Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen

(x €1.000)
Uitgaven
€ -83.012
13%
Inkomsten
€ 48.557
8%
Saldo
€ -34.455

 

Maatschappelijk effect programma: Wat willen we bereiken?

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Maatschappelijk effect programma: Wat willen we bereiken?

Bevorderen van een duurzame, veilige en aantrekkelijke leefomgeving

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Maatschappelijk effect programma: Wat willen we bereiken? - Bevorderen van een duurzame, veilige en aantrekkelijke leefomgeving

Zoetermeer werkt aan een duurzame, veilige en aantrekkelijke leefomgeving, zoals verwoord in de Omgevingsvisie Zoetermeer 2040 en de Ruimtelijke Strategie Zoetermeer 2040. Het coalitieakkoord 2026-2030 geeft hier voor de komende jaren verdere richting aan, met als inzet om de openbare ruimte merkbaar beter te maken. De plannen worden verder uitgewerkt in o.a. de omgevingsprogramma’s kwaliteit van de leefomgeving en energie. De impuls openbare ruimte werken we de komende periode verder uit in concrete maatregelen, zodat de extra middelen bijdragen aan de zichtbare verbetering van de stad. 

Omgevingsprogramma Kwaliteit van de leefomgeving

  • Aanpak voor de buitenruimte
    In 2027 werken we binnen het Omgevingsprogramma Kwaliteit van de leefomgeving aan een deelprogramma Samen maken we de buitenruimte. In de openbare ruimte komen de komende jaren verschillende opgaven samen. Naast een grote vervangingsopgave voor de openbare ruimte zijn er ambities en ontwikkelingen die vragen om aanpassingen in de inrichting van de stad. Daarom willen we werkzaamheden, investeringen en beleidsopgaven zoveel mogelijk in samenhang bekijken en uitvoeren.
    Met het deelprogramma brengen we deze opgaven bij elkaar en bepalen we waar en wanneer investeringen in de buitenruimte het meeste effect hebben. Daarbij verbinden we beleidsambities aan het assetmanagement en aan geplande projecten en benutten we kansen om werkzaamheden te combineren. We doen dit samen met inwoners en partners in de stad, zodat de inrichting en het gebruik van de buitenruimte zo goed mogelijk aansluiten bij wat er in buurten en wijken nodig is. Dit vormt de basis voor uitvoeringsplannen en een meerjarig investeringsportfolio voor de buitenruimte.
  • Uitvoering nieuw afvalbeleid 
    Met het nieuwe afvalbeleid zet de gemeente in op het verminderen van restafval en het verhogen van afvalscheiding en recycling. Dit doen we onder andere met communicatiecampagnes en het aanpakken van knelpunten in het inzamelsysteem.
    De komende jaren werken we toe naar het landelijke doel van een circulaire economie in 2050. In een circulaire economie wordt afval niet langer gezien als eindpunt, maar als grondstof voor nieuwe producten. Tegelijkertijd zorgen we voor een duidelijk, eenvoudig en toegankelijk inzamelsysteem dat aansluit bij de wensen van inwoners en bijdraagt aan een schone en leefbare stad. Daarom stapt de gemeente over op nascheiding van plastic, blik en drankkartons (PBD). Dit houdt in dat inwoners PBD niet meer hoeven te scheiden, omdat herbruikbaar PBD na inzameling uit het restafval wordt gehaald.
  • Uitvoering milieukwaliteit
    Als Zoetermeer onderschrijven we de doelen uit het Schone Lucht Akkoord (SLA). De luchtkwaliteit heeft een grote invloed op de gezondheid van de inwoners in de stad. We onderzoeken of het ondertekenen van het Schone Lucht Akkoord een bijdrage kan leveren aan het verbeteren van de luchtkwaliteit en hoe we daarin samen kunnen werