bij het behalen van een gezamenlijk doel: het realiseren van voldoende passende en betaalbare woningen. En tegelijkertijd draagt dit bij aan de ontwikkeling van de stad als geheel.
Samenvattend was 2021 een bewogen jaar. Met trots wat we bereikt hebben en zorgen om de moeilijke keuzes die gemaakt moesten worden. Het uitgangspunt is en blijft het centraal stellen van de inwoners en partners in de stad. Met hart voor de stad samen bouwen aan het Zoetermeer van vandaag en morgen.

Leeswijzer

Het college legt elk jaar tijdens het Resultatendebat verantwoording af aan de raad over het gevoerde beleid. Dit gebeurt op basis van de jaarstukken. De jaarstukken bestaan uit twee onderdelen, het jaarverslag en de jaarrekening. Een groot deel van de opgenomen informatie is verplicht voorgeschreven vanuit wetgeving. De Gemeentewet schrijft voor dat elke gemeente jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moet opstellen. Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bevat de regelgeving daarvoor.

Het jaarverslag
Het jaarverslag begint met de programmaverantwoording. Hierin legt het college verantwoording af over de beleidsmatige resultaten in 2021. Voor de programmaverantwoording is het bij de Programmabegroting 2021-2024 vastgestelde beleid het uitgangspunt. De gemeente Zoetermeer heeft zeven programma’s. In deze programma’s wordt ingegaan of de beoogde maatschappelijke effecten en doelstellingen zijn bereikt in 2021. Vanuit het BBV worden daarnaast overzichten voorgeschreven: het overzicht van de kosten van de overhead, het overzicht algemene dekkingsmiddelen en Vennootschapsbelasting (VPB). Ook de paragrafen, zoals opgenomen in deze Jaarstukken, zijn verplicht.

De jaarrekening
De jaarrekening bestaat uit het overzicht van baten en lasten en de toelichting daarop, de balans en de toelichting daarop, de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling, de bijzondere gebeurtenissen na balansdatum en een aantal bijlagen. 
Over onderwerpen, waarbij gedurende het jaar is gebleken dat er een afwijking op de begroting is ontstaan, is de raad geïnformeerd via de Tussenberichten. Deze afwijkingen zijn verwerkt als ‘melding’. De afwijkingen uit het memo ‘Financiële afwijkingen na het Tweede Tussenbericht 2021’ zijn eveneens verwerkt als melding.

De accountantscontrole is met name gericht op het jaarrekeninggedeelte. De accountant controleert of de administratie van de gemeente aansluit bij de jaarrekening en of aan alle regelgeving over verslaggeving en rechtmatigheid is voldaan.

Als gevolg van rechtstreekse onttrekking van informatie uit het financiële systeem van de gemeente kunnen kleine afrondingsverschillen in de tabellen voorkomen.

Exploitatieresultaat

Bedragen x € 1.000
Exploitatieresultaat Primitieve begroting 2021 Begroting 2021 na wijzigingen Rekening 2021 Saldo begroting na wijzigingen en rekening N/V Meldingen 2021 N/V
Baten 376.911 386.783 409.040 22.258 V 17.894 V
Lasten -390.394 -410.916 -397.272 13.644 V -10.674 N
Saldo van baten en lasten -13.483 -24.133 11.769 35.902 V 7.220 V
Onttrekkingen aan reserves 14.566 95.314 88.723 -6.590 N -1.503 N
Toevoegingen aan reserves -10.249 -80.758 -85.180 -4.422 N 0
Saldo mutaties reserves 4.318 14.556 3.543 -11.013 N -1.503 N
Resultaat -9.166 -9.577 15.312 24.889 V 5.717 V
xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxx xxxxxxxxxxxxxxxxxxxx xxxx

Toelichting exploitatieresultaat

In bovenstaande tabel komt het rekeningresultaat (het verschil tussen werkelijke baten en lasten) naar voren van € 15,3 mln. positief. Het rekeningresultaat betekent ten opzichte van de begroting na wijziging van € 9,6 mln. negatief een verbetering van € 24,9 mln. Deze verbetering wordt voor het grootste gedeelte veroorzaakt door extra middelen vanuit het Rijk ter compensatie van de gevolgen van COVID 19 en de tekorten bij Jeugd. Daarnaast is deze verbetering toe te schrijven aan activiteiten die in 2021 niet konden worden uitgevoerd en waarvan de activiteit doorschuift naar een volgend jaar. In de Perspectiefnota zal in het voorstel tot resultaatbestemming daarop worden teruggekomen.

Van het 'resultaat na bestemming' werd in de tussenberichten aan afwijkingen een totaalvoordeel van € 5,7 mln. gemeld. Per saldo geeft de jaarrekening - ten opzichte van de eerdere verwachting- een financieel betere uitkomst van € 11,0 mln.  In onderstaand tabel is het cijfermatig verband tussen het rekeningresultaat, het begrotingsresultaat en de meldingen schematisch weergegeven.

De verbetering heeft met name betrekking op voordelen in Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien, Overzicht Overhead en programma 1.
In onderstaande tabel is – per programma – het verschil tussen het rekeningresultaat en de begroting bruto opgenomen. Hierbij is geen rekening gehouden met de effecten van budgetoverheveling of de meldingen in de Tussenberichten.

Bedragen x €1.000
Programma's Verschil realisatie en begroting 2021
1. Onderwijs, economie en Arbeidsparticipatie 2.523
2. Samen leven en ondersteunen 1.765
3. Leefbaarheid, duurzaam en groen 1.098
4. Vrije tijd -515
5. Veiligheid -582
6. Dienstverlening en participatie 1.998
7. Inrichting van de stad 3.160
Overzicht overhead 3.281
Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien 22.170
Heffingsbedrag Vennootschapsbelasting 1.004

Samenvatting verschillenverklaringen op hoofdlijnen per programma

In de jaarrekening worden de verschillen in de “toelichting op het overzicht baten en lasten” groter dan € 100.000 verklaard. Onderstaand betreft per programma een samenvatting op hoofdlijnen (verschillen > € 0,5 mln.). De optelling tot het totaal per programma van het verschil tussen begroting en rekening die in onderstaande samenvatting niet wordt verklaard, bestaat uit een optelling van kleinere posten.

Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie: € 1,7 mln. voordeel
 Er zijn in arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal minder kosten zijn gemaakt als gevolg van de coronamaatregelen. Een deel van de activiteiten is aangepast of uitgesteld. Zo was er minder ondersteuning nodig voor de matching van werkgevers en werkzoekenden. De economie herstelde zich sneller dan verwacht, waardoor er een krapte aan personeel op de arbeidsmarkt ontstond. Dit leidt per saldo tot een voordeel van € 1,9 mln.  Deze middelen zijn geoormerkt en blijven voor het doel beschikbaar in 2022.  

 Programma 2 Samen leven en ondersteunen: € 1,8  mln. voordeel
De kosten van specialistische jeugdhulp zijn hoger dan verwacht, wat leidt tot een negatief saldo. Daartegenover staat een positief saldo voor preventie jeugd en maatwerk jeugd. Er is ook een overschot op maatwerkvoorzieningen. Dit komt doordat er in 2021 budget ter beschikking is gesteld voor extra vervangingskosten van Wmo-hulpmiddelen. Daarnaast is er een aantal voordelen in onderdelen van de algemene voorzieningen van de Wmo. 

Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen: € 0,6 mln. nadeel
In een groot deel van het centrum van Zoetermeer geldt betaald parkeren op het maaiveldniveau. Als gevolg van de coronacrisis en het thuiswerken blijven ook in 2021 de werkelijke inkomsten ver achter bij de begroting. Ook de opbrengst uit verhoogde parkeerinkomsten, door verruiming van betaald parkeertijden in het centrum en hogere parkeertarieven voor bezoekers, wordt niet gehaald. Het nadeel in 2021 is € 1,5 mln. Omdat de gevolgen van de dalende parkeerinkomsten door de COVID-19 crisis landelijk spelen heeft het rijk besloten om gemeenten hierin tegemoet te komen. De rijksuitkering is verantwoord in het overzicht Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen (OAD).
Daarnaast is er voordeel op de lasten van € 0,3 mln. doordat er minder kosten zijn gemaakt voor het parkeerbeheer en beheer aan de parkeer/ticketautomaten.

Er zijn verder geen activiteiten die per saldo een voor- of nadeel geven van meer dan € 0,5 mln.

Programma 4 Vrije tijd: € 0,6 mln. nadeel 
Verhuur van Sociaal Culturele accommodaties en verhuur van sportaccommodaties heeft een negatief exploitatiesaldo van ca. € 1,3 mln. Dit bestaat merendeels uit verleende huurkortingen COVID-19 en minder huuropbrengsten huisvesting.

Instellingen binnen de sector kunst en cultuur hebben ook in 2021 coronasteun kunnen aanvragen. Er is voor € 0,6 mln. aan noodsteun verstrekt. Bij de reguliere subsidie is sprake van de coulance afspraak dat ondanks dat veel activiteiten niet kunnen plaatsvinden door de corona maatregelen of anders worden ingevuld, toch volgens het normale betalingsritme subsidie is uitbetaald en subsidie niet zal worden teruggevorderd.

Er zijn verder geen activiteiten die per saldo een voor- of nadeel geven van meer dan € 0,5 mln.

Programma 5 Veiligheid: € 0,6 mln. nadeel
Er zijn geen activiteiten die per saldo een voor- of nadeel geven van meer dan € 0,5 mln. Het totaal bestaat uit meerdere voor- en nadelen tussen € 0,1 mln. en € 0,3 mln.

Programma 6 Dienstverlening: € 2,0 mln. voordeel
Voor het afhandelen van WABO-vergunningen worden vergunningverleners, toezichthouders en juristen ingezet. In verband met de ongunstige marktomstandigheden bleek het niet mogelijk hier de juiste bemensing voor te organiseren. Hierdoor is er een voordeel van € 0,7 mln. in 2021.

Voor het afhandelen van WABO-vergunningen worden leges in rekening gebracht. Het aantal aanvragen ligt hoger dan eerder verwacht en hierdoor is er een voordeel behaald van € 1,0 mln. 

Er zijn extra kosten gemaakt om de Tweede Kamerverkiezingen volgens regelgeving over COVID-19 te laten verlopen. De werkelijke extra gemaakte kosten over 2021 bedragen € 0,5 mln. 

Programma 7 Inrichten van de stad: € 1,2 mln. nadeel
In 2021 is door de aanwezigheid van boventalligen, langdurige zieken en de daarbij noodzakelijk en duurdere vervanging, CAO-effecten en wegens het dekkingsverlies van direct productieve uren door COVID-19 een nadeel ontstaan van € 0,6 mln. 

Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien: € 17,8 mln. voordeel
Op de algemene uitkering is een voordeel van € 15,9 mln. De hogere baten zijn onder meer extra middelen vanwege COVID-19 van € 7,1 mln., extra middelen ter dekking vanwege tekorten Jeugd van € 4 mln., een hogere uitkering uit het BTW-compensatiefonds van € 1,9 mln., , taakmutaties € 1,3 mln. En herverdeeleffecten ad € 0,8 mln. 

Overzicht Overhead: € 3,3 mln. voordeel
De nieuwe CAO leidt in het jaar 2021 tot een stijging van de loonkosten. Dit betekent voor de loonkosten op overzicht overhead een overschrijding van € 0,5 mln. 

Over de jaren 2015-2019 zijn BTW en BCF-herrekeningen gemaakt die in 2021 door de belastingdienst zijn gehonoreerd. Er is € 1,4 mln. ontvangen voor BTW-aangifte en BTW-compensatiefonds.

Het kabinetsadvies om gedurende de coronacrisis zoveel als mogelijk thuis te werken, was in 2021, op een korte onderbreking na, geheel 2021 van toepassing. Hierdoor is er een voordeel op de reiskosten woon-werkverkeer behaald van € 0,7 mln.

Heffingsbedrag vennootschapsbelasting
NB het als voordeel verantwoorde bedrag is nog in onderzoek. Zowel in omvang van bedrag als in relatie tot de analyse van het resultaat grondexploitatie op programma 7.

Overzicht lasten per programma, baten per kostensoort
Uit de volgende grafiek ‘lasten per programma’ wordt duidelijk hoe de programma’s zich in omvang tot elkaar verhouden. De gemeente geeft het meeste budget uit in de programma’s 1 en 2, aan bijstandsuitkeringen en jeugdzorg. Veruit de meeste inkomsten van de gemeente komen terecht in ‘Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien (OAD)’. Voor deze grafiek ‘baten per kostensoort’ is daarom gekozen voor een andere weergave. Kostensoorten (of opbrengstsoorten) zijn een andere manier van indelen van de begroting dan naar programma. De inkomsten van de gemeente komen vanuit het Rijk, via het gemeentefonds en via andere uitkeringen vanuit het Rijk naar de gemeente. Vanuit belastingen en heffingen haalt de gemeente 11% van de inkomsten op.

Overzicht lasten per programma, baten per kostensoort


Afbeelding lasten per programma

 

 

 

Afbeelding baten per programma