Doelstelling 2.2 Bevorderen meedoen aan de samenleving en zelfstandig wonen
Sterke Sociale Basis
In Zoetermeer geloven we in wat inwoners zelf kunnen doen. Hun betrokkenheid, initiatieven en onderlinge steun dragen bij aan een samenleving waarin mensen naar elkaar omzien en zoveel mogelijk mee kunnen doen. Of het nu gaat om een helpende hand voor een buurtgenoot, een bewonersinitiatief of deelname aan een vereniging; het zijn de dagelijkse contacten en activiteiten die zorgen voor verbinding, leefbaarheid en veerkracht in de stad.
Met de Visie Sterke Sociale Basis, die in 2026 is vastgesteld, is een belangrijke stap gezet in het verder versterken van deze beweging. In het eerste kwartaal van 2027 wordt de uitvoeringsagenda vastgesteld. Hierin worden de uitgangspunten De inwoner maakt het verschil, Ontmoeten kan overal en Samenwerken aan een sterke sociale basis vertaald naar concrete acties en resultaten.
Samen met inwoners, vrijwilligersorganisaties, maatschappelijke partners en stedelijke netwerken werken we aan sterke buurten en wijken. Daarbij zetten we in op het behouden, waarderen, ondersteunen en stimuleren van vrijwilligers, onder meer via Zoetermeer voor Elkaar. Ook bouwen we voort op bestaande samenwerkingen, zoals de Community tegen Eenzaamheid, het Netwerk Inclusie en Diversiteit, het Netwerk Eten en Ontmoeten en de Lief en Leedstraten.
We ondersteunen initiatieven die ontmoeting, sociale samenhang en onderlinge hulp bevorderen en werken aan het wegnemen van drempels voor bewonersinitiatieven. Via een wijkgerichte aanpak zorgen we ervoor dat maatschappelijke voorzieningen en ontmoetingsplekken beter worden benut, signalen uit de wijk sneller worden opgepakt en inwoners gemakkelijker aansluiting vinden bij vrijwilligerswerk, buurtactiviteiten en informele netwerken. Daarnaast versterken we de ontmoetingsmogelijkheden voor jongeren, zodat ook zij beschikken over laagdrempelige plekken voor ontmoeting, participatie en ontwikkeling.
Maatschappelijke ondersteuning
Het college wil dat inwoners zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen, mee kunnen doen in de samenleving en tijdig passende ondersteuning ontvangen wanneer dat nodig is. Daarom wordt ingezet op een toegankelijke en mensgerichte uitvoering van de Wmo, waarin niet de beperking maar de mogelijkheden van inwoners centraal staan. Positieve gezondheid vormt hierbij een belangrijk uitgangspunt.
Naast individuele ondersteuning wordt nadrukkelijk ingezet op preventie en het versterken van de sociale basis. Hierdoor kunnen hulpvragen eerder worden gesignaleerd en waar mogelijk worden opgelost in de eigen omgeving. Ook blijft het college investeren in de ondersteuning en waardering van mantelzorgers en vrijwilligers, omdat zij een onmisbare bijdrage leveren aan de zorg en ondersteuning van inwoners.
Gebiedsgerichte ondersteuning - inZet
De afgelopen jaren heeft inZet zich ontwikkeld tot een belangrijke partner binnen het sociaal domein. Samen met onder meer huisartsen, zorgaanbieders, scholen, woningcorporaties en maatschappelijke organisaties wordt gewerkt aan ondersteuning dichtbij inwoners. Hierbij wordt ingezet op een sterkere verbinding tussen welzijn, zorg, wonen en gezondheid, zodat signalen eerder worden opgepakt en inwoners sneller passende ondersteuning ontvangen. In 2027 wordt deze samenwerking verder versterkt door de doorontwikkeling van wijkgericht werken, de verbinding tussen het sociaal en medisch domein, uitbreiding van collectieve ondersteuning en een verdere inzet op Welzijn op Recept, mantelzorgondersteuning en groepsgericht aanbod.
Tegelijkertijd blijft de ondersteuningsvraag groeien als gevolg van vergrijzing, toenemende mentale gezondheidsproblematiek, de beweging van het medisch naar het sociaal domein en een grotere vraag naar informatie, advies en toegang tot ondersteuning. Het aantal inwoners dat ondersteuning ontvangt is tussen 2024 en medio 2026 gemiddeld met 15,6% per jaar gegroeid. Deze groei is aanzienlijk hoger dan waarmee in de huidige bekostiging rekening wordt gehouden.
inZet heeft de afgelopen jaren ingezet op collectieve ondersteuning, preventie, vroegtijdige ondersteuning en domeinoverstijgende samenwerking. Hierdoor worden inwoners eerder bereikt, vaker ondersteund in groepsverband en waar mogelijk geholpen vanuit welzijn en de sociale basis. Deze werkwijze heeft bijgedragen aan het afremmen van de groei van zwaardere Wmo-voorzieningen en daarmee aan een doelmatiger inrichting van het sociaal domein.
De opdracht van inZet groeit echter sneller dan het beschikbare budget. Hierdoor ontstaat een toenemende spanning tussen de omvang van de opgave en de middelen die beschikbaar zijn om deze uit te voeren. Zonder aanvullende middelen bestaat het risico dat wachttijden oplopen, de druk op Team Toegang verder toeneemt en inwoners minder snel de ondersteuning krijgen die zij nodig hebben. Ook komt de beweging naar meer preventieve, collectieve en wijkgerichte ondersteuning onder druk te staan, terwijl juist deze aanpak helpt om zwaardere en duurdere zorgtrajecten zoveel mogelijk te voorkomen.
Om de continuïteit van de dienstverlening, de toegankelijkheid van ondersteuning en de ingezette transformatie te borgen, is het noodzakelijk om taak en budget weer met elkaar in balans te brengen. Daarom is een structurele ophoging van het budget van inZet noodzakelijk. Deze ophoging betreft geen uitbreiding van de opdracht, maar een actualisatie van de financiering die aansluit bij de huidige omvang van de opgave en de feitelijke groei van de ondersteuningsvraag.
Daklozenpunt
Het Daklozenpunt biedt inwoners met (dreigende) dakloosheid laagdrempelige ondersteuning, advies, doorverwijzing en een briefadres. Sinds de start als pilot in 2020 heeft de voorziening haar meerwaarde bewezen door problemen vroegtijdig te signaleren en escalatie te voorkomen.
De pilot werd gefinancierd vanuit tijdelijke VWS-middelen via de centrumgemeente Den Haag. Deze financiering is inmiddels beëindigd, terwijl de behoefte aan het Daklozenpunt blijft bestaan. Zonder voortzetting bestaat het risico dat inwoners later in beeld komen en een groter beroep moeten doen op maatschappelijke opvang, zorg, handhaving en andere gemeentelijke voorzieningen.
Personen met onbegrepen gedrag
Het college zet zich in voor een sluitende aanpak voor inwoners met onbegrepen gedrag. Daarbij staan tijdige signalering, passende ondersteuning en een goede samenwerking tussen zorg-, welzijns- en veiligheidspartners centraal. Het doel is om inwoners zo vroeg mogelijk in beeld te krijgen, ondersteuning toegankelijk te maken en escalatie van problemen zoveel mogelijk te voorkomen.
Mede naar aanleiding van het rekenkameronderzoek naar personen met onbegrepen gedrag wordt in 2027 de lokale aanpak verder versterkt. Daarbij wordt ingezet op een betere regie op complexe casuïstiek, een intensivering van de subsidie aan Meldpunt Bezorgd en het verbeteren van de vindbaarheid van ondersteuning. Daarnaast worden voorstellen uitgewerkt voor de inzet van ervaringsdeskundigheid, uitbreiding van bemoeizorg en de ontwikkeling van crisis- en triagevoorzieningen. Hiermee wordt gewerkt aan een samenhangende aanpak waarin inwoners sneller passende ondersteuning ontvangen en maatschappelijke overlast en crisissituaties zoveel mogelijk worden voorkomen.
Woonzorgvisie
Zoetermeer staat de komende jaren voor een groeiende woonzorgopgave als gevolg van vergrijzing, een toenemende zorgvraag en het landelijke beleid om inwoners zo lang mogelijk zelfstandig thuis te laten wonen. De gemeente werkt daarom samen met woningcorporaties, zorg- en welzijnsorganisaties aan een toekomstbestendige woon- en zorgstructuur waarin passende woningen, zorg, ondersteuning en ontmoeting zoveel mogelijk samenkomen.
In 2027 wordt de uitvoering van de Uitvoeringsagenda Woonzorg Samen aan de slag voortgezet. Belangrijke speerpunten zijn het realiseren van minimaal vijf woonzorgconcepten uiterlijk in 2030, het bevorderen van doorstroming en bewustwording onder senioren en het beter benutten, aanpassen en transformeren van bestaande woonruimte. Daarnaast wordt ingezet op het versterken van maatschappelijke voorzieningen in de wijken, de inzet van flatcoaches en sociaal beheer, het verbeteren van monitoring en datagedreven werken en het verder uitbouwen van de samenwerking met partners. Hiermee wordt gewerkt aan buurten waarin inwoners langer zelfstandig kunnen wonen, passende ondersteuning beschikbaar is en ontmoeting en samenredzaamheid worden gestimuleerd.
In 2027 wordt ook gewerkt aan het opstellen van de regionale woonzorgvisie Haaglanden. Deze visie biedt Zoetermeer kaders voor de herijking van de lokale woonzorgvisie en bevat onder andere afspraken over nieuwe urgentiecategorieën en de toeleiding naar passende huisvesting. Het proces rondom de herijking van de lokale woonzorgvisie wordt daarom vooruitgeschoven.
Realisatie gemeentelijke opvang
Om uitvoering te geven aan de wettelijke opgaven voor de opvang van asielzoekers, ontheemden uit Oekraïne en de huisvesting van statushouders, werkt de gemeente in 2027 verder aan de realisatie van passende en toekomstbestendige opvang- en woonvoorzieningen. Daarbij wordt ingezet op doelgroepflexibele locaties die ook op langere termijn kunnen worden gebruikt voor onder andere statushouders, spoedzoekers, starters en andere woningzoekenden. Hiermee wordt voorzien in de actuele opvangopgave en wordt tegelijkertijd bijgedragen aan de woningbouw- en doorstroomopgave in Zoetermeer.