| Omschrijving | Boekwaarde 01-01-2023 |
Inves- teringen |
Desinves- teringen |
Afschrij- vingen |
Bijdragen van derden | Duurzame waarde- verminder. |
Boekwaarde 31-12-2023 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | 278 | 304 | -100 | -366 | 1.048 |
Immateriële vaste activa zijn investeringen die niet tastbaar zijn. Door wijziging in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) worden de voorbereidingskosten voor grondexploitaties vanaf 2016 geactiveerd als kosten van onderzoek en ontwikkeling. Na maximaal 5 jaar moeten de kosten hebben geleid tot een actuele grondexploitatie dan wel worden afgeboekt ten laste van het jaarresultaat. Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
| Omschrijving | Boekwaarde 01-01-2023 |
Inves- teringen |
Desinves- teringen |
Afschrij- vingen |
Bijdragen van derden | Duurzame waarde- verminder. |
Boekwaarde 31-12-2023 |
| Kosten voor onderzoek en ontwikkeling | 278 | 304 | -100 | -366 | 1.048 |
Materiële vaste activa zijn investeringen die een meerjarig nut hebben en in termijnen worden afgeschreven. Onderscheid wordt gemaakt tussen investeringen met een economisch nut en investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut.
In de toelichting bij de reserves is vermeld uit welke bestemmingsreserves middelen zijn onttrokken voor de (gedeeltelijke) dekking van de afschrijvingen van geactiveerde investeringen.
Investeringen met een economisch nut
Gronden uitgegeven in erfpacht
Dit betreffen de gronden die in erfpacht uitgegeven zijn, waarvoor jaarlijks een canon in rekening wordt gebracht. Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
| Omschrijving | Boekwaarde 01-01-2023 |
Inves- teringen |
Desinves- teringen |
Afschrij- vingen |
Bijdragen van derden | Duurzame waarde- verminder. |
Boekwaarde 31-12-2023 |
| Gronden en terreinen | 4.771 | 4.771 |
Overige investeringen met een economisch nut
Investeringen met een economisch nut zijn investeringen die kunnen bijdragen aan het genereren van middelen en/of verhandelbaar zijn. Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
| Omschrijving | Boekwaarde 01-01-2023 |
Inves- teringen |
Desinves- teringen |
Afschrij- vingen |
Bijdragen van derden | Duurzame waarde- verminder. |
Boekwaarde 31-12-2023 |
| Gronden en terreinen | 45.556 | 143 | 299 | 45.400 | |||
| Woonruimten | 899 | -143 | 5 | 751 | |||
| Bedrijfsgebouwen | 259.200 | 15.715 | 36 | 5.812 | 269.067 | ||
| Grond-/weg-/water- bouwkundige werken | 5.037 | 75 | 40 | 414 | 4.658 | ||
| Vervoersmiddelen | 742 | 110 | 103 | 749 | |||
| Machines, apparaten en installaties | 4.657 | 482 | 798 | 4.341 | |||
| Overige materiële vaste activa | 5.486 | 480 | 73 | 650 | 5.243 | ||
| afronding | -3 | -3 | |||||
| TOTAAL | 321.577 | 16.859 | 448 | 7.782 | 330.206 |
De belangrijkste investeringen > € 500.000 in 2023 waren:
| Omschrijving | |
| Bouw nieuw zwembad | 13.220 |
| Gebouw voormalig 2B-home Vernedepark | 921 |
| BW Amsterdamstraat 3 | 750 |
| Nieuwbouw schoolgebouw VO Van Doornenplantsoen | 531 |
De belangrijkste desinvesteringen > €500.000 in 2023 waren:
Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
Dit betreffen de boekwaarden van de begraafplaats (gronden, gebouwen en infrastructurele werken), de afvalinzameling (huisvuilauto’s, overige tractiemiddelen, mini- en ondergrondse containers) en de apparatuur voor het betaald parkeren. Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
| Omschrijving | Boekwaarde 01-01-2023 |
Inves- teringen |
Desinves- teringen |
Afschrij- vingen |
Bijdragen van derden | Duurzame waarde- verminder. |
Boekwaarde 31-12-2023 |
| Gronden en terreinen | 1.683 | 1.683 | |||||
| Bedrijfsgebouwen | 1.564 | 46 | 1.518 | ||||
| Grond-/weg-/water- bouwkundige werken | 2.333 | 74 | 2.259 | ||||
| Vervoersmiddelen | 265 | 1.486 | 65 | 1.686 | |||
| Machines, apparaten en installaties | 1.045 | 87 | 958 | ||||
| Overige materiële vaste activa | 6.300 | 293 | 281 | 6.312 | |||
| TOTAAL | 13.190 | 1.779 | 553 | 14.416 |
Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut
Investeringen met een maatschappelijk nut betreffen de investeringen die worden gedaan in met name groen, wegen en kunstwerken. Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
| Omschrijving | Boekwaarde 01-01-2023 |
Inves- teringen |
Desinves- teringen |
Afschrij- vingen |
Bijdragen van derden | Duurzame waarde- verminder. |
Boekwaarde 31-12-2023 |
| Grond-/weg-/waterbouwkundige werken | 36.893 | 10.765 | 848 | 561 | 46.249 |
De belangrijkste investeringen > €500.000 in 2023 waren:
| Omschrijving | |
| Asfalt verharding | 2.970 |
| Betonnen bruggen, viaducten en tunnels | 1.917 |
| Elementen verharding-vervanging | 3.798 |
| Entree Zoetermeer | 2.500 |
De belangrijkste bijdragen van derden > €500.000 in 2023 waren:
De aanleg van het vervoersknoop Bleizo wordt voor een groot deel gefinancierd door bijdragen vanuit de Metropoolregio Rotterdam Den Haag:
| Omschrijving | |
| Investeringsbijdrage | 245 |
Kapitaalverstrekking aan deelnemingen
De kapitaalverstrekking aan deelnemingen betreft het volgende:
| Omschrijving | Aantal | Nominaal (€) | Waarde (€) |
| NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG Bank) | 3.510 | 2,50 | 8.775 |
| De Binnenbaan | 980 | 100,00 | 98.000 |
| Stedin | 18.518 | 480,69 | 8.901.417 |
| TOTAAL | 9.008.192 |
Hiernaast bezit de gemeente nog de volgende aandelen die in de balans tegen € 0,00 zijn opgenomen:
| Omschrijving | Aantal | Aandeel | Nominaal (€) | Waarde (€) |
| Stedin | 116.280 | 2,06% | 0 | 0 |
| Dunea | 373.309 | 9,33% | 5 | 1.866.545 |
| TOTAAL | 1.866.545 |
Overige langlopende geldleningen
De overige langlopende geldleningen betreffen de volgende leningen:
| Omschrijving | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
| Startersleningen |
2.410 |
2.744 |
In 2023 zijn via het Stimuleringsfonds Vereniging Nederlandse Gemeenten (SVn) geen startersleningen verstrekt. De starterslening is bij aanvang renteloos en aflossingsvrij. Bij voldoende financiële draagkracht wordt vanaf het vierde jaar door de SVn een marktconform rentepercentage gehanteerd gebaseerd op 15 jaar vast en aflossing op basis van annuïteiten. Naast de reguliere aflossingen van € 71.667,- werden er in 2023 leningen vervroegd gedeeltelijk of geheel afgelost tot een bedrag van € 262.495,-.
Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie
Deze categorie betreft de lopende grondexploitaties. Het zijn de projecten waarvoor de raad de grondexploitatie voor de volledige looptijd heeft vastgesteld.
De grondexploitaties zijn herzien naar de situatie per ultimo 2023. Bij negatieve grondexploitaties is de Voorziening Nadelige complexen op de juiste hoogte gebracht. Dit deel van de voorziening is in de balans in mindering gebracht op de boekwaarde. In de gevallen dat de voorziening hoger is dan de boekwaarde per complex dan gebeurt dit tot de (netto) boekwaarde per complex nihil is. Het restant wordt in dat geval vermeld bij de Voorziening nadelige complexen grondbedrijf aan de passiva zijde.
