Uitgaven

24,33%

€ -117.371

x € 1.000
24,33% Complete

Inkomsten

13,99%

€ 69.614

x € 1.000
13,99% Complete

Saldo

311,89%

€ -47.757

x € 1.000

Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie

Uitgaven

24,33%

€ -117.371

x € 1.000
24,33% Complete

Inkomsten

13,99%

€ 69.614

x € 1.000
13,99% Complete

Saldo

311,89%

€ -47.757

x € 1.000

Afbeelding Doelenboom Programma 1

Algemene doelstelling: Iedereen werkt, leert en/of doet naar vermogen mee

Iedereen werkt, leert en/of doet naar vermogen mee
Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie geeft de inspanningen weer, die eraan bijdragen dat elke Zoetermeerder leert, werkt of meedoet naar vermogen.

Onderwijs
De programmabegroting 2021 startte met het citaat van Nelson Mandela: ‘Onderwijs is het machtigste wapen dat je kan gebruiken om de wereld te veranderen’. Op het moment dat we dat schreven konden we niet weten dat het een roerig jaar zou worden, waarin kinderopvang en onderwijs hun deuren weer tijdelijk moesten sluiten met grote gevolgen voor kinderen en ook voor hun thuiswerkende ouders. Met partners in de stad werd nagedacht hoe we deze gevolgen konden voorkomen met o.a. de middelen uit het Nationaal Programma Onderwijs. Een noodzaak en een kans. 
Ondanks de letterlijke afstand is in samenwerking op de vier geformuleerde actiepunten het onderstaande tot stand gekomen:

  • In het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) heeft het college een verkenning gedaan naar de ondersteuningsbehoefte op de voorscholen, het primair- en voorgezet onderwijs om de ontwikkelingsachterstanden door COVID-19 in te lopen. Op basis daarvan is een uitvoeringplan NPO met tien maatregelen op gebied van zorg in de (voor)school, talentontwikkeling en samenwerking vastgesteld. De activiteiten dragen bij aan het verkleinen van achterstanden op cognitief, executief, sociaal en emotioneel vlak.
  • Met de onderwijspartners uit het primair onderwijs en de kinderopvang is een kadernotitie onderwijshuisvesting opgesteld, zodat als vervolgstap diverse scenario’s, rekening houdend met o.a. Zoetermeer 2040, uitgewerkt kunnen worden voor het Integraal Huisvestingsplan (IHP) primair onderwijs. Ook de basis voor een IHP voor het voortgezet onderwijs is verkend door het vormgeven van een richtinggevend kader. Dit alles met als doel de onderwijsaccommodaties te verduurzamen en toekomstbestendig te maken.
  • Het belangrijkste resultaat op het gebied van het versterken van de aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt is de vaststelling van een samenwerkingsovereenkomst tussen mboRijnland, CIV Smart Technology, CIV Welzijn en zorg, De Haagse Hogeschool en de gemeente om gezamenlijk in te zetten op een leven lang ontwikkelen, doorlopende leerlijnen en hybride onderwijs in de stad. In deze samenwerkingsovereenkomst zijn afspraken gemaakt over (het onderzoek naar en het opzetten van) hybride leer- en onderzoeksomgevingen in alle vier economische kernsectoren. 
  • Voor de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) is met ondersteuning van Stichting Lezen en Schrijven de regionale aanbesteding opgesteld. Deze is direct bij de start van 2022 gepubliceerd.

Economie
De integrale Omgevingsvisie Zoetermeer 2040 is vastgesteld. Economie wordt steeds vaker betrokken bij de verschillende projecten in de stad. Daar waar passend is er aandacht voor een gemengd leefmilieu met een verstandige mix van wonen, werken en vrijetijd. De aandacht gaat vooral uit naar verdichting en slimmere oplossingen zodat de (digitale) infrastructuur en het voorzieningenniveau meegroeien met de stad. 

Op de noordelijke bedrijventerreinen is gestart met de eerste stap naar een inventarisatie naar de wens en de manier waarop de ondernemers met elkaar willen samenwerken. Dit is o.a. nodig voor het verduurzamen van deze werklocaties en om de energietransitie gezamenlijk te kunnen maken.

Kennis en toepassen van innovatieve oplossingen komt steeds meer samen in het opgezette start- & scale-up beleid. Hierin wordt ook de samenwerking gezocht met het Dutch Innovation Park en de regio. 

De economie in Zoetermeer houdt niet op bij de gemeentegrens. Samenwerking met partners in de regio (buurgemeenten, MRDH, provincie) wordt steeds belangrijker, mede bepaald doordat de ruimte steeds schaarser wordt. Het vergt samenwerking om er voor zorg te dragen dat ondernemers op de juiste plek terecht komen. 

Het opleidingsniveau van werknemers van de in Zoetermeer gevestigde bedrijven en instellingen ligt boven het nationaal gemiddelde. Het gemiddeld opleidingsniveau van de bewoners ontwikkelt zich daarentegen relatief ongunstig. Om deze ontwikkeling te keren zetten we in op ‘een levenlang ontwikkelen’ strategie. In 2021 is een eerste start gemaakt om bij de werkgevers op te halen welke personeelsvraag zij hebben op de korte termijn en in de toekomst. Ook wordt geïnventariseerd welke leerweg er nodig is om in die vraag te voldoen. Met deze informatie zijn we beter in staat om met kennisinstellingen in gesprek te gaan en de triple helix (samenwerking tussen overheid, ondernemers en onderwijs) te versterken.

Op de bovengenoemde zaken zetten we in om een goed vestigingsklimaat te kunnen blijven bieden en daarmee een van de randvoorwaarden  voor de toekomstig gewenste groei.

Arbeidsparticipatie en inkomensbeleid

  • Het werkbedrijf De Binnenbaan BV is succesvol gestart.
  • Door aantrekkende economie en COVID-19-steunmaatregelen is de instroom in de bijstand kleiner gebleven dan verwacht. Het bijstandsvolume is t.o.v. 2020 licht gedaald.
  • In de arbeidsmarkregio Zuid Holland Centraal met Zoetermeer als centrumgemeente is het Regionaal Mobiliteitsteam en het dienstverleningsconcept Hallo Werk ingericht.
  • De voorbereiding van de nieuwe Wet inburgering is afgerond.
  • De collectief aanvullende ziektekostenverzekering en de ZoetermeerPas campagnes zijn succesvol uitgevoerd.
  • De dienstverlening schuldhulpverlening is vanwege COVID-19 op aangepaste gedaan met speciale aandacht voor ondernemers. Lokaal is aangesloten bij de wijkgerichte preventie aanpak. Vooruitlopend op de per 1-1-2022 nieuwe wettelijke mogelijkheden voor gegevensuitwisseling voor vroegsignalering, is het aantal signaalpartners uitgebreid van 7 naar 40.

Doelstelling 1.1 Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren

De Lokaal Educatieve Agenda (LEA) Zoetermeer 2021-2030 is in september vastgesteld. De nieuwe samenwerkingsagenda is de opbrengst van een intensief traject van de gemeente, onderwijsbesturen (po, vo, mbo, hbo) en de kinderopvang onder begeleiding van het extern adviesbureau Oberon. In de LEA zijn de gezamenlijk ambities, doelen en overlegstructuur voor de komende periode vastgelegd. De focus ligt op het bieden van gelijke kansen en een passende plek voor kinderen en jongvolwassenen en samen bouwen aan Zoetermeer 2040.

De speerpunten voor 2021 zijn hieronder per pijler vermeld. Wat heeft het college gedaan:
1.    Stimuleren dat er een (onderwijs)aanbod op maat is, zodat ieder kind, jongere en volwassene zich zo optimaal mogelijk kan ontwikkelen in kwalitatief goede accommodaties. 

  • Samenwerken in een Integrale Kindcentra levert meerwaarde op voor kinderen. In het vierde kwartaal is een visie op samenwerking ondertekend door OPOZ, Unicoz, Kern Kinderopvang en Junis/De Drie Ballonnen, ondersteunt door de gemeente. Het kindcentrum is een van de vormen van samenwerking en een operationalisering van deze visie, waarbij samenwerking met andere partners en de wijk belangrijke elementen zijn.
  • Tijdens de verkenning bleek dat er geen eenduidig beeld was over de invulling van een beroepencampus vmbo-mbo. Om te komen tot een gezamenlijke definitie van een campus zijn door het team Onderwijs en team Vastgoed diverse scenario’s onderzocht en uitgewerkt met voor- en nadelen. De scenario’s zijn besproken met de schoolbesturen. Hierbij bleek dat er onvoldoende draagvlak was om te komen tot één vmbo. Daarnaast vond een bestuursoverdracht plaats van het openbaar voortgezet onderwijs in 2021. Het nieuwe bestuur opteerde voor een kleine vmbo-locatie van maximaal 550 leerlingen. Daarmee viel het idee om alle vmbo-leerlingen en mbo-studenten op 1 locatie te huisvesten ook af. De campusvisie zoals eerder aangeboden door de schoolbesturen bleek niet realiseerbaar. De schoolbesturen hebben aangegeven inhoudelijk te willen samenwerken zoals bij het Sterk Techniekonderwijs. Waar daarbij de fysieke kansen liggen, wordt o.a. meegenomen in het Integraal Huisvesting Plan voortgezet onderwijs.
  • 93 Hbo-ICT studenten zijn aan de Haagse Hogeschool op het Dutch Innovation Park afgestudeerd. Positief nieuws is ook dat de nieuwe hbo-bachelor van De Haagse Hogeschool ‘Applied Data Science & AI’ is goedgekeurd en naar alle waarschijnlijkheid start in september 2022. Verder is de samenwerkingsovereenkomst met het lectoraat Cybercrime & Cybersecurity van De Haagse Hogeschool verlengd met 4 jaar en tekende het college een samenwerkingsovereenkomst tussen mboRijnland, CIV Smart Technology, CIV Welzijn en zorg en De Haagse Hogeschool om gezamenlijk in te zetten op een leven lang ontwikkelen, doorlopende leerlijnen en hybride onderwijs in de stad. 
  • Onderzoek naar de mogelijkheden voor associate degree onderwijs (AD) in Zoetermeer is gestart onder verschillende bedrijven, die opereren binnen de vier sterke economische sectoren om de behoefte van AD onderwijs voor het personeel op te halen.

2.    Organiseren met partners dat kinderen gedurende hun ontwikkeling goed begeleid worden. Met name tijdens de overgangen naar en in het onderwijs krijgen kwetsbare leerlingen extra steun. Dit vindt plaats door:

  • Ontwikkelingsachterstanden bij jonge kinderen vroegtijdig te signaleren en te voorkomen dat deze groter worden. Dit is gerealiseerd door naast het reguliere aanbod, extra in te zetten op uitbreiding van de VoorleesExpress, Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) tutoring. Verder is er een VVE consulent aangesteld, die ouders helpt om hun kind aan te melden bij een voorschoolse voorziening. 
  • Naast het reguliere aanbod is, om de invloed van de COVID-19-crisis te beperken, extra in te zetten op online huiswerkbegeleiding tijdens de schoolsluiting en een verlengde schooldag te starten op een basisschool met veel achterstanden. De scholen hebben zelf ook extra middelen ingezet om de achterstanden door COVID-19 te verminderen. Daarnaast heeft het college diverse onderzoeken uitgevoerd naar aanleiding van de verschillende moties (2006-16, 2106-37A, 2016-26 en 2105-16) en toezeggingen (413 en 459). De onderzoeken hadden voornamelijk betrekking op het inzetten van de onderbesteding van de rijksmiddelen. Een van de onderzoeken was een inventarisatie (in 2020 en opnieuw in 2021) onder de schoolbesturen om een beeld te krijgen of en zo ja welke (groepen) kinderen volgens het onderwijs tussen wal en schip dreigden te belanden door de COVID-19-sluiting en hoe de gemeente het onderwijs kon ondersteunen. Alle moties en toezeggingen zijn tijdig afgedaan.
  • Een addendum op de Gelijke Kansen Alliantie Agenda 2021-2024 te ondertekenen. In dit addendum zijn de aanvullende interventies en afspraken over de voortzetting en uitbreiding van onze samenwerking opgenomen. De aanvullende interventies zijn: Versterken ouderbetrokkenheid in het VO bij de schoolloopbaan, het aanbieden van de TalentenAcademie aan de Internationale Schakelklassen (ISK) in het voortgezet onderwijs en extra aanbod sport en bewegen aan de ISK-klassen.

3.    Een goede start, maar ook actief kunnen blijven op de arbeidsmarkt, is belangrijk. Ondersteunen van onderwijsinstellingen en ondernemers om te komen tot een betere aansluiting tussen opleidingen en arbeidsmarkt door in te zetten op:

  • Samenwerking met onderwijsinstellingen (vo, mbo en hbo) en het bedrijfsleven op leven lang ontwikkelen, doorlopende leerlijnen en hybride onderwijs in de stad.
  • Bedrijfsscholen als de ‘De Logistieke Leerweg’ die in september is gestart op het Prismaterrein Bleizo. Het is een samenwerking tussen mboRijnland, mbo Oostland, Lentiz, zeventien logistieke bedrijven rondom de A12 corridor en de Binnenbaan. 

4.    Iedere volwassen inwoner beschikt over voldoende basisvaardigheden. Om zelfstandig en actief deel te kunnen nemen in onze samenleving is het nodig om te beschikken over een goede beheersing van de Nederlandse taal, een basisrekenvaardigheid en digitale vaardigheden. Het vergroten van deze basisvaardigheden vindt plaats door:

  • Het blijven werken aan het bereiken van nog meer mensen zodat zij deel gaan nemen aan het aanbod. Vooral in de groep met Nederlands als moedertaal 
    Het innovatieve traject met het Thrive instituut heeft handvaten aangereikt om deze NT1-groep te vinden en te bereiken. Het onderzoek heeft ook aangetoond dat door middel van een integrale aanpak er intern bij de gemeente stappen gezet kunnen worden om alle inwoners van Zoetermeer zo goed mogelijk te informeren, ongeacht het taalniveau.
  • Het opzetten van een versterkte samenwerking van de taalketens door het Digi-Taalhuis. Verder is er een meerjarenbeleidsplan vastgesteld waarin de visie om nog meer kansen te bieden aan inwoners centraal staat. Daarnaast is er uitgebreid stilgestaan bij de Week van het Lezen en Schrijven, waar het Digi-Taalhuis in samenwerking met Stichting Lezen en Schrijven een campagne voor gemaakt heeft. 

% VVE-kinderen dat een meer dan gemiddelde leerwinst boekt (Realisatie 2021)

Bron: Jaarlijkse monitor VVE Zoetermeer
Type 2020 2021
Begroting 46 % 46 %
Realisatie 51 % 31 %

Trendgrafiek % VVE-kinderen dat een meer dan gemiddelde leerwinst boekt (Realisatie 2021)

Bron: Jaarlijkse monitor VVE Zoetermeer

Toelichting
Doel gehaald: Nee
Toelichting: Het streven van 45% VVE-kinderen met een meer dan gemiddelde leerwinst, bij peuters en kleuters met onderwijsachterstanden, is niet behaald. Dit komt met name door de gevolgen van COVID-19 en de tijdelijke sluiting van de speeltaalhuizen en het onderwijs. Er is flankerend beleid uit o.a. middelen NPO ingezet om de achterstanden te verkleinen. 
Bij de behaalde resultaten moeten wel een paar kanttekeningen worden gemaakt. In 2021 zijn de meeste speeltaalhuizen overgestapt op een andere manier van resultaatmeting. Sinds 2021 worden de resultaten van de peuters niet meer bepaald op basis van de Cito scores, maar op basis van de gegevens uit het kindvolgsysteem. Het onderwijs is een paar jaar geleden ook overgestapt op deze manier van resultaatmeting. Dit leidde toen ook tot lagere percentages meer dan gemiddelde leerwinst. De resultaten worden ook beïnvloed doordat dat er veel minder toetsen zijn afgenomen bij de peuters. Om de leerwinst te kunnen bepalen, zijn de gegevens van twee toetsmomenten nodig. In veel gevallen waren een of beide toetsen niet afgenomen, waardoor de resultaten niet berekend konden worden. 

Doelstelling 1.2 Beperken uitval in het onderwijs

Jongeren met een afgeronde opleiding hebben meer kansen om zijn of haar leven op eigen wijze vorm te geven, dus dat gunnen we ze allemaal. De regionale doelstelling is dat alle jongeren een gelijke kans verdienen op een duurzame plek op de arbeidsmarkt en dat zij goed kunnen meekomen in onze samenleving. Via de aanpak van ongeoorloofd schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten dragen we er daarom aan bij dat zoveel mogelijk jongeren een startkwalificatie halen. Voor die jongeren waar terugkeer naar school echt geen optie is, realiseren we een vlotte doorstroom naar de arbeidsmarkt. Daarbij richten we ons ook op de jongeren uit het praktijkonderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en de entree-opleidingen, de zogenaamde ‘Jongeren in een kwetsbare positie’. Wat hebben we hiervoor gedaan?

  • Om schooluitval en thuiszitten te voorkomen is het afgelopen jaar gewerkt aan een betere verbinding tussen Jeugd- en Gezinshulp (JGH) en het primair onderwijs. Zo zijn er vaste medewerkers JGH gekoppeld aan het speciaal (basis) onderwijs en hebben, over en weer, voorlichtingen en wijkgerichte bijeenkomsten plaatsgevonden. Het samenwerkingsverband passend onderwijs vo heeft de stap gezet om jongeren die niet meer in onderwijs, maar volledig in behandeling en/of dagbesteding zitten, waar mogelijk actief te volgen om te kijken of ingroei in onderwijs nog mogelijk is. Hierdoor wordt de integrale aanpak jongeren versterkt.
  • Binnen de aanpak voorkomen schoolverlaten en aansluiting onderwijs – arbeidsmarkt, wordt ook extra ingezet op jongeren in een achterstandssituatie. Zo is er extra ondersteuning ingezet bij de overgang van primair- naar voortgezet onderwijs en van voortgezet onderwijs naar het middelbaar beroepsonderwijs. Voor de aansluiting met de arbeidsmarkt biedt de Leerwerkmakelaar extra begeleiding bij het vinden (en behouden) van leerbanen voor (kwetsbare) mbo-studenten. 
  • In het kader van de COVID-19 maatregelen is afgelopen jaar vanuit de aanpak jeugdwerkloosheid door mboRijnland en gemeente extra inzet gepleegd om ook gekwalificeerde schoolverlaters aan een baan te helpen. Dit vond plaats door belacties met afgestudeerde studenten en matchingstafels met alle betrokken partijen, zoals stagebegeleiders, WSP, Leerwerkmakelaar, RMC. In de praktijk bleek de ondersteuningsbehoefte bij het vinden van een baan niet te zijn toegenomen door COVID-19. Succesvolle elementen van deze aanpak worden ingebed in de begeleiding vanuit het mbo.
  • Het gezamenlijk programma Sterk Techniekonderwijs (STO) Vmbo met het mbo en bedrijfsleven biedt leerlingen vroegtijdig de kans bij de bedrijven in de praktijk te leren, ongeacht hun achtergrond. Dit draagt ook bij aan de kansengelijkheid. Door COVID-19 zijn er landelijk vertragingen opgelopen bij het programma STO. In 2021 heeft de uitgestelde kick-off plaatsgevonden, waarbij vmbo-leerlingen uit het eerste jaar op bezoek gingen bij de aangesloten techniekbedrijven. Voor de stakeholders waren er lezingen vanuit organisaties als TU Delft en de Digitale Overheid. 
  • De gemeente Zoetermeer heeft zich in het voorjaar 2021 aangesloten bij het samenwerkingsverband Centrum voor Innovatief Vakmanschap (CIV) Entree van mboRijnland. Hiermee wordt een impuls gegeven aan hybride leeromgevingen voor jongeren van mbo-niveau 1 en 2. De focus ligt op kansrijke sectoren in Zoetermeer met banenkansen voor deze kwetsbare doelgroep.

Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) in afgelopen schooljaar: % van alle deelnemers aan vo/mbo-onderwijs (Realisatie 2021)

Bron: VSV-Atlas (OCW) Jaarverslag leerplicht/ RMC
Type 2020 2021
Begroting 2,6 % 2,5 %
Realisatie 2,69 % 2,27 %

Trendgrafiek Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) in afgelopen schooljaar: % van alle deelnemers aan vo/mbo-onderwijs (Realisatie 2021)

Bron: VSV-Atlas (OCW) Jaarverslag leerplicht/ RMC

Toelichting
Doel gehaald: Ja
Toelichting: Hoewel de verwachting was dat door COVID-19 meer jongeren zouden uitvallen, bleek deze vrees ongegrond. Als jongeren voortijdig uitvielen, kozen ze vaker voor een nieuwe opleiding dan aan het werk te gaan. Nog nooit is dit percentage zo laag geweest. 

Doelstelling 1.3 Bevorderen van een beter vestigings- en ondernemersklimaat

Impact COVID-19 werkzaamheden economie
Ondernemers konden ook in 2021 gebruik maken van de lokale maatregelen die zijn genomen om de economische activiteiten van ondernemers te verbreden. Doel van de maatregelen was omzetverbetering gedurende COVID-19 (voorbeelden: extra standplaatsen, terrasuitbreiding en online B2C en B2B activiteiten).

In tegenstelling tot 2020 zijn dit jaar de vragen over COVID-19 afkomstig van ondernemers afgenomen. Ondernemers met vragen konden daarvoor terecht bij het ondernemersloket. Gedurende 2021 is daar vanuit economie 0,5 fte ingezet. Er is een bijdrage geleverd aan het Regionaal Mobiliteitsteam en de aanpak voor ondersteuning bij heroriëntatievragen van ondernemers. De vraag om ondersteuning kwam vooral uit de branches: taxi-bedrijven, marktkooplui, persoonlijke dienstverlening, zakelijke dienstverlening (met name coaches) en de evenementen branche.

In Zuid-Holland heeft de COVID-19crisis een grote impact op de economie, maar ze herstelt zich voorzichtig vanaf medio 2021. Dat blijkt uit de Economische Monitor 2021 van de Economic Board Zuid Holland (EBZ). Bedrijven investeerden en het ondernemersvertrouwen is minder negatief dan begin dit jaar en een jaar geleden. Met name de horeca, evenementen-organisaties en kleine ondernemer blijven het zwaar hebben. De steunmaatregelen NOW en TVL zijn voor de periode november en december weer operationeel. Onduidelijk is wat lokaal de totale economische gevolgen van COVID-19 zijn voor de verschillende sectoren en hoe snel ondernemers die genoodzaakt werden tot het afsluiten van leningen, die weer kunnen afbetalen. Volgens EBZ laten voorlopige onderzoeksresultaten zien dat als gevolg van COVID-19 de economische verschillen tussen bedrijfstakken, bevolkingsgroepen en regio’s zijn toegenomen. 

Vorig jaar was in Zoetermeer het aantal faillissementen 20. Het aantal geregistreerde faillissementen in Zoetermeer tot en met het derde kwartaal dit jaar is 9. Dit duidt op een relatief weerbare economische structuur van Zoetermeer en een positief effect van de verschillende steunmaatregelen, zowel lokaal als van de Rijksoverheid. Daar waar mogelijk worden de ondernemers ondersteund, gefaciliteerd en begeleid.