In het licht van de huidige marktomstandigheden zijn de materiële vastgoedwaarderingen belangrijke schattingsposten. Er bestaat een wezenlijk risico dat zich materiële aanpassingen kunnen voordoen in de waardering in het volgende boekjaar als gevolg van gewijzigde marktomstandigheden of onvoorziene omstandigheden.
| Nr. | Complex | Boek- waarde 31-12-22 |
Voor- ziening 31-12-22 |
Balans- waarde 31-12-22 |
Boek- waarde 01-01-23 |
Investe- ringen |
Winstne- ing/afsl. compl. |
Inkom- sten |
Boek- waarde 31-12-23 |
Voor- ziening 31-12-23 |
Balans- waarde 31-12-23 |
| 5 | Dwarstocht | -9.510 | 0 | -9.510 | -9.510 | 2.001 | -2 | 100 | -7.411 | 0 | -7.411 |
| 11 | Lansinghage | -2.744 | 0 | -2.744 | -2.744 | 544 | 865 | -20 | -1.355 | 0 | -1.355 |
| 18 | Oosterheem | 1.691 | 0 | 1.691 | 1.691 | 2.582 | 1.698 | -7.828 | -1.857 | 0 | -1.857 |
| 20 | Zegwaartseweg Noord | -269 | 0 | -269 | -269 | 580 | -311 | 0 | 0 | 0 |
0 |
| 22 | Gasfabriekterrein Delftsewallen | 2.785 | 2.174 | 611 | 2.785 | 38 | 0 | -5 | 2.818 | 2.189 | 629 |
| 26 | Centrum Oost/Cadenza | 2.354 | 645 | 1.709 | 2.354 | 746 | 0 | -3.000 | 100 | 101 | -1 |
| 32 | Van Leeuwenhoeklaan | 3.274 | 0 | 3.274 | 3.274 | 84 | 8 | 0 | 3.366 | 0 | 3.366 |
| 37 | Boerhaavelaan | 882 | 248 | 634 | 882 | 2 | 0 | 0 | 884 | 217 | 667 |
| 42 | Palenstein | 14.371 | 14.371 | 0 | 14.371 | 2.137 | 0 | 0 | 16.508 | 16.508 | 0 |
| 46 | van Aalstlaan | 0 | 0 | 0 | 0 | 840 | 0 | 0 | 840 | 0 | 840 |
| 85 | Bladgroen | -82 | 0 | -82 | -82 | 59 | 22 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 97 | Katwijkerlaantracé | -674 | 0 | -674 | -674 | 286 | 388 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 108 | Voorweg Noord | 2.474 | 0 | 2.474 | 2.474 | 33 | 0 | 0 | 2.507 | 0 | 2.507 |
| 127 | Kleurlaan | -512 | 0 | -512 | -512 | 367 | 184 | -38 | 0 | 0 | 0 |
| 129 | Plataanhout | 116 | 116 | 0 | 116 | 29 | -145 | 0 | 0 | 0 | 0 |
| 130 | Markt 10 | 1.344 | 0 | 1.344 | 1.344 | 163 | 0 | 0 | 1.507 | 0 | 1.507 |
| 131 | Engelandlaan 140 | 183 | 0 | 183 | 183 | 374 | 258 | -1.302 | -487 | 0 | -487 |
| 137 | Edisonpark | 3.730 | 0 | 3.730 | 3.730 | 634 | 0 | 0 | 4.364 | 0 | 4.364 |
| afrondingsverschil | -1 | ||||||||||
| TOTAAL | 19.413 | 17.554 | 1.859 | 19.413 | 11.499 | 2.965 | -12.093 | 21.784 | 19.015 | 2.769 |
In onderstaand overzicht zijn de geraamde lasten en baten opgenomen van de bouwgronden in exploitatie en het geschatte eindresultaat. De inschattingen zijn gebaseerd op externe makelaarsrapporten en kostencalculaties van derden.
| Boekwaarde 31-12-2023 |
Lasten | Baten | Resultaat | |
| TOTAAL grondexploitaties | 21.784 | 43.580 | 59.745 | -5.619 |
De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar bestaan uit:
| Omschrijving | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
|||
| a. Vorderingen op openbare lichamen | 914 | 5.387 | |||
| b. Rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen | 221 | 508 | |||
| c. Rekening-courantverhoudingen met Rijk (schatkistbankieren) | 135.067 | 120.335 | |||
| d. Overige vorderingen: | |||||
| Belastingvorderingen | 8.289 | 7.296 | |||
| Af: Voorziening dubieuze belastingdebiteuren | -570 | -400 | |||
| Vorderingen bijstand | 10.349 | 11.764 | |||
| Af: Voorziening dubieuze bijstandsdebiteuren | -7.108 | -8.132 | |||
| Overige vorderingen | 7.734 | 10.346 | |||
| Af: Voorzieningen dubieuze debiteuren | -64 | -2.694 | |||
| Totaal overige vorderingen | 18.630 | 18.180 | |||
| Afrondingsverschil | |||||
| TOTAAL | 154.832 | 144.410 | |||
Vorderingen op openbare lichamen
De vorderingen op openbare lichamen bestaan uit vorderingen op de volgende openbare lichamen, waaronder gemeenten, gemeenschappelijke regelingen, het Rijk en overige openbare lichamen.
Rekening-courantverhoudingen met niet financiële instellingen
Dit betreft een rekening-courantverhouding met de stichting Stimuleringsfonds Nederlandse Gemeenten (SVn), waar de startersleningen worden geadministreerd. Via deze rekening-courant worden de kosten (beheervergoeding) en opbrengsten van de startersleningen verrekend.
Rekening-courantverhoudingen met het Rijk (Schatkistbankieren)
De wet Schatkistbankieren verplicht decentrale overheden om hun overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist van het Rijk. Het betreft middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Tot een bepaald bedrag (drempelbedrag, gebaseerd op de begrotingsomvang) mogen de decentrale overheden overtollige middelen buiten de schatkist van het Rijk aanhouden.
Onderstaand een overzicht met de drempelbedragen per kwartaal. In geen van de kwartalen is sprake van een overschrijding van het drempelbedrag.
| (1) | Drempelbedrag | 7.930 | 7.930 | 7.930 | 7.930 |
| kwartaal 1 | kwartaal 2 | kwartaal 3 | kwartaal 4 | ||
| (2) | Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen | 5.114 | 679 | 211 | 115 |
| (3a) = (1) > (2) | Ruimte onder het drempelbedrag |
2.817 | 7.251 | 7.720 | 7.816 |
| (3b) = (2) > (1) | Overschrijding van het drempelbedrag |
Overige vorderingen
De overig vorderingen zijn verdeeld naar categorieën op basis van de aard van de vordering.
Belastingvorderingen
De openstaande vorderingen betreffen de belastingjaren 2011 tot en met 2023. Hiervan is € 0,6 mln. Als dubieus aangemerkt. Voor dit bedrag is een voorziening dubieuze belastingdebiteuren getroffen, die in de balans is verrekend met de betreffende vorderingen.
Vorderingen bijstand
De openstaande vorderingen hebben voornamelijk betrekking op vorderingen op (voormalige) bijstandscliënten. Hiervan is € 7,108 . als dubieus aangemerkt, o.a. door het ontbreken van afloscapaciteit bij de bijstandscliënten of doordat cliënten vertrokken zijn met een onbekende bestemming. Voor dit bedrag is een voorziening dubieuze bijstandsdebiteuren getroffen, die in de balans is verrekend met de betreffende vorderingen. In 2023 heeft een aanwending i.v.m.gestelde debiteuren van in totaal € 1,141 mln. plaatsgevonden, waarvan € 557,733 buiten invorderingen en € 0,584 mln. kwijtscheldingen. Op grond van de debiteurenpositie per ultimo 2023 is € 1.024 mln aan de voorziening onttrokken.
Overige vorderingen
De openstaande vorderingen betreffen diverse overige debiteuren. Hiervan is € 0,06 mln als dubieus aangemerkt. Voor dit bedrag is een voorziening dubieuze debiteuren getroffen, die in de balans is verrekend met de betreffende vorderingen.
De grootste posten zijn:
| Omschrijvingen | |
| Leges omgevingsvergunning | 1.131 |
| Omschrijvingen | 31-12-2023 |
| BNG rekeningen | 101 |
| RABO rekening | 9 |
| Centrale Kas | 2 |
| Kassen VT | 2 |
| 114 |
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
| Saldo 01-01-2023 |
Toevoegingen | Ontvangen bedragen | Saldo 31-12-2023 | ||
| Uitkeringen van het Rijk | |||||
| 1 | Min J&V Opvang Oekraine GOO | 6.131 | 9.267 | 15.056 | 342 |
| 2 | Min J&V Opvang Oekraine POO | 585 | 443 | 585 | 443 |
| 3 | Toeslagenaffaire | 2.196 | 2.753 | 2.196 | 2.753 |
| 4 | Toeslagenaffaire kwijtschelding gem bel | 387 | 61 | 95 | 353 |
| 5 | Subsidie arbeidsmarkt toelage | 131 | 0 | 131 | 0 |
| Totaal | 9.430 | 12.524 | 18.063 | 3.891 | |
| Uitkeringen van overige Nederlandse overheidslichamen |
Saldo 01-01-2023 |
Toevoegingen | Ontvangen bedragen |
Saldo 31-12-2023 |
|
| 1 | MRDH - Praktische fietslessen | 35 | 0 | 12 | 23 |
| 2 | MRDH - School op Seef | 24 | 0 | 13 | 11 |
| 3 | MRDH - verbeteren verkeersveiligheid schoolomgeving | 92 | 0 | 0 | 92 |
| 4 | MRDH - Veilig thuis | 165 | 0 | 165 | 0 |
| 5 | Digitalisering vouchers | 7 | 0 | 0 | 7 |
| 6 | A12 Intospace (ULP Bleiswijk) | 5 | 0 | 5 | 0 |
| 7 | Mobiliteitsstrategie | 26 | 0 | 0 | 26 |
| 8 | Vliegende Brigade | 0 | 141 | 46 | 95 |
| afronding |
2 |
2 | |||
| Totaal |
354 |
143 | 241 | 256 | |
Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
De overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen bestaan uit diverse posten van verschillende aard en omvang.
De grootste posten zijn als volgt:
| Omschrijving | |
| Nog te ontvangen | |
| NTO Dividenduitkering de Binnenbaan BV 1.000.000,00 | 1.000 |
| VPB reclameopbrengsten 2016 tm 2020 - 5242 584.246,25 | 584 |
| nto BCF 2023 minus voorschot | 23.033 |
| nto rente schatkistbankieren Q4 | 1.423 |
| Vooruitbetaalde bedragen | |
| div. facturen VVH nr vooruitbetaald | 5.506 |
Onder de overige nog te ontvangen bedragen bevinden zich ook vorderingen in het kader van faciliterend grondbeleid. Volgens de notitie grondbeleid 2019 van de Commissie BBV zijn deze onderverdeeld naar de onderstaande categorieën. De verhaalbare kosten betreffen de projecten waarvoor al een anterieure overeenkomst is gesloten. De nog te verrekenen kosten betreffen de projecten waarvoor nog geen anterieure overeenkomst is gesloten.
| Omschrijving | |
| Verhaalbare kosten | |
| Faciliterend grondbeleid | 655 |
| Nog te verrekenen kosten | |
| Faciliterend grondbeleid | 646 |
| TOTAAL |
Reserves
In de jaarrekening (realisatie) zijn toevoegingen of onttrekkingen aan reserves slechts verantwoord als daarvoor bij de begroting of begrotingswijziging autorisatie door de raad is verleend en voor zover ook nodig en tot maximaal het daarvoor gebudgetteerde bedrag. Uitzondering hierop zijn de volgende resultaatbestemmingen, die in de jaarrekening zijn verantwoord ongeacht de hiervoor begrote bedragen:
Gerealiseerd resultaat
Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening is afzonderlijk in de balans vermeld als onderdeel van het eigen vermogen.
Toelichting reserves
Het verloop van de reserves in 2023 is als volgt:
A |
Algemene reserves: |
Saldo 01-01-2023 |
Resultaat bestemming |
Toevoegingen | Onttrekkingen | Verminderingen i.v.m. dekking afschrijving activa |
Saldo 31-12-2023 |
| 1 | Reserve verstrekking financiële positie grondbedrijf | 6.839 | 1.445 | 1.098 | 7.186 | ||
| 2 | Reserve i.v.m. risico's grondbedrijf | 1.166 | 83 | 299 | 950 | ||
| 3 | Vrij inzetbare reserve | 33.390 | 30.262 | 25.500 | 19.735 | 69.417 | |
| Totaal A. Algemene reserves | 41.395 | 30.262 | 27.028 | 21.132 | 77.553 | ||
B |
Bestemmingsreserves: |
Saldo 01-01-2023 |
Resultaat bestemming |
Toevoegingen | Onttrekkingen | Verminderingen i.v.m. dekking afschrijving activa |
Saldo 31-12-2023 |
| 1 | Reserve Integraal veiligheidsbeleid | 183 | 183 | ||||
| 2 | Reserve egalisatie investering schoolgebouwen | 5.852 | 1.989 | 1.681 | 6.160 | ||
| 3 | Reserve investeringsimpuls amateurverenigingen | 495 | 184 | 311 | |||
| 4 | Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte | 393 | 141 | 97 | 437 | ||
| 5 | Egalisatiereserve groot onderhoud bovengronds | 4.003 | 1.208 | 211 | 5.000 | ||
| 6 | Reserve algemeen dekkingsmiddel | 154.038 | 27.500 | 126.538 | |||
| 7 | Brede bestemmingsreserve | 9.480 | 1.664 | 7.816 | |||
| 8 | Reserve dekking kapitaallasten | 1.274 | 1.274 | ||||
| 9 | Rente-egalisatie reserve | 2.700 | 1.494 | 4.194 | |||
| 10 | Investeringsfonds 2030 | 46.177 | 11.493 | 57.670 | 0 | ||
| 11 | Reserve EU-initiatieven | 93 | 93 | ||||
| 12 | Reserve risico's programma Entree | 5.460 | 5.460 | ||||
| 13 | Reserve fonds Zoetermeer 2040 | 65.885 | 50.639 | 1.631 | 114.893 | ||
| 14 | Reserve Duurzaamheidsfonds Zoetermeer 2040 | 7.500 | 2.500 | 10.000 | |||
| 15 | Sociaal innovatiefonds | 3.312 | 707 | 2.605 | |||
| 16 | Reserve Zoetermeer Noodfonds | 2.000 | 192 | 1.808 | |||
| Afrondingsverschil | 1 | -2 | -1 | ||||
| Totaal B. Bestemmingsreserves |
306.846 | 0 | 71.463 | 91.537 | 0 | 286.772 | |
| TOTAAL RESERVES | 348.241 | 30.262 | 98.491 | 112.669 | 364.325 | ||
Exploitatieresultaat 2022
Het voordelig exploitatieresultaat van 2022 is op grond van het raadsbesluit van 5 juni 2023 (Resultatendebat) toegevoegd aan de vrij inzetbare reserve.
De definitieve resultaatbestemming heeft plaatsgevonden in de raad van 26 juni 2023 bij de behandeling van de Perspectiefnota 2024; deze is verwerkt in de toevoegingen en onttrekkingen bij de betreffende reserves.
Hierna volgt een toelichting van de aard en de reden van elke reserve en de mutaties daarin. De vermelde bedragen zijn x €1.000.
A1. Reserve versterking financiële positie Grondbedrijf
Deze reserve dient om samen met de reserve in verband met risico’s Grondbedrijf te waarborgen dat het totaal van de risico’s binnen het Grondbedrijf afdoende kan worden gedekt. Deze reserve vormt het belangrijkste onderdeel van de weerstandscapaciteit van het Grondbedrijf waarbij de minimale en maximale omvang zijn bepaald op respectievelijk 1,0 en 1,2 keer de gekwantificeerde risico’s. Vooruitlopend op de definitieve resultaatbestemming wordt jaarlijks 50% van het resultaat van het Grondbedrijf aan deze reserve toegevoegd danwel onttrokken. De reserve wordt elk jaar herijkt op basis van een herziening van grondexploitaties.
| Toevoegingen | Bedrag |
| Tussentijdse winstneming van de winstgevende grondexploitaties en het resultaat grondbedrijf 2023 | 1.445 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 1.445 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Afroming n.a.v. herziening grondexploitaties | 1.098 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 1.098 |
A2. Reserve i.v.m. risico's Grondbedrijf
Deze reserve dient ter beperking van het risico dat vanuit de winstgevende grondexploitaties te vroeg winst wordt genomen en maakt ook deel uit van de weerstandscapaciteit Grondbedrijf. Het risico heeft uitsluitend betrekking op de grondexploitaties waarvoor tussentijds winst is genomen. Deze reserve bedraagt op peildatum 2,5% van de nog te maken kosten en de nog te realiseren verkoopopbrengsten tot maximaal het bedrag van de gecumuleerde tussentijdse winstnemingen.
| Toevoegingen | Bedrag |
| Herziene grondexploitaties Lansinghage, Engelandlaan en Van leeuwenhoeklaan | 83 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 83 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Vrijval vanwege de voortgang van de grondexploitaties Oosterheem en Dwarstocht | 299 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 299 |
A3. Vrij inzetbare reserve
Deze reserve dient om reservemiddelen waarop geen verplichting rust in beeld te brengen. Hierdoor vervult deze reserve ook de functie van financiële buffer voor het opvangen van negatieve rekeningresultaten en risico’s. Als zodanig maakt deze reserve deel uit van het weerstandsvermogen zoals aangegeven in de nota weerstandsvermogen en risicomanagement van 14 december 2020.
| Toevoegingen | Bedrag |
| Jaarlijkse toevoeging in verband met eenmalige afwaardering Stadhuis | 290 |
| Overheveling van de Reserve Algemeen Dekkingsmiddel | 25.000 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 25.290 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Dekking Budgetoverhevelingen 2020 | 145 |
| Dekking Resultaatbestemming 2021 | 266 |
| Dekking Resultaatbestemming 2022 | 9.185 |
| Dekking Budgetoverhevelingen 2022 | 167 |
| Bijdrage Noodhulp Turkije en Syrië | 127 |
| Overheveling naar de Reserve Zoetermeers Noodfonds | 2.000 |
| Overheveling 50% rekeningsresultaat naar Reserve Investeringsfonds 2030 | 7.845 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 19.735 |
B1. Reserve Integraal Veiligheidsbeleid
Deze reserve dient om de kosten te dekken van maatregelen tegen onveilige situaties in de openbare ruimte, waaronder cameratoezicht (raadsbesluit 9 juli 2007).
B2. Reserve egalisatie investering schoolgebouwen
Deze reserve dient om pieken en dalen in de lasten van investeringen te egaliseren. Op deze wijze ontwikkelen de lasten zich in de jaren geleidelijk en minder schoksgewijs. Dit is noodzakelijk omdat de schoolgebouwen (vooral in het voortgezet onderwijs) in een relatief korte periode zijn neergezet en daarom ook de kosten van renovatie of herbouw in een korte periode op de gemeente af zullen komen.
In 2023 is het integraal huisvestingsplan primair onderwijs 2023-2027 vastgesteld. De daaruit voortvloeiende afschrijvingslasten bepalen mede de hoogte van deze reserve.
| Toevoegingen | |
| Storting conform de meerjarenbegroting | 1.708 |
| Toevoeging waardeaanpassing prijsstijgingen | 281 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 1.989 |
| Onttrekkingen | |
| Onttrekking jaarlijkse afschrijvingslasten | 1.681 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 1.681 |
B3. Reserve investeringsimpuls amateurverenigingen
Deze reserve dient ter dekking van subsidies op grond van de verordening investeringssubsidie en gemeentegarantie amateurverenigingen, die op 23 februari 2006 door de raad is vastgesteld.
| Toevoegingen | Bedrag |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Onttrekking reserve Investeringsimpuls Amateurverenigingen | 184 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 184 |
B4. Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte
Deze reserve dient om de kosten van het realiseren van beeldende kunst in de openbare ruimte te dekken. De reserve is ingesteld bij het raadsbesluit van 11 mei 2019, gelijktijdig met het opheffen van de reserve kunstopdrachten en de vaststelling van een geactualiseerde verordening "Percentageregeling beeldende kunst in de openbare ruimte".
| Toevoegingen | Bedrag |
| Dotatie 2023 obv BRM/WRM Grondbedrijf deel 2 | 2 |
| 1 procent Kunstregeling IHP2023 Onderwijs | 76 |
| Dotatie 2023 obv BRM/WRM Grondbedrijf | 63 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 141 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Boeking reserve Beeldende Kunst in Openbare Ruimte | 97 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 97 |
B5. Egalisatiereserve groot onderhoud bovengronds
Deze reserve dient om wisselingen/pieken in feitelijke uitgaven door de jaren op te vangen. De reserve is in 2014 ingesteld bij de vaststelling van de begroting 2014 (op 11 november 2013). De hoogte van deze reserve is gemaximeerd op € 5 mln. Als de reserve boven dit bedrag uitkomt, wordt deze bij de jaarrekening afgeroomd ten gunste van de vrij inzetbare reserve. Over- of onderschrijding op de budgetten voor groot onderhoud worden verrekend met de reserve.
| Toevoegingen | Bedrag |
| Corr Afr GO 2023 SB gemaximeerd tot 5 mln in res | 1200 |
| overig | 8 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 1.208 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Correctie Afrekening Groot Onderhoud 2023 SB | 211 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 211 |
B6. Reserve algemeen dekkingsmiddel
Deze reserve staat tegenover de activa op de balans en zorgt ervoor dat niet voor alle activa een lening hoeft worden aangetrokken. Dit zorgt voor lagere rentelasten in de exploitatie.
| Toevoegingen | Bedrag |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Overheveling naar de Reserve Egalisatie Investeringen Schoolgebouwen | 1.000 |
| Overheveling naar Reserve Investeringsfonds 2030 | 1.500 |
| Overheveling naar de Vrij inzetbare reserve | 25.000 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 27.500 |
B7. Brede bestemmingsreserve
Deze reserve dient om expliciet door de raad aangegeven kosten te dekken. Deze reserve heeft een financieel-technisch karakter.
| Toevoegingen | Bedrag |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| 69905410 bijdrage aan expl. Wachtlijsten WMO | 597 |
| Bijdrage wijkplan Palenstein | 19 |
| Arbeidsmarktregio - brede bestemmingsreserve (TB2) | 381 |
| Nazorg afgesloten grondexploitaties 2023 | 622 |
| Onttrekking cf. PB2023 | 46 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 1.665 |
B8. Reserve dekking kapitaallasten
De reserve dient ter (gedeeltelijke) dekking van kapitaallasten. Op basis van de laatste BBV-regelgeving dienen meer investeringen te worden geactiveerd. Waar in het verleden bijvoorbeeld investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut mochten worden gedekt uit reserves, moeten deze nu net zoals investeringen met economisch nut worden geactiveerd. De daaruit voortvloeiende kapitaallasten drukken structureel op het saldo van de begroting. De reserve dekking kapitaallasten wordt aangewend ter (gedeeltelijke) dekking van kapitaallasten en heeft zodoende een dempende werking op het begrotingssaldo.
B9. Rente-egalisatie reserve
Deze reserve dient om de effecten van een wijziging in rentedruk voor de exploitatie van de begroting op te vangen. Door de aanwezigheid van deze reserve zijn schommelingen in de marktrente niet van invloed op het rekeningresultaat. Bij raadsbesluit van 5 november 2018 (Rentenota 2018) is besloten tot de generieke gedragslijn om de reserve boven de bovengrens bij de jaarrekening af te romen ten gunste van de vrij inzetbare reserve. De bovengrens is bepaald op 1,5% van de financieringsbehoefte voor 4 jaar.
| Toevoegingen | Bedrag |
| saldo rentelasten en baten naar egalisatiereserve | 1.494 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 1.494 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
B10. Reserve Investeringsfonds 2030
Deze reserve dient om de investeringskosten die voortvloeien uit de stadsvisie 2030 te dekken (raadsbesluit 14 december 2009). In het raadsvoorstel “Samen de Toekomst van Zoetermeer Vormgeven” uit 2017 is door de raad aan het college de opdracht gegeven om (opnieuw) in hoofdlijnen de toekomst van Zoetermeer in een vergezicht uit te werken. Dit vergezicht is vormgegeven via de omgevingsvisie Zoetermeer 2040. Met raadsbesluit raadsvoorstel uit 2017 (‘Samen de toekomst van Zoetermeer vormgeven’) is de opmaat gedaan voor de vorming van een nieuwe visie. Met de vaststelling van de toen bepaalde uitgangspunten is ook een nieuwe kader voor de aanwending van het Rif gecreëerd.
In de vergadering van 26 juni 2023 is besloten om de reserve per 31 december 2023 samen te voegen met de reserve Fonds Zoetermeer 2040
| Toevoegingen | |
| Verr. resultaat Grondbedrijf Algemeen | -183 |
| Bijdr. van expl. i.v.m. groei ozb en GF | 53 |
| Overh. 50 proc rek res 2022 | 7.845 |
| Overheveling van Res alg dekkm | 1.500 |
| Bijdr. van expl. i.v.m. wegvallende ISV | 350 |
| Verr. resultaat Grondbedrijf Algemeen corr VpB | 99 |
| Groei stad storting investeringsfonds 2030 | 300 |
| Diverse winstnemingen | 1.529 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 11.493 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Verr. resultaat 830.73 Grondbedrijf Algemeen | 1.097 |
| 69905411 Overheveling naar Fonds Zoetermeer 2040 | 50.639 |
| bijdrage Rif in Dutch innovation Park | 562 |
| 69905410 bijdrage aan expl. beheer opb. ruim. | 97 |
| 63390087 Overheveling naar Duurzaamheidsfonds | 2.500 |
| bijdrage Rif onderzoeksbudget Bestemmingsplannen | 63 |
| bijdrage Rif in uitv progr Binnenstad | 684 |
| bijdrage Rif Woningbouwprogrammering | 223 |
| bijdrage Rif in relatienetwerk | 191 |
| bijdrage Rif in voorbereidingskst Markt 10 | 87 |
| bijdrage Rif in voorbereidingskst Centraal Park | 166 |
| bijdrage Rif Zoetermeer 2040 | 589 |
| bijdrage Rif Entree stationsgebied | 11 |
| bijdrage Rif in Meerzicht | 56 |
| bijdr Rif in gebiedsvisie v Tuyllpark en Vernede | 156 |
| bijdrage Rif in onderzoek landtunnel | 8 |
| bijdrage Rif in nieuwe initiatieven | 327 |
| bijdrage Rif in extra kst stationsgebied Entree | 200 |
| bijdrage Rif OV schaalsprong | 14 |
| overige bijdrage | |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 57.670 |
B11. Reserve EU-initiatieven
In 2004 is een zogeheten ‘Revolving Fund subsidieverwerving’ ingesteld. In 2006 is dit gewijzigd in de huidige reserve. De reserve wordt gevoed uit de netto-subsidieopbrengsten van EU-projecten (het surplus aan vrije subsidiemiddelen). Uit dit budget kan de incidentele inzet van vakinhoudelijke medewerkers aan subsidieverwervingsprojecten worden gedekt. De restrictie hierbij is, dat de netto inkomsten uit de betreffende subsidieprojecten jaarlijks worden toegevoegd aan het ‘Revolving fund’. Het plafond van de reserve is gesteld op een maximum van € 150.000. In 2023 is er geen onttrekking gedaan.
B12. Reserve risico's programma Entree
Met Raadsbesluit- geamendeerd raadsvoorstel voorstel Ruimtelijk kader en Investeringsbudget middengebied Entree is budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering van het programma Entree.
Voor deze risico’s is een inhoudelijke analyse opgesteld van het risico zelf en van de beheersmaatregelen. Na deze beheersmaatregelen blijft er met de kennis van dit moment, een rest-risico over. Hieraan is een bedrag verbonden van € 5,46 mln.
B13. Reserve fonds Zoetermeer 2040
De reserve is op 28 juni 2021 ingesteld (Raadsbesluit 06 37 69 47 55 - Afwegingskader Investeringsfonds op basis van Eneco-middelen). Op 26 juni 2023 is besloten om de eerder vastgestelde criteria te laten vervallen en deze te vervangen door een hoofdvraag naar wat de verwachte maatschappelijke bijdrage is die met het voorstel wordt bereikt. Dit is verdeeld in drie onderdelen:
a. Bijdrage aan het keren van de mechanismen van Zoetermeer 2040
b. Maatschappelijk nut in tijdsduur
c. Maatschappelijk nut in bereik doelgroep.
Bijdrage aan het keren van de mechanismen van Zoetermeer 2040
Om over een langere termijn positieve maatschappelijke impact voor de stad te bereiken is het belangrijk om positief bij te dragen aan de mechanismen zoals die staan beschreven in de VisieZoetermeer 2040:
1. Concurrerende woonaantrekkelijkheid
2. Sociaaleconomische kracht
3. Samenhang beroepsbevolking en werkgelegenheid
4. Verschillen tussen wijken en buurten
Als absolute ondergrens voor voorstellen wordt het uitgangspunt gehanteerd dat een voorstel overtuigend moet bijdragen aan minimaal één -en bij voorkeur meerdere- van de vier mechanismen.
Afweging maatschappelijk nut in tijdsduur
Het verdient de voorkeur om de Eneco-gelden in te zetten voor zaken die – ook al betreft het een tijdelijke investering – een zo lang mogelijk effect voor de stad en haar inwoners hebben. Dit ‘tijdsduur criterium’ sluit aan bij de analyse van Zoetermeer 2040 waarin richtingen/plannen zijn gepresenteerd die een lange adem vergen. Als richtlijn wordt hierbij gehanteerd dat voorstellen minimaal drie jaar effect opleveren en dat dit effect uiterlijk binnen vijf jaar zichtbaar is.
Afweging maatschappelijk nut in bereik doelgroep
Het verdient de voorkeur dat het bereik van het voorstel zo groot mogelijk is. Het in beeld brengen en beargumenteren van de omvang en samenstelling van evenals het bereik en effect op- de doelgroep waarop een voorstel zich richt, wordt meegewogen in het afwegingproces. Hierbij is het uitgangspunt: hoe kleiner de groep begunstigden, hoe groter de positieve impact van een voorstel moet zijn om een investering te kunnen rechtvaardigen.
| Toevoegingen | Bedrag |
| Overheveling van Investeringsfonds 2030 | 50.639 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 50.639 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Correctie Bijdrage RIF coalitieakkoord handhaving | -600 |
| Evenementen ihkv 60 jaar groeistad 2023 | 40 |
| Kwaliteitsimpuls 2022-206 jaarschijf 2023 | 1.024 |
| Bijdrage RIF coalitieakkoord handhaving | 600 |
| bijdrage fonds in Meerzicht | 542 |
| bijdr Fonds in gebiedsvisie v Tuyllpark en Vernèdepark en Paltelaan | 25 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 1.631 |
B14. Reserve duurzaamheidsfonds Zoetermeer 2040
De gemeenteraad heeft op 31 januari 2022 € 7,5 miljoen beschikbaar gesteld voor de vorming van een duurzaamheidsfonds. De raad heeft op 5 juni 2023 hier € 2,5 mln. aan toe te voegen. Het fonds draagt bij aan het keren van de gesignaleerde negatieve mechanismen in Zoetermeer 2040 door een hierop gerichte realisatie van de ambities in het programma Duurzaam & Groen Zoetermeer in Transitievisie warmte en Lokale verkenning windenergie en zonnestroom. Het fonds is gericht op het creëren en ondersteunen van voorbeelden die knelpunten aanpakken en oplossen ten behoeve van het aanjagen van startende initiatieven.
De gelden in het fonds zijn op grond van het raadsbesluit van 5 juni 2023 verdeeld over drie bestedingscategorieën: Duurzame initiatieven, Eigenaar-bewoners en Gemeentelijk vastgoed. In dezelfde raadvergadering zijn ook criteria per bestedingscategorie vastgesteld.
In 2023 zijn er geen uitgaven.
| Toevoegingen | Bedrag |
| 2.500 | |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 2.500 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| 0 | |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | |
B15. Sociaal innovatiefonds
Op 28 juni 2021 heeft de gemeenteraad het Raadsvoorstel “Afwegingskader Investeringsfonds op basis van Eneco-middelen” vastgesteld. Onderdeel van dit besluit is het instellen van een sociaal innovatiefonds, inclusief het afwegingskader waar aanvragen voor dit fonds aan moeten voldoen. In aanvulling op de criteria waar elke aanvraag aan moet voldoen zijn hierin ook specifieke criteria opgenomen voor het sociaal innovatiefonds: investeringen zijn gericht op het herstellen van de bestaanszekerheid, het bevorderen van positieve gezondheid, en het verbeteren van kansengelijkheid van Zoetermeerders, om te komen tot betere (gezondheids-) zorg en ondersteuning voor meer mensen met minder geld. Leidend criterium voor de aanvragen is de impact die daarmee gemaakt wordt, oftewel wat is de verwachte maatschappelijke bijdrage die met het voorstel wordt bereikt. In het raadsvoorstel zijn zeven aanvragen opgenomen voor het investeringsfonds, voor het thema sociaal innovatiefonds. Het gaat om:
Voor deze zeven aanvragen is de inzet van middelen op basis van het sociaal innovatiefonds het fundament waarop nieuwe ontwikkelingen in gang kunnen worden gezet.
| Toevoegingen | Bedrag |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Project: Basisbanen | 51 |
| Project: Vindplaatsen verborgen schulden | 37 |
| Project: Onder de pannen | 51 |
| Project: Impact gedreven inzet voor jeugd & gezinnen | 99 |
| Project: Innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie | 128 |
| Project: Positieve gezondheid en het huishouden | 99 |
| Project: Preventie in de praktijk | 111 |
| Programmamanager sociaal innovatiefonds | 131 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 707 |
B16. Reserve Noodfonds
Op 13 januari 2023 is de gemeenteraad geïnformeerd over het noodfonds. Het noodfonds is om daar waar rijksregelingen tekort schieten en de nood hoog is ondersteuning te bieden. Het college wil in deze moeilijke situatie steun geven aan inwoners, maatschappelijke organisaties/verenigingen en aan ondernemers en bedrijven. Bij de toedeling van de middelen uit het Noodfonds heeft het college gekeken naar wat nodig is voor verschillende doelgroepen, aanvullend op rijksmaatregelen en naar wat de mogelijkheden zijn. Hiertoe wordt € 1 miljoen gereserveerd ten behoeve van steun aan maatschappelijke organisaties met de Subsidieregeling Incidentele ondersteuning Energiecrisis, € 60.000 voor de uitvoeringskosten van deze subsidieregeling en € 200.000 wordt gereserveerd voor een bijdrage aan de subsidieregeling ‘Stimulering energietransitie’. De resterende € 740.000 wordt gereserveerd om na de tussentijdse evaluatie van het Noodfonds middelen in te kunnen zetten daar waar dan blijkt dat aanvullende steun nodig is voor inwoners, maatschappelijke organisaties/verenigingen en ondernemers en bedrijven.
| Toevoegingen | Bedrag |
| Overheveling van vrij inzetbare reserve | 2.000 |
| TOTAAL TOEVOEGINGEN | 2.000 |
| Onttrekkingen | Bedrag |
| Onttrekking reserve Zoetermeers Noodfonds | 192 |
| TOTAAL ONTTREKKINGEN | 192 |
Het verloop van de voorzieningen 2023 is als volgt:
Bedragen x € 1.000
| A | Middelen van derden die specifiek besteed moeten worden, m.u.v. de van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren: | Saldo 01-01-2023 |
Toevoegingen | Vrijval tgv de exploitatie | Aanwendingen |
Saldo |
| 1 | Voorziening afkoopsommen onderhoud graven | 450 | 68 | 40 | 478 | |
| 2 | Voorziening middelen derden riolering | 198 | 212 | 410 | ||
| 3 | Voorziening middelen derden afval | 103 | 5 | 108 | ||
| Afrondingsverschil | ||||||
| Totaal A. Middelen van derden enz. | 751 | 285 | 40 | 996 |
| B | Egalisatievoorzieningen: |
Saldo 01-01-2023 |
Toevoegingen | Vrijval tgv de exploitatie | Aanwendingen | Saldo 31-12-2023 |
| 1 | Voorz. onderhoud schoolgebouwen gemeente | 1.277 | 617 | 562 | 1.332 | |
| 2 | Voorziening groot onderhoud overige accommodaties | 8.832 | 3.914 | 3.146 | 9.600 | |
| 3 | Voorziening riolering | 27.345 | 5.284 | 5.393 | 27.236 | |
| 4 | Voorziening groot onderhoud verzamelcontainers | 1.446 | 391 | 254 | 1.583 | |
| Afrondingsverschil | ||||||
| Totaal B. Egalisatievoorzieningen | 38.900 | 10.206 | 9.355 | 39.751 |
| C | Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's: |
Saldo 01-01-2023 |
Toevoegingen | Vrijval tgv de exploitatie | Aanwendingen | Saldo 31-12-2023 |
| 1 | Voorziening wethouderspensioenen | 5.640 | 271 | 735 | 149 | 5.027 |
| 2 | Voorziening nadelige complexen Grondbedrijf | 5.535 | 725 | 656 | 30 | 5.574 |
| 3 | Voorziening pensioencomp. zwembadmedew. | 370 | 39 | 331 | ||
| 4 | Voorziening verplichtingen afgesloten grondexploitaties | 120 | 307 | 427 | ||
| 5 | Voorziening Nelson Mandela brug | 3.177 | 260 | 3.130 | 307 | |
| 6 | Voorziening afwikkeling museum de Voorde | 676 | -56 | 620 | 0 | |
| 7 | Voorziening bovenwettelijk spaarverlof | 72 | 278 | 350 | ||
| 8 | Voorziening Jeugdhulp plus | 750 | 251 | 499 | ||
| 9 | Voorziening Tunnelbak Europaweg | 1.150 | 1.150 | |||
| 10 | Voorziening Regeling Vervroegd Uittreden | 152 | 152 | |||
| Afrondingsverschil | 11.485 | |||||
| Totaal C. Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's | 16.340 | 3.087 | 1.391 | 4.219 | 13.817 |
| 55.991 | 13.578 | 1.431 | 13.574 | 54.564 |
A1. Voorziening afkoopsommen onderhoud graven
Deze voorziening dient ter dekking van de kosten die de gemeente de komende jaren moet maken voor de aangegane verplichting om het onderhoud aan graven en bijbehorende omgeving te plegen en de graven te ruimen. De waardeaanpassing en de van derden ontvangen afkoopsommen voor onderhoud zijn aan de voorziening toegevoegd. Jaarlijks vindt er een vrijval plaats ter dekking van het onderhoud.
A2. Voorziening middelen derden riolering
De van burgers ontvangen bedragen uit de rioolheffing moeten ook besteed worden aan kosten van de riolering. Een resultaat op het rioolbudget (waarvan dat budget gedekt is uit de inkomsten uit rioolheffing) als gevolg van bijvoorbeeld niet uitgevoerd werk moet gestort worden in de voorziening, zodat deze middelen in de toekomst beschikbaar zijn voor het uitvoeren van deze werken. Een positief resultaat komt dus niet ten gunste van het rekeningresultaat.
A3. Voorziening middelen derden afval
De Voorziening middelen derden afval is gevormd om uitgestelde investeringen met betrekking tot de afvalstoffenheffing in latere jaren te compenseren. In 2023 is hier geen gebruik van gemaakt.
B1. Voorziening onderhoud schoolgebouwen gemeente
Het doel van deze voorziening is om de kosten voor groot onderhoud aan schoolgebouwen waarvoor de gemeente geheel of gedeeltelijk verantwoordelijk blijft (multifunctionele gebouwen met onder meer een onderwijsbestemming) te egaliseren. Daarmee worden sterke fluctuaties van uitgaven voor gebouwenonderhoud voorkomen. Omdat deze voorziening is gebaseerd op contante waarde wordt deze aangepast met inflatierente.
Aan de basis van deze voorziening ligt het beheerplan groot onderhoud schoolgebouwen en overige accommodaties. Na actualisatie van de beheerplannen groot onderhoud eind 2022 blijkt dat de voorziening van voldoende omvang is om de groot onderhoud kosten voor de komende 10 jaar op te kunnen opvangen. Uiterlijk om de vijf jaar wordt de voorziening herijkt voor de dan volgende periode van 10 jaar.
B2. Voorziening groot onderhoud overige accommodaties.
Het doel van deze voorziening is om de kosten voor groot onderhoud aan de gemeentelijke accommodaties te egaliseren. Daarmee worden sterke fluctuaties van uitgaven voor gebouwenonderhoud voorkomen. Omdat deze voorziening is gebaseerd op contante waarde wordt deze aangepast met inflatierente.
Aan de basis van deze voorziening ligt het beheerplan groot onderhoud schoolgebouwen en overige accommodaties. Na actualisatie van de beheerplannen groot onderhoud eind 2022 blijkt dat de voorziening van voldoende omvang is om de groot onderhoud kosten voor de komende 10 jaar op te kunnen opvangen. Uiterlijk om de vijf jaar wordt de voorziening herijkt voor de dan volgende periode van 10 jaar.
B3. Voorziening riolering
Zoetermeer maakt gebruik van de mogelijkheid uit het Besluit Begroting en Verantwoording om bedragen te doteren aan een spaarvoorziening (BBV art. 44.1.d.) en deze spaarbedragen in mindering te brengen op de vervangings- en verbeteringsinvesteringen voor de drie water-zorgplichten (zie ook BBV-notitie Riolering – nov. 2014). Deze toepassing is bekend als het Ideaal Complex, een methode die met name bij grotere gemeenten toegepast wordt.
B4. Voorziening groot onderhoud verzamelcontainers
Het doel van deze voorziening is om de kosten voor het groot onderhoud aan de verzamelcontainers te egaliseren. In 2023 zijn de kosten voor groot onderhoud aan de verzamelcontainers gedekt uit deze Voorziening groot onderhoud verzamelcontainers.
C1. Voorziening wethouderspensioenen
Op grond van de Wet Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa) is een voorziening getroffen voor de pensioenverplichtingen aan wethouders. Jaarlijks worden de verplichtingen op basis van nieuwe actuariële berekeningen herijkt. Voor het bepalen van de hoogte van deze voorziening wordt de door het ministere van BZK voorgeschreven wettelijke overdrachtsrente gehanteerd. Eind 2023 is deze rente gestegen van 2,74% naar 3,16%.
Ultimo 2023 zijn er 14 deelnemers die een (nabestaanden) pensioen ontvangen en zijn er 22 huidige en voormalige bestuurders, die pensioenrechten hebben opgebouwd, maar nog geen pensioen ontvangen. De aanwending betreft de uitbetaling van pensioenen.
C2. Voorziening nadelige complexen Grondbedrijf
Bij een negatief eindresultaat van een grondexploitatie dient direct een voorziening getroffen te worden ter grootte van het volledige verlies. De voorziening nadelige complexen is gewaardeerd op eindwaarde. De voorziening is in de balans in mindering gebracht op de boekwaarde van deze complexen (activazijde van de balans). In die gevallen waarbij de voorziening hoger is dan de boekwaarde per complex is dat gebeurd tot de (netto) boekwaarde per complex nihil is. Het restant blijft in de voorziening aan de passiefzijde van de balans. Dit laatste bestaat per ultimo 2023 uit:
| Complex: | |
| Bouwgrond in exploitatie | Bedrag |
| Palenstein | 4.849 |
| Centrum Oost/Cadenza | 725 |
| TOTAAL | 5.574 |
C3. Voorziening pensioencompensatie zwembadmedewerkers
Op grond van de uitplaatsing van een zestal zwembadmedewerkers is in 2015 een voorziening getroffen voor toekomstige verplichtingen die voortvloeien uit rechten op pensioen- en loonsuppletie.
C4. Voorziening verplichtingen afgesloten grondexploitaties
Deze voorziening is ingesteld bij raadsbesluit van 28 november 2016 (Technische aanpassingen grondexploitaties BBV) voor verplichtingen i.v.m. afrondende werkzaamheden die voortvloeien uit grondexploitaties die worden afgesloten.
C5. Voorziening Nelson Mandela brug
Voor de totale lasten van het ontmantelen, het verstevigen, de noodbrug en het gebruikers gereedmaken moet in het jaar dat de onveiligheid van de brug is vastgesteld een voorziening worden gevormd (nagevraagd bij Commissie BBV). De bijkomende kosten zoals vervangend vervoer, wegafzettingen en verkeersregelaars zijn onderdeel van de te vormen voorziening. Deze voorziening is om deze reden gevormd.
C6. Voorziening afwikkeling museum de Voorde
De gemeente heeft in 2022 besloten om de subsidiëren van museum De Voorde met ingang van 1 juli 2023 te beëindigen. Het stopzetten van de subsidie betekent het einde van de museum omdat het museum nagenoeg volledig van subsidie van de gemeente afhankelijk is. Op grond van de BBV moest er een voorziening komen voor de kosten die het gevolg zijn van dit besluit. In de voorziening is de geldswaarde van de door de gemeente Zoetermeer gegarandeerde geldlening van het museum (met stand 31-12-2022) opgenomen. Het saldo van de voorzienig staat op 31 december 2023 op nihil. De voorziening gaat afgesloten worden.