Investering ondernemersklimaat:

  • Het gemeentelijke corona-ondernemersloket is nog steeds operationeel. Gelet op de omvang en de aard van de vragen is de inzet vanuit economie 0,5 fte.
  • Relevante informatie voor ondernemers over de verschillende steunmaatregelingen is geplaatst op de ondernemerswebsite van Ter Zake het Ondernemershuis, op scalebooster.nl (voor start- en scale-ups) en de gemeentelijke website. Ook andere voor ondernemers relevante informatie is daarop te vinden, zoals: Webinars en bijeenkomsten.

Naast het ondersteunen van ondernemers in tijden van COVID-19 is ook uitvoering gegeven aan de ambities uit de economische agenda gericht op:

  1. Impuls geven aan de kenniseconomie
  2. Het versterken van het vestigingsklimaat

Concreet is ingezet op:

Werklocaties

  • De bedrijveninvesteringszone (BIZ) van de vastgoedeigenaren in de Dorpsstraat is voortgezet. Er is een nieuwe BIZ opgericht door de gevestigde ondernemers. Gedurende 5 jaar (2022-2026) gaan de vastgoedeigenaren en ondernemers gezamenlijk € 600.000, - investeren om de Dorpsstraat nog aantrekkelijker en bereikbaarder te maken voor bezoekers en ondernemers. De gemeente faciliteert de BIZ-en waar mogelijk.
  • In het bestemmingplan Stadscentrum/Dorpsstraat zijn de planologische voorwaarden gecreëerd voor een compacte en levendige Dorpsstraat met de toevoeging van de woonbestemming in de aanloopstraten. 
  • Het toekomstperspectief van de winkelcentra Seghwaert, Leidsewallen en De Leyens is onderzocht. De rapportage met conclusies en aanbevelingen is in maart 2021 opgeleverd.
  • Vanuit het COVID-19 herstelbudget is de subsidieregeling Digitaliseringsvoucher MKB voor retail en horeca opgezet. Van deze regeling wordt gebruik gemaakt door zelfstandig ondernemers om te investeren in o.a. hun online vindbaarheid. Zie verder ook de tekst onder ’samenwerking in de regio’.
  • Eind 2021 is voor de bedrijventerreinen Rokkehage en Hoornerhage een provinciale subsidie aangevraagd voor planvorming, inventarisatie en opstart van de organisatiegraad.
  • De Dag van de Ondernemer op 19 november 2021 was een groot succes. In samenwerking met Netwerk Zoetermeer is een radioprogramma voor en door ondernemers vormgegeven. Daarnaast zijn 80 ondernemers uit de stad in het zonnetje gezet voor hun onderscheidend en/of sociaal betrokken ondernemerschap in 2021.

Start- & scale-ups

  • De themawebsite scalebooster.nl is actueel gehouden en uitgebouwd met een kennisbank en een agenda met actuele relevante events en Webinars.
  • Er zijn 28 bedrijven uit de doelgroep start- en scale-ups in de IT-sector proactief benaderd over ondersteuning van hun groeiambitie. 18 ondernemers willen aangehaakt blijven op het scale-booster programma.
  • Er is gestart met de begeleiding van twee ondernemersinitiatieven van studenten van de Haagse Hogeschool in de Dutch Innovation Factory.
  • In november is het eerste offline “Level-Up! Event” voor start- & scale-ups uit Zoetermeer georganiseerd in samenwerking met de Dutch Innovation Community. 
  • Met de incubators in Zoetermeer zijn mogelijkheden voor verdere samenwerking verkend. Ook zijn de huisvestingsmogelijkheden voor startups in Zoetermeer geïnventariseerd. Een tegenslag is dat Grey Valley, incubator in de vergrijzingszorg op het Dutch Innovation Park, per december 2021 is gestopt met haar activiteiten als gevolg van de aanhoudende COVID-19-crisis.
  • Met partners in het start- & scale-up ecosysteem, waaronder Innovation Quarter, MRDH, Up!Rotterdam en gemeenten, is een verkenning naar versterking van de regionale samenwerking gestart.

Ondernemerspeiling

Samenwerking in de regio

  • A12 corridor
    De evaluatie van de samenwerking is afgerond. Conclusie is dat de samenwerking in de A12-corridor meerwaarde heeft voor de betrokken partijen. De samenwerking wordt voortgezet, maar met aangescherpte focus en verdeling van rollen en verantwoordelijkheden. Dit vergt afstemming en vastlegging van nieuwe afspraken.
  • Innovation Quarter (IQ)
    Samen met IQ is er in 2021 gewerkt aan het acquireren van binnenlandse en buitenlandse bedrijven om zich te vestigen in Zuid-Holland en bij voorkeur in Zoetermeer. Er zijn gezamenlijke bedrijfsbezoeken afgelegd (voorbeelden: Draeger en Atos Medical). Over en weer wordt informatie gedeeld en nieuwe vestigers worden vanuit de gemeente in contact gebracht met IQ of juist andersom (voorbeeld: Topcon Global Positioning Systems). Daarnaast is ingezet op meer strategische samenwerking met Innovation Quarter en de Economic Board Zuid-Holland op het start-up/scale-up programma (Scalebooster), de campusontwikkeling Dutch Innovation Park en strategisch accountmanagement.
  • BusinessParkHaaglanden (BPH)
    De toetreding van Zoetermeer tot stichting BPH is geformaliseerd. Het jaarplan voor 2021 is vastgesteld met focus op het verder professionaliseren van het regionale bedrijvenloket, intensiveren van de samenwerking met adviseurs en het delen van kennis op een aantal specifieke inhoudelijk thema’s. 
  • Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH)
    De COVID-19-crisis heeft grote impact op de economie van de metropoolregio. De focus in de regio lag op samenwerking en het ontwikkelen van projecten, die zowel bijdragen aan het economisch herstel na de COVID-19-crisis als aan de transitie naar een nieuwe economie. Een belangrijk programma is ‘Sterker uit de crisis’, dat zich richt op vier economisch maatschappelijke thema’s. Zoetermeer is aanjager van twee projecten uit dit programma. 
    Ten eerste is dat het project ‘Innoveren met data voor het MKB’. Dit is opgezet in samenwerking met de MKB Digiwerkplaats, Haagse Hogeschool in de Dutch Innovation Factory (DIF) en met steun van Netwerk Zoetermeer en IQ. Voor dit project heeft de gemeente van de MRDH een bijdrage ontvangen van € 75.000, -, dat als subsidie is doorgezet naar de Haagse Hogeschool. Zij voert het project uit. 
    Het tweede project is een samenwerking met de gemeenten Capelle aan den IJssel, Den Haag en Schiedam om een subsidieregeling op te zetten (provinciale MKB-Deal). Deze Digitaliseringsvoucher MKB is een stimulans voor ondernemers om een digitaliseringsvraagstuk op te pakken in hun bedrijf. De MRDH heeft hiervoor een bijdrage geleverd van € 96.000, -. De provincie draagt 50% bij aan de vouchers. In 2021 zijn er door de gemeente Zoetermeer 11 subsidieaanvragen gehonoreerd. 

Rapportcijfer over de dienstverlening van de gemeente aan ondernemers in Zoetermeer (Realisatie 2021)

De waardering van Zoetermeerse ondernemers voor het ondernemingsklimaat. 

Bron: Ondernemerspeiling
Type 2020 2021
Begroting 6,5 6,5
Realisatie 6,5 6,5

Toelichting
Doel gehaald: N.v.t.
De ondernemerspeiling wordt eenmaal per 2 jaar herhaald, het rapportcijfer is dus voor 2021 hetzelfde als voor 2020. In de tweejaarlijkse verkiezing MKB-vriendelijkste gemeente van MKB-Nederland (20220 -2021) is Zoetermeer verkozen door de ondernemers tot MKB vriendelijkste gemeente van Zuid-Holland. Zuid-Holland bestaat uit 51 gemeenten. Ondernemers hebben de gemeente beloond met het cijfer 7,5.

Doelstelling 1.4 Bevorderen groei werkgelegenheid

Strategie werklocaties

  • Er is gestart met een inventarisatie naar een verdere optimalisering van het ruimtegebruik op de noordelijke bedrijventerreinen. Bekeken wordt waar ruimtewinst kan worden behaald om in te zetten voor economische functies en waar het verantwoord is om functies te mengen. De resultaten worden meegenomen in de gebiedsvisie Van Tuyllpark e.o., voor een integrale afweging van het ruimtegebruik.
  • De monitor waarmee de ontwikkeling van de key performance indicatoren uit het kerndocument strategie werklocaties wordt gevolgd, is opgeleverd.

Stimuleren leven lang ontwikkelen

  • Voor de kernsector logistiek is eind 2021 een inventarisatie gestart onder de gevestigde bedrijven in Zoetermeer. Onder andere worden samenwerkingsverbanden tussen ondernemers en de vraag naar personeel in kaart gebracht.

Toename aantal arbeidsplaatsen (Realisatie 2021)

Bron: Gemeentelijke database
Type 2020 2021
Begroting 500 372
Realisatie 896 474

Toelichting
Doel gehaald: Nee
Volgens het regionale werkgelegenheidsregister is het aantal arbeidsplaatsen in 2021 toegenomen. In totaal met 474 arbeidsplaatsen naar 53.142 (0,9%). De doelstelling voor 2021 om het aantal arbeidsplaatsen toe te laten nemen met 500 is daarmee niet behaald. Deze minder sterke groei was te verwachten als gevolg van COVID-19. 
De vier sterke sectoren bieden 34.200 arbeidsplaatsen. Dat waren er vorig jaar 33.705 (495 minder). In de vier sterke sectoren zijn het aantal arbeidsplaatsen dus toegenomen. Binnen deze sectoren treedt de grootste toename op in de sector Health. Namelijk van 5.861 naar 6.316 arbeidsplaatsen (455). Voor de overige sectoren geldt: 
•     Geringe groei logistiek en handel: 22 arbeidsplaatsen (van 11.683 naar 11.705) 
•     Zeer geringe groei bouw & installatie: 8 arbeidsplaatsen (van 2.397 naar 2.405) 
•     Zeer geringe groei ICT & dienstverlening: 10 arbeidsplaatsen (van 13.764 naar 13.774) 

De volgende belangrijke bedrijven (niet uitputtend) zijn behouden dan wel binnen de gemeentegrenzen van Zoetermeer gevestigd: Siemens Mobility (verduurzaamd pand), Cegeka (na overname door KPN consulting), Lamboo Medical (bezig met nieuwbouw op Dutch Tech Campus), CAE/RB Aero (Canadian Aviation Electronics heeft RB Aero overgenomen, maar blijft in Zoetermeer gevestigd), Piet de Wit snacks (laat nieuw pand bouwen en blijft in Zoetermeer), Albeka (recent nieuw bedrijfspand gebouwd), Specs (gaat uitbreiden op locatie) en AIVD (uitbreiding van bestaande activiteiten). Nieuw in Zoetermeer is Topcon Positioning Europe. Helaas zijn er ook bedrijven vertrokken waaronder Neptune Energy.

Doelstelling 1.5 Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie

Re-integratiebeleid en uitvoering
In 2021 is er uitvoering gegeven aan de nota ‘Meedoen met meerwaarde’. De re-integratietaken zijn sinds 1 januari 2021 overgegaan naar de Binnenbaan. 

Bijstandsvolume ontwikkelingen
2021 was een jaar van tegenstellingen. Enerzijds was er nog steeds COVID-19 dat veel ondernemers in het nauw bracht als gevolg van lockdowns. Anderzijds waren de omstandigheden op de arbeidsmarkt nog nooit eerder zo gunstig voor zowel werkzoekenden als ondernemingen. Dat laatste blijkt vooral uit het extreem lage aantal faillissementen en de hoge economische groei van Nederland. Natuurlijk hebben niet alle sectoren kunnen profiteren van deze gunstige omstandigheden, maar de gemeentelijke doelgroep (bijstand) moet worden bezien ten opzichte van de gehele economie en niet alleen ten opzichte van de sectoren die het lastig hebben gehad. Per ultimo 2021 was ca. 1 % van het bijstandsvolume COVID-19-gerelateerd in de vorm van zelfstandigen die doorstroomden vanuit Tozo naar bijstand. Ca. 10% van het bijstandsvolume bedroeg vergunninghouders. Eveneens ca. 10% bedroeg het aantal arbeidsbeperkten (dat nog niet aan het werk is d.m.v. loonkostensubsidie), dat volgens de definitie van de Participatiewet als arbeidsbeperkt kan worden gezien c.q. waarvoor een specifieke re-integratieaanpak op van toepassing is. Ruim 30% van de bestandsgerechtigden was ouder dan 55 jaar. Ruim 20% zit meer dan 10 jaar in de bijstand, waarvan weer ruim 20% (4% van het totaal) langer dan 20 jaar. Er is sprake van overlap tussen voorgenoemde percentages.
Vanwege het gunstige arbeidsklimaat is het volume in de bijstand in 2021 met 2,7% gedaald. Er stroomden net als voorgaande jaren minder mensen in de bijstand. De instroom was bovendien lager dan verwacht. Er hoefden dus minder mensen weer uit te stromen.  De uitstroom naar werk is daarom lager dan voorgaande jaren.

Van kijken naar zien
Wát er in gesprekken tussen burgers en professionals gebeurt, blijft vaak onderbelicht. Om de kwaliteit van gespreksvoering te vergroten is reflectie op gespreksvoering van belang. In het project Van Kijken naar Zien gebeurt dit door het bespreken van opnames van gesprekken. Klantmanagers doen dit samen met collega’s, klanten en onderzoekers. De gemeente vindt het heel belangrijk om dit te onderzoeken en er is in 2020 een start gemaakt met het project. 
In 2021 is het project ‘Van kijken naar zien’ afgerond. Doel van het project Van Kijken Naar Zien is de ontwikkeling van een methodiek om het vakmanschap van klantmanagers te verdiepen, verbreden en verankeren door middel van zelf- en samenreflectie op basis van opnames van gesprekken tussen klantmanagers en klanten. 
De onderzoeksresultaten zijn als positief ervaren en uit de onderzoeksresultaten hebben we gezien dat de methode die gehanteerd wordt bij van kijken naar zien, toepasbaar is binnen het brede sociaal domein. Dat betekent dat het niet alleen een instrumentarium is voor gesprekken binnen de re-integratie. Naast implementatie bij de Binnenbaan, volgt dit ook binnen het Sociaal Domein breed.

Banenafspraak en SROI
De rekenkamercommissie heeft in 2021 een onderzoek laten uitvoeren naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van de wijze waarop Zoetermeer vormgeeft aan de Wet banenafspraak en SROI.