C7. Voorziening bovenwettelijk spaarverlof
Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Hiermee kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning en het gemeentelijke vitaliteitsbeleid. Bovenwettelijke vakantie-uren die worden gebruikt voor verlofsparen, verjaren niet.
Bij verlofsparen is er sprake van arbeidskostengerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen.
C8. Voorziening Jeugdhulp plus
Deze voorziening is om de risico’s op te vangen als gevolg van de landelijke ontwikkelingen om jeugdigen niet meer op te vangen via jeugdhulpplus (JHP), maar volgens de landelijke politieke wens deze jeugdigen op te vangen in kleinschalige voorzieningen. Het huidige vastgoed is ingericht op gesloten jeugdzorg, in combinatie met de dalende instroom JHP zorgt dit voor leegstand die niet wordt vergoed.
Na een calamiteit en uitgevoerde herstelwerkzaamheden zijn aaneenvolgend constructieve inspecties geweest. Uit deze inspecties is gebleken dat in 2025 extra groot onderhoud nodig is. Het doel van de voorziening is om de totale lasten die samenhangen aan de uitkomst van de inspectie te laten landen in het jaar dat het is geconstateerd. Dit is in dezelfde werkwijze gebeurt als de Voorziening Mandelabrug.
De voorziening is getroffen voor de financiële verplichtingen tegenover ex-medewerkers en de fiscus heeft op basis van de RVU. Bij de RVU nemen medewerkers ontslag en volgt er een (maandelijkse) ontslagvergoeding die de ex-medewerker in staat stelt om te overbruggen tot aan de AOW-leeftijd. De hoogte van de voorziening voldoet om de verplichtingen te kunnen dekken tot aan de AOW datum.
A. Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
De onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen betreffen de volgende leningen:
| Bank | Looptijd | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
| Bank voor Nederlandse Gemeenten | 30 jaar (3 januari 1994 / 2024) | 48 | 94 |
| Bank voor Nederlandse Gemeenten | 30 jaar (3 januari 1994 / 2024) | 43 | 84 |
| Bank voor Nederlandse Gemeenten | 10 jaar (19 december 2017 / 2027) | 10.000 | 10.000 |
| Bank voor Nederlandse Gemeenten | 5 jaar (20 juni 2019 / 2024) | 20.000 | 20.000 |
| Bank voor Nederlandse Gemeenten | 10 jaar (6 december 2019 / 2029) | 12.009 | 14.008 |
| TOTAAL | 42.100 | 44.186 |
B. Onderhandse leningen van buitenlandse instellingen
De onderhandse leningen van buitenlandse instellingen betreffen de onderstaande lening(en). De totale rentelast in 2023 bedraagt afgerond € 0,4 mln.
| Bank | Looptijd | 31-12-2023 | 31-12-2022 |
| AG Insurance | 20 jaar (27 februari 2018 / 2038) | 20.000 | 20.000 |
| TOTAAL | 20.000 | 20.000 |
C. Waarborgsommen
De waarborgsommen hebben vooral betrekking op verhuurde objecten en aangekochte gronden. Als de afspraken zijn nagekomen door de andere partij wordt de waarborgsom teruggestort.
A. Overige kasgeldleningen
Saldo van de kasgeldleningen is € 0
B. Banksaldi
De banksaldi betreffen negatieve banksaldi bij de BNG
C. Overige schulden
De overige schulden bestaan uit een veelvoud van kortlopende schulden aan diverse crediteuren. De volgende posten zijn groter dan € 0,5 mln.:
| Omschrijving: | |
| Loonheffing december 2023 | 6.488 |
| Besteding SPUK IZA 2023 | 488 |
| ABP keuzepensioen OP/NP december 2023 | 1.297 |
| Term 30 zwembad Van Tuyllpark | 550 |
| Coöperatie Alliantie Zoetermeer U.A. Nabetaling 2023 | 1.400 |
| Gemeente Zoetermeer Tweede Kamer Verkiezingen Logi | 590 |
A. Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
Deze post bestaat uit diverse posten van verschillende aard en omvang. De grootste posten zijn als volgt:
| Omschrijving: | |
| VT uitk.ger 2023 | 1.003 |
| Regiotaxi 2023 | 1.289 |
| ESF re-integratie en arbeidsinpassing | 1.350 |
| berekende VPB grond 2022 | 1.400 |
| Huish ondersteuning 2023 | 1.485 |
| Gedeelt. Terugbet. VWS SPUK IZA 2023 | 5.185 |
| Specialistische Jeugdhulp 2023 pp 1-1-24 | 8.742 |
B. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
Het verloop hiervan in 2023 is als volgt:
|
Uitkeringen van het Rijk |
Saldo 01-01-2023 |
Ontvangen bedragen |
Vrijgevallen bedragen of terug betalingen |
Saldo 31-12-2023 |
|
| 1 | Rijksbijdr. Ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie (Wet Oke) | 3.618 | 3.618 | ||
| 2 | Rijksbijdrage Volwasseneneducatie | 604 | 1.365 | 1.561 | 408 |
| 3 | Rijksbijdrage sanering verkeerslawaai | 31 | 31 | ||
| 4 | Rijksbijdrage Aanval op de Uitval | 36 | 123 | 148 | 11 |
| 5 | Rijksbijdrage Kwalificatieplicht | 82 | 157 | 111 | 128 |
| 6 | Rijksbijdrage Corona handhaving | 378 | 378 | 0 | |
| 7 | Rijksbijdrage actieplan wapens en jongeren | 35 | 3 | 32 | |
| 8 | Rijksbijdrage Sportakkoord | 53 | 53 | ||
| 9 | Rijksbijdrage Woningbouwimpuls | 11.553 | 11.553 | ||
| 10 | Rijksbijdrage NPO | 756 | 734 | 666 | 824 |
| 11 | Rijksbijdrage RMC | 27 | 90 | 85 | 32 |
| 12 | Rijksbijdrage Wet inburgering | 881 | 1.397 | 918 | 1.360 |
| 13 |
Rijksbijdrage arbeidstoeleiding PRO-VSO ZHC |
341 | 204 | 341 | 204 |
| 14 | Rijksbijdrage RIO-IPTA | 174 | 405 | 416 | 163 |
| 15 | Rijksbijdrage bestrijding energiearmoede | 1.404 | 1.023 | 316 | 2.111 |
| 16 | Rijksbijdrage OAB (onderwijs achterstanden beleid) | 858 | 5.477 | 4.711 | 1.624 |
| 17 | Rijksbijdrage Huisvesting Aandachtsgroepen (RHA 2023) | 1.186 | 1.186 | ||
| 18 | Rijksbijdrage spuk CDOKE | 2.045 | 873 | 1.172 | |
| 19 | Rijksbijdrage spuk Lokale Aanpak Isolatie dl 2 | 1.138 | 1.138 | ||
| 20 | Rijksbijdrage GALA '24 | 231 | 231 | ||
| 21 | Rijksbijdrage mobiliteitsfonds voor de Binnenstad | 10.960 | 10.960 | ||
| 22 | Rijksbijdrage Dealbreakers 2023 | 37 | 160 | 119 | 78 |
| 23 |
Rijksbijdrage Entree stationsgebied |
5.567 | 5.567 | ||
| 24 |
Rijksbijdrage versterkingsgelden/radicalisering |
239 | 395 | 481 | 153 |
| 25 | Rijksbijdrage spuk start bouwimpuls | 4.912 | 4.912 | ||
| 26 |
Rijksbijdrage ventilatie scholen |
1.911 | 413 | 1.498 | |
| 27 | Rijksbijdrage spuk tijdelijke regeling klimaat | 390 | 390 | ||
| 28 | Rijksbijdrage spuk impuls jongerencultuur | 268 | 268 | ||
| 29 | Rijksbijdrage SUVIS maatregelen | 368 | 368 | ||
| Totaal | 23.018 | 38.595 | 11.540 | 50.073 | |
| Uitkeringen van overige Nederlandse overheidslichamen |
Saldo 01-01-2023 |
Ontvangen bedragen |
Vrijgevallen bedragen of terug betalingen |
Saldo 31-12-2023 |
|
| 1 | Prov ZH Engelandlaan (Haaglanden depot) | 492 | 492 | ||
| 2 | GR Bleizo / Bijdrage Vervoersknoop Bleizo | 4.079 | 244 | 3.835 | |
| 4 | Corona toegangsbewijzen | 433 | 433 | 0 | |
| 7 | Knelpuntenpot Sociale Huur | 400 | 100 | 500 | |
| 8 | PZH Palenstein vlek D | 200 | 200 | ||
| 9 | PZH Bedrijventerreinen | 2 | 2 | 0 | |
| 11 | Woonvormen senioren project Roggeakker | 184 | |||
| 12 | Dutch innovation community | 170 | |||
| 13 | Soorten management plannen | 50 | |||
| 14 | A12 corridor | 31 | |||
| 15 | On Stage evenementen | 4 | |||
| 16 | RSIV 2023 | 108 | |||
| Totaal |
5.606 |
647 |
679 | 5.574 | |
C. Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate komen van volgende begrotingsjaren
Deze post bestaat uit diverse posten van verschillende aard en omvang.