Doel van het onderzoek is om de raad inzicht te geven in de mate waarin de Wet banenafspraak en SROI in Zoetermeer gerealiseerd worden.
Door de RKC zijn de volgende aanbevelingen gedaan:

  • Blijf toezien op de naleving van de verplichtingen die voor de gemeente uit de Wet banenafspraak voortvloeien. Maak de ambtelijke organisatie bewust van vooroordelen en onterechte aannames tegen mensen uit de doelgroep van de banenafspraak. Benadruk tevens het feit dat deze wet ook kansen biedt omdat mensen bovenformatief kunnen worden aangenomen.
  • Zorg voor heldere afspraken over de financiering om mensen uit de banenafspraak bovenformatief aan te nemen. Benut het beschikbare budget voor het ondersteunen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt (doelgroep van de banenafspraak) effectief om nieuwe mensen uit deze doelgroep te plaatsen.
  • Het opstellen van aanvullend beleid met SMART doelstellingen voor mensen uit de banenafspraak kost weliswaar tijd en moeite, maar maakt monitoring en sturing gemakkelijker. De rekenkamercommissie beveelt daarom aan om de monitoring van de banenafspraak en van SROI zodanig in te regelen, dat uitspraken kunnen worden gedaan over doeltreffendheid en doelmatigheid van deze instrumenten in Zoetermeer. 
    • Met betrekking tot de monitoring van de Wet banenafspraak beveelt de rekenkamercommissie aan om de specifieke opbrengst voor Zoetermeer inzichtelijk te maken en zo het sturen op maatschappelijk rendement gemakkelijker volgbaar te maken voor de raad. 
    • Voor een scherpere monitoring op SROI beveelt de rekenkamercommissie aan om na te gaan of het instellen van een centraal inkoopregister behulpzaam is. Dit op basis van de constatering dat het werken met de bouwblokkenmethode in het inkoop- en aanbestedingsbeleid efficiënt en goed werkbaar lijkt voor de betrokken partijen.

Deze aanbevelingen zijn overgenomen en vanaf 2022 wordt een start gemaakt aan het uitvoeren van deze aanbevelingen. 

Arbeidsmarkregio ZHC 
De gemeente Zoetermeer is centrumgemeente van de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC). Het jaar 2021 heeft voor de arbeidsmarktregio ZHC grotendeels in het teken van COVID-19 gestaan. De prognoses voorspelden een hoge instroom van werklozen. Van de arbeidsmarktregio’s werd daarom gevraagd om een Regionaal Mobilteitsteam in te richten om zo dienstverlening te organiseren aan inwoners die hun werk dreigden te verliezen of recent waren verloren. Vanuit UWV, vakbonden, gemeenten en onderwijspartijen is (o.a.) een team samengesteld, zijn afspraken gemaakt over gegevensuitwisselingen, het beheren van de financiën, het inzetten van communicatie-uitingen. Halverwege het jaar werden de prognoses bijgesteld en ontstond juist krapte op de arbeidsmarkt. Dit maakte dat het team actief op zoek ging naar inwoners die wel behoefte hebben aan dienstverlening maar via de bestaande organisaties niet of beperkt in aanmerking komen voor dienstverlening (zelfstandig ondernemers, niet-uitkeringsgerechtigden, recent afgestudeerden). De nadruk van de dienstverlening kwam hiermee te liggen op omscholing naar ander werk en het versterken van ondernemingen. Via de ‘Wat als’ campagne worden inwoners verleid om de overstap te maken naar beroepen waar krapte aan personeel is.

Er is in 2020 en 2021 ervaring opgedaan met het dienstverleningsconcept HalloWerk. Dit dienstverleningsconcept heeft als doel om werkgevers en werkzoekenden op een andere manier met elkaar in contact te laten komen, namelijk door te matchen op vaardigheden en competenties (en minder op basis van werkervaring en opleiding). De pilot van HalloWerk is in februari 2022 afgerond en geëvalueerd. De geleerde lessen worden verder uitgewerkt bij het regionaal succesvol matchen en de landelijke ontwikkelingen rond matchen op skills. 

De Binnenbaan BV
De Binnenbaan BV richtte zich in 2021 op de ontwikkeling van de dienstverlening en het uitbouwen van de transformatie. Daar is in het eerste jaar van De Binnenbaan een begin mee gemaakt. In de doorontwikkeling van de organisatie werd al snel duidelijk dat er veel te doen was, en nog steeds is. Dit is een fusieproces dat geruime tijd in beslag neemt. Het op orde krijgen van de basis van de organisatie kost tijd en legt druk op de resultaten. Er zijn belangrijke vorderingen gemaakt. Zo is de ‘governance’ verder ingericht, het bedrijfsplan met daarin de belangrijkste ontwikkelsporen vastgesteld en zijn nieuwe werkprocessen geïmplementeerd. Tegelijkertijd is er een begin gemaakt met de transformatie, oftewel: de nieuwe manier van werken. Als onderdeel van de kandidaatroute is De Startbaan geïmplementeerd. In dit innovatieve traject wordt werken, trainen en testen gecombineerd, waardoor een uitgebreid beeld van de kandidaat ontstaat en passende ondersteuning kan worden geboden. Ook is in 2021 volop ingezet op het analyseren van het volledige bestand), met hulp van de zelfredzaamheidsmatrix (ZRM).

De Binnenbaan BV heeft in 2021 als ambitieus fusiebedrijf nieuwe vestigingslocaties betrokken, nieuwe re-integratiemethoden ontwikkeld, is op andere ICT-systemen is overgegaan en heeft nieuwe werksoorten aangetrokken. 
De arbeidsmarkt is goed, maar sluit vaak niet aan op wat onze mensen al kunnen. Onze kandidaten komen steeds beter in beeld, en daardoor ontdekken we ook dat zij meer nodig hebben dan ‘standaard’ dienstverlening. Dit vraagt van De Binnenbaan een extra investering in kennis over en begeleiding van de verschillende (groepen van) kandidaten. Het werken met het nieuwe re-integratietraject Startbaan heeft geleerd dat de benodigde begeleiding vaak intensiever en complexer is, en dat regulier werk veelal (nog) niet passend is.

De Binnenbaan BV heeft een uitdagend opstartjaar gehad. Door COVID-19 konden veel kandidaat contacten alleen digitaal plaatsvinden. De plaatsingsmogelijkheden bij externe werkgevers namen door vermindering bedrijfsactiviteiten af en er waren minder trajecten realiseerbaar. Ook het doelgroep vervoer was maar beperkt mogelijk. Dankzij de rijkssteun en verminderde uitgaven aan re-integratietrajecten kon de terugval in netto toegevoegde waarde door verminderde omzet worden opgevangen.
De instroom van nieuwe kandidaten met een korte afstand tot de arbeidsmarkt was klein, met als gevolg dat de mogelijkheden voor uitstroom vanuit het bestand naar werk afnamen.
2021 heeft in teken gestaan van het op orde krijgen van de basis. Veel tijd is gaan zitten in de conversie van het ICT-systeem, de teambuilding van de medewerkers en de screening van het kandidatenbestand. Ook is de verhuizing naar de nieuwe productie- en kantoorlocatie gerealiseerd.

De nieuwe wet inburgering
De ingangsdatum van de nieuwe Wet inburgering 2021 is verschoven naar 1 januari 2022. De minister heeft verzocht om vanaf 1 juli 2021 te werken in de geest van de nieuwe wet.
Zoetermeer heeft dit gedaan door nieuwe vergunninghouders financieel te begeleiden. 
Om duidelijk te krijgen of er een integratieprobleem is met de groep vergunninghouders die onder de Wet inburgering 2013 zijn ingeburgerd, is er een scan gestart. 
Alle vergunninghouders, in totaal ruim 750, worden uitgenodigd voor een gesprek over hun financiële situatie, hun dagbesteding en de beheersing van de Nederlandse taal. Op 31 december 2021 zijn er bijna 300 mensen gesproken.
Slechts één iemand heeft grote financiële problemen en is gemeld bij schuldhulpverlening, ruim een derde heeft taalondersteuning nodig en ook een derde heeft maatschappelijke ondersteuning.
Deze inzichten worden meegenomen naar de invulling van de WI 21. Het aangenomen raadsvoorstel ziet toe op een inburgeringsstelsel gericht op zo snel mogelijk zelfstandige deelname aan de Nederlandse maatschappij.
Genoemd in jaarrekening 2020 is de pilot, deze is in 2021 afgerond.