De grootste post in 2023 is:
| Omschrijving: | |
| VO 648038107000 Nutrihage VTA Faciliterend | 200 |
| VO 64853107 Zuidflank - Nederlandlaan faciliterend | 150 |
In het volgende overzicht is een specificatie opgenomen naar de aard van de geldleningen, waarvoor de gemeente garant staat. Hierbij worden twee categorieën van gewaarborgde geldleningen onderscheiden:
| Geldnemer | Doel van de geldlening | Oorspronkelijk bedrag geldlening | % waarvoor borg is verleend | Restant geldlening | |
| Primair risico: | 31-12-2022 | 31-12-2023 | |||
| Woningcorporaties | Gemeentegarantie | 136.280 | 100% | 129.980 | 129.980 |
| Zorgcentra / gezondheidsinstellingen | Gemeentegarantie | 26.093 | 100% | 3.888 | 3.224 |
| Sportverenigingen c.a. | Gemeentegarantie | 786 | 100% | 533 | 505 |
| Overige instellingen | Gemeentegarantie | 1.000 | 100% | 744 | 63 |
| Overige instellingen (glasnet) | Gemeentegarantie | 850 | 15% | 388 | 303 |
| Afronding | |||||
| TOTAAL PRIMAIR RISICO | 165.009 | 135.533 | 134.075 | ||
| Secundair risico: | |||||
| Woningcorporaties t/m 31-07-2021 | Achter vang | 713.564 | 50% | 405.500 | 618.564 |
| Woningcorporaties t/m 31-07-2021 | Vrijwaring WSW | 88.021 | 50% | 69.052 | 53.885 |
| Sportverenigingen | Vrijwaring SWS | 309 | 50% | 303 | 242 |
| Woningcorporaties vanaf 01-08-2021 | Achter vang | 329.081 | div | 60.058 | 88.690 |
| TOTAAL SECUNDAIR RISICO | 1.130.975 | 534.913 | 761.381 | ||
| TOTALEN: | 1.295.984 | 670.446 | 895.456 | ||
Woningcorporaties
Het betreft garantstellingen die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van Diensten van Algemeen en Economisch Belang (DAEB). Onder DAEB wordt verstaan: investeringen in nieuwe en bestaande sociale huurwoningen en de directe leefomgeving door een toegelaten instelling (woningcorporatie). DAEB-activiteiten komen ten goede aan de primaire doelgroep: mensen met een laag tot modaal inkomen.
In het overzicht zijn de leningen voor de woningcorporaties onderverdeeld in de volgende categorieën:
Primair risico
Gemeentegaranties
Dit zijn garanties op leningen voor woningcomplexen die, op één na, voor 1996 zijn verstrekt, met een looptijd die gelijk is aan de exploitatieduur van het woningcomplex. Door de raad is in 2009 voor één woningcomplex nog gemeentegarantie verleend. In het overzicht staan meerdere (ingangs)data van na 1996. Deze hebben betrekking op de herfinanciering/ nieuwe rentevaste periode van een lening, die binnen de gestelde voorwaarden van de verstrekte garantie zijn toegestaan.
In 2023 is het saldo van de garantstelling gelijk gebleven. In 2023 is één garantstelling van € 6.300.000 geherfinancierd.
Secundair risico
Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW)
De landelijke systematiek van garantstelling en borgtocht is met ingang van 1 augustus 2021 gewijzigd. De gemeente heeft een overeenkomst gesloten met het WSW. Voor garantstellingen vanaf deze datum wordt het percentage waarvoor de gemeente garant staat jaarlijks vastgesteld door het WSW.
Voor de garantstellingen die voor 1 augustus 2021 zijn overeengekomen, blijft het percentage ongewijzigd (50 %). Deze garantstellingen komen te vervallen bij het einde van de rentevaste periode, het einde van de looptijd van de lening of door vervroegde aflossing van de lening
• Garantstellingen tot en met 31 juli 2021 (garantie 50%)
o Vrijwaring WSW
Dit zijn leningen waarvoor gemeentegarantie is verstrekt maar het WSW heeft deze garantie van de gemeente overgenomen.
In 2023 is deze garantstelling € 15.167.296 lager wegens reguliere jaarlijkse aflossing/aflopen rentevaste periode.
o Achtervang
Dit zijn leningen waarvoor een garantstelling is verstrekt door het WSW nadat de gemeente heeft ingestemd met de achtervangpositie.
In 2023 is deze garantstelling
• Garantstellingen vanaf 1 augustus 2021 (het garantiepercentage per corporatie wordt jaarlijks door WSW vastgesteld)
o Achtervang
Dit zijn garantstellingen verstrekt door het WSW zonder tussenkomst van de gemeenten. Het WSW beoordeelt namens de gemeenten of de aanvraag van een woningcorporatie, die in Zoetermeer actief is, voldoet aan de gestelde vereisten. Indien aan de vereisten wordt voldaan dan verleent het WSW de garantstelling.
In 2023 is deze garantstelling per saldo € 28.632.294 hoger geworden door:
Eigen woningen
Niet in het overzicht opgenomen zijn de gemeentegaranties voor eigen woningen. In het verleden zijn hiervoor ongeveer 10.000 gemeentegaranties verstrekt, die gevrijwaard zijn door de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW). Nieuwe garanties voor eigen woningen worden niet meer door de gemeente verstrekt maar door het WEW. De gemeente fungeert als achtervang voor het WEW. Het risico dat de gemeente hierop wordt aangesproken, wordt miniem geacht.
Het rijk en de VNG zijn overeengekomen dat het rijk vanaf 1 januari 2011 de achter vang van nieuwe leningen volledig op zich neemt. Hiervoor is de gemeente op 29 juni 2010 een wijzigingsovereenkomst met het WEW aangegaan. Het fondsvermogen van het WEW blijft voor alle gevallen beschikbaar.
Zorgcentra, gezondheidsinstellingen en sportverenigingen en overige instellingen
Er zijn leningen afgesloten door gezondheidsinstellingen, sportverenigingen en andere instellingen met een maatschappelijk nut, waarvoor de raad een garantie heeft verstrekt. De meeste garanties zijn van vóór 1996; in dat jaar heeft de raad besloten in beginsel geen garanties meer te verstrekken. Als onderdeel van de investeringsimpuls voor amateurverenigingen heeft de raad in november 2005 besloten om dit instrument in relatie tot deze verenigingen weer toe te passen. Op 1 juli 2023 is het museum De Voorde opgehouden te bestaan, per die datum is ook de gegarandeerde geldlening bij de BNG door de gemeente afgelost.
Toezicht op risico’s
De omvang en de risico’s van de garanties worden bewaakt en regulier via de geëigende instrumenten van de P&C-cyclus gerapporteerd aan de raad.
Specifiek voor garantstellingen zijn de financiële risico’s gemeentegaranties in beeld (zie de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing):
Overzicht gewaarborgde geldleningen
In bijlage 4 van deze jaarrekening is een overzicht opgenomen van alle gewaarborgde geldleningen.
Garantieaanspraken
Er zijn in 2023 geen garantieaanspraken.
Garantstellingen (bankgaranties)
Per ultimo 2023 waren bij de gemeente 25 bankgaranties met een totaalwaarde van afgerond € 26 mln. aanwezig. Het betreffen vooral garanties van aannemersbedrijven die de gemeente als financiële zekerheid vraagt bij de uitvoering van werken.
De commissie BBV schrijft voor dat meerjarige inkoopcontracten die van materieel belang zijn in de toelichting op de jaarrekening bij de 'niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen' opgenomen moeten worden.
In onderstaand overzicht zijn de kosten in 2023 opgenomen van contracten die nog langer lopen dan 2 jaar en een besteding hebben in 2023 boven de € 100.000. Dit overzicht wijkt af t.o.v. voorgaande jaren omdat er sinds 2023 voor een andere opzet is gekozen. Veel van de langlopende verplichtingen zijn gebaseerd op raamcontracten waarbij geen maximale waarde is benoemd en waarbij de kosten jaarlijks sterk fluctueren. Hierdoor kunnen we geen goed beeld geven van de contractuele meerjaren verplichtingen.
In het overzicht staan met deze nieuwe opzet geen toekomstige lasten meer, maar wordt er inzicht gegeven in wat de gemeente heeft uitgegeven aan deze contracten in het verslagjaar.
| bedragen x € 1.000 | |
| Omschrijving | Besteding in 2023 |
| 1. Accountancy | 210 |
| 2. Afval | 716 |
| 3. Beveiliging | 750 |
| 5. ICT diensten | 1.652 |
| 6. Inhuur | 1.348 |
| 7. Kleding | 154 |
| 8. Maatschappelijke hulp | 618 |
| 9. Onderhoudsdiensten | 15.414 |
| 10. Parkeren | 322 |
| 11. Personeelsdiensten | 219 |
| 12. Postdiensten | 548 |
| 14. Riolering | 612 |
| 15. Jeugdhulp | 61.222 |