Pilot veranderopgave inburgering
Het Ministerie van SZW heeft in aanloop naar het nieuwe inburgeringsstelsel een pilotprogramma opgezet om lessen op te halen voor de verdere inrichting van een adaptief inburgeringsstelsel en gemeenten voor te bereiden op de implementatie van de nieuwe wet. 
Het Ministerie van SZW wilde gemeenten faciliteren bij het evalueren van deze lopende initiatieven, zodat het nieuwe stelsel kan profiteren van de praktijkervaring die al is opgedaan door gemeenten. 
Zoetermeer heeft de pilot financieel ontzorgen doorlopen, samen met Lansingerland, en is afgerond met een evaluatie op verzoek Rijksoverheid in september 2021. 
Insteek was het doorbetalen van de vaste lasten gedurende zes maanden en het vergroten van de financiële kennis van nieuwe statushouders.
Dankzij deze pilot gaat Zoetermeer voor inzetten op het vergroten van de financiële zelfredzaamheid van deze doelgroep door middel van budgettrainingen.

% Arbeidsparticipatie (Realisatie 2021)

Het aandeel (= percentage) werkenden van de totale bevolking is de arbeidsparticipatie.
Alle 15- tot 67-jarigen behoren tot de potentiële beroepsbevolking.
Bij het vaststellen van de arbeidsparticipatie wordt uitgegaan van een grens van 12 uur per week werken.

Bron: CBS
Type 2020 2021
Begroting 73,9 % 73,9 %
Realisatie 68,3 % 71,1 %

Toelichting
Doel gehaald: Nee
Toelichting: De stijging t.o.v. 2020 komt door de combinatie van een licht dalend volume van de beroepsbevolking in combinatie met een aantrekkende arbeidsmarkt.

Uitstroom naar werk (Realisatie 2021)

Bron: Suites4 SociaalDomein
Type 2020 2021
Begroting 410 375
Realisatie 191 209

Trendgrafiek Uitstroom naar werk (Realisatie 2021)

Bron: Suites4 SociaalDomein

Toelichting
Doel gehaald: Nee 
Toelichting: Door geringe instroom en beperking en bij re-integratie door corona  minder uitstroom 

Deeltijd werkenden met uitkering (Realisatie 2021)

Aantal uitkeringsgerechtigden dat op 31-12 inkomsten uit parttime werk heeft.

Bron: Suites4 SociaalDomein
Type 2020 2021
Begroting 500 700
Realisatie 650 506

Toelichting
Doel gehaald: nee
Toelichting: Het doel is niet gehaald als alleen gekeken wordt naar het aantal PW/IOAW uitkeringsgerechtigden zoals opgenomen in de tabel. 
De daling van het aantal PW/IOAW uitkeringsgerechtigden ten opzichte van 2020 wordt veroorzaakt doordat in deze krappe arbeidsmarkt meer mensen volledig uitstromen richting werk, ook mensen die al parttime werkten en daarnaast doordat de instroom in de bijstand van mensen die parttime werken momenteel op een laag niveau is. 
Tegelijkertijd zien we nog een groep in de bijstand voor wie parttime werken een grote opgave is. We zien dat voor hen parttime werken het hoogst haalbare is en dat er voor hen geen perspectief op duurzame uitstroom uit de bijstand is, ook niet in de huidige krappe arbeidsmarkt. 
Als we de cijfers van de Tozo-gerechtigden meenemen, dan is de doelstelling wel behaald. Dit is echter een corona-gerelateerde uitkering die voor het streefcijfer niet relevant is. Veel Tozo-gerechtigden hebben nog parttime werk. In 2020 betrof het 836 Tozo-gerechtigden en in 2021 349 Tozo-gerechtigden.

Uitstroom naar school (Realisatie 2021)

Aantal jongeren dat vanuit een bijstandsuitkering weer uitstroomt naar school.

Bron: Suites4 SociaalDomein
Type 2020 2021
Begroting 50 40
Realisatie 48 32

Toelichting
Doel gehaald:  Nee
Toelichting: 

Doelstelling 1.6 Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan

Inkomensvoorziening en minimabeleid

De gemeente verstrekt aan rechthebbenden (aanvullende) bijstandsuitkeringen voor levensonderhoud. Daarnaast heeft de gemeente verschillende inkomensondersteunende voorzieningen, om huishoudens met lage inkomens en dus een relatief grote kans op onvoldoende financiële middelen hiervoor, mee te laten doen in de samenleving. Zoals de ZoetermeerPas voor deelname aan culturele, sportieve en educatieve activiteiten, waaraan in 2021 ruim 9000 mensen deelnamen. Dat is ongeveer gelijk aan het aantal deelnemers in 2020. 
Andere inkomensondersteunende voorzieningen zijn bedoeld om huishoudens te ondersteunen in bepaalde kosten. Zoals met bijzondere bijstand voor onvoorziene noodzakelijke kosten. 
Of met de collectieve zorgverzekering (Gemeentepolis) voor mensen met een laag inkomen, met als doel dat deze groep goed verzekerd is. De verzekeraar geeft een korting en de gemeente betaalt vanuit de armoedemiddelen per deelnemer een deel van de premie. In 2021 is de gemeentelijke bijdrage verlaagd in het kader van maatregel 22 van ‘Ombuigen en Vernieuwen’. Voor de lichtere variantpolis (GarantVerzorgd1) is de gemeentelijke bijdrage verlaagd van € 15,00 naar € 8,00 per maand en voor de uitgebreidere variantpolis (GarantVerzorgd2) van € 33,00 naar € 23,00 per maand. Het aantal deelnemers is afgenomen van 4.411 in 2020 naar 4.325 in 2021.
Opgemerkt wordt dat besteedbaar inkomen, bijvoorbeeld volgens het Nibud, voor veel groepen steeds vaker een probleem is. Bijvoorbeeld door stijgende woonlasten en recent de energielasten en de inflatie die boodschappen duurder maakt. Hoewel de Gemeentepolis verhoudingsgewijs goedkoop is en bij de meest uitgebreide polis het eigen risico is meeverzekerd (wat wanneer dit geheel aangesproken wordt financieel zeer voordelig is), is het goed mogelijk dat meer huishoudens voor wie iedere euro telt, toch kiezen voor een zo goedkoop mogelijke basisverzekering buiten de gemeente om. Dit kan een verklaring zijn voor de terugloop in het aantal deelnemers. 

Schuldhulpverlening

Wat wilden we bereiken in 2021? 
•     Schulden bespreekbaar maken 
•     Vroegsignalering van schulden
•     Schuld oplossen door deze te saneren
•     Financiële rust bij multiprobleemhuishoudens

Wat hebben we bereikt in 2021? 

  • Aangepaste dienstverlening. Door de aanhoudende COVID-19-crisis bleef het risico op schulden voor inwoners in 2021 groot. Er waren minder aanmeldingen, net zoals er landelijk wordt waargenomen omdat mensen zich niet snel melden. In verband met de COVID-19-crisis en lockdown(s) gold een aangepaste digitale dienstverlening aangezien fysieke afspraken niet altijd mogelijk waren. Coulance werd geboden om trajecten niet te bemoeilijken. Vooral bij jongeren zetten we succesvol in op het vergroten van motivatie, kennis en laagdrempelige bereikbaarheid via social media. 
  • COVID-19-dienstverlening ondernemers. Team SHV is ook bij de COVID-19-ondersteuning aan ondernemers aangesloten om het bespreekbaar maken van geldproblemen eenvoudiger te maken, in het bijzonder voor ondernemers die een Tozo-uitkering hebben aangevraagd en in combinatie met werkgerelateerde vragen. Er is extra aandacht geweest voor een persoonlijke (telefonische) benadering omdat fysiek contact niet (altijd) kon worden geboden. Soms bleek tijd nemen om door te vragen op andere (psychische) problematiek in sommige gevallen nodig. 
  • Preventie-activiteiten om schulden bespreekbaar te maken. De preventiemedewerkers sloten aan bij de wijkgerichte aanpak om informatie en advies en preventie-activiteiten te bevorderen. Ze werkten samen met diverse maatschappelijke partners, scholen, vrijwilligers, onder andere door middel van fysieke aanwezigheid in de wijk en als vaste contactpersonen. Hierdoor zochten partners ze eerder als ingang voor vragen en het doorgeven van signalen over inwoners.
  • Schulden voortijdig in beeld. Per januari is de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening gewijzigd om een wettelijke grondslag te beiden voor gegevensuitwisseling voor vroegsignalering van schulden op vaste lasten (huur, water, energie, zorgverzekering). De pilot EMMA (Eerder melden, minder achterstanden) werd formeel afgerond. De samenwerking met vaste lasten partners is uitgebreid van zeven naar meer dan 40 signaalpartners. Door COVID-19 was het actief bereiken van mensen uitdagender en was het een hele tijd niet mogelijk (geweest) om ook daadwerkelijk op huisbezoek te gaan. Daadwerkelijk contact bekende ook niet per definitie dat mensen open stonden voor hulp.
  • Schulden makkelijker oplossen. We wilden het saneren van schulden meer gaan inzetten. De verkennende gesprekken met regionale kredietbanken hebben niet tot een definitieve pilot geleid. Ook omdat we in afwachting waren van de komst van het Landelijke Waarborgfonds die vertraging opliep. We konden wel doorgaan met inzet op het verkorten van doorlooptijden door het juridisch voorbereiden van aansluiting op de landelijke schuldhulpinititatieven Schuldenknooppunt en Collectief schuldregelen.
  • Vergroten financiële rust en financiële redzaamheid. We hebben veel aandacht geschonken aan laagdrempelige digitale zelfhulpinstrumenten die mensen zelf kunnen gebruiken om hun situatie in kaart te brengen en aan te pakken en zien het gebruik hiervan duidelijk toenemen (in brede zin: Nibud geldplannen en Geldfit.nl). De cursus ‘Omgaan met geld’ die vanwege COVID-19 in 2020 geen doorgaan kon vinden, is in de tweede helft van 2021 opnieuw gestart.

TONK
Het afgelopen jaar is aan 130 huishoudens voor een kleine € 360.000 in totaal aan TONK verstrekt. TONK staat voor Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten. Het betrof een verruimde vorm van bijzondere bijstand voor woonlasten (tegemoetkoming voor huur of hypotheek, waar aan de orde aangevuld met een bedrag voor servicekosten en VVE). 
TONK was voor huishoudens die door COVID-19 te maken hadden met een inkomensterugval en daardoor deze noodzakelijke kosten niet meer konden betalen uit het inkomen en waarvoor andere regelingen niet of onvoldoende soelaas boden of konden bieden. 
TONK is verstrekt voor de maanden januari tot en met september 2021. 

Aanpak uitkeringsfraude
In 2021 is, in navolging op het jaar 2020, verder ingezet op handhaving over de Tijdelijke Ondersteuning Zelfstandig Ondernemers (TOZO). In het kader van het Misbruik en Oneigenlijk gebruik beleid hebben er met betrekking tot alle uitkeringsperioden (TOZO 1 t/m 5) steekproefcontroles plaats gevonden.
Dit had uiteraard invloed op de gebruikelijke fraudeonderzoeken naar woon- en leefsituatie, inkomen en vermogen in het kader van de Participatiewet. 
Ook de COVID-19-maatregelen hebben de opsporing van uitkeringsfraude in 2021 gehinderd. Door de lockdown konden er bijvoorbeeld geen huisbezoeken plaatsvinden. 
De negatieve landelijke media-aandacht (o.a. de Wijdemeren affaire) heeft geen weerslag gehad op het werk van Controle & Opsporing. In Zoetermeer werd al gehandhaafd met oog voor de klant. 
Er is een vrijstelling van € 1.200 op jaarbasis voor giften gerealiseerd binnen het gemeentelijk beleid voor de burgers die aanspraak maken op een uitkering op grond van de Participatiewet.

Aantal bijstandsuitkeringen (Realisatie 2021)

Aantal bijstandsuitkeringen levensonderhoud per 31-12

Bron: Suites4 SociaalDomein
Type 2020 2021
Begroting 2450 3113
Realisatie 2665 2594

Toelichting
Doel gehaald: Ja
Het bijstandsvolume is dankzij de COVID-19-steunmaatregelen licht gedaald.

Bereik minimaregelingen uitgedrukt in % doelgroep (Realisatie 2021)

Bereik uitgedrukt in som van % doelgroep Zoetermeerpas / Collectieve ziekteverzekering / Kwijtschelding gedeeld door 3.

Bron: Gemeentelijke administratie
Type 2021 2020
Begroting 85 % -
Realisatie 63,1 % 67 %

Toelichting
Doel gehaald: Nee
Het bereik minimaregelingen als effectindicator is een gemiddelde van het bereik van drie regelingen collectief aanvullende verzekering, de ZoetermeerPas en kwijtschelding lokale belastingen.
Het bereik collectief aanvullende verzekering en de ZoetermeerPas zijn ten opzichte van 2020 vrijwel gelijk gebleven. Het bereik van kwijtschelding is enige procentpunten gedaald.

ZoetermeerPas 2020: 9.059 deelnemers (bereik 81%) ZoetermeerPas 2021: 9091 deelnemers (bereik 81%).
Collectieve 2020: 4.411 deelnemers (bereik 39,4%) Collectieve 2021: 4.325 deelnemers (bereik 39%).
Kwijtschelding 2020: 4.375 (veronderstelde doelgroep is 1,5 x de 101% groep huishoudens = 5.100. Dan is het veronderstelde bereik: 86%) Kwijtschelding 2021: 3561 (verondersteld bereik is 69%). Opgemerkt dat er in 2020 uitzonderlijk veel kwijtscheldingsverzoeken waren. 25% meer dan in voorgaande jaren. 
Gemiddeld bereik is dan 2020: (81+39,4+86) / 3 = 68,8% 2021: (81+39,4+69) / 3 = 63,1 %.

Gerealiseerde baten, lasten en saldo per doelstelling (inclusief reservemutaties)

Bedragen x €1.000
Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie baten lasten Rekening 2021
Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren (1.1) 9.248 -21.865 -12.616
Beperken uitval in het onderwijs (1.2) 600 -2.231 -1.632
Bevorderen van een beter vestigings- en ondernemersklimaat (1.3) 942 -1.797 -855
Bevorderen groei werkgelegenheid (1.4) 6 -299 -293
Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie (1.5) 1.937 -20.701 -18.763
Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan (1.6) 56.881 -70.478 -13.597

Voor een verklaring van verschillen tussen begroting en rekening wordt verwezen naar hoofdstuk Jaarrekening/Toelichting op het overzicht van baten en lasten.

Financiën op hoofdlijnen

De bestedingen voor de bijdragen aan maatwerk in kleren en spelen (doelstelling 1.1) bedroegen 12.5 mln. Aan het beperken van uitval in het onderwijs (doelstelling 1.2) werd 1,6 mln. uitgegeven. 

De bestedingen voor een beter een vestigings- en ondernemingsklimaat  (doelstelling 1.3) bedroegen 0,85 mln. Aan het bevorderen van de groei van de werkgelegenheid (doelstelling 1.4) werd 0,29mln. besteed.

Om duurzame arbeidsparticipatie te bevorderen (doelstelling 1.5) is in totaal 18,5 mln. besteed voor de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening  en het re-integreren van Participatiewet kandidaten. De bestedingen om in noodzakelijke middelen van bestaan te voorzien (doelstelling 1.6) bedroegen 12,3 mln. Hiermee werden de bijstandsuitkeringen en het minimabeleid betaald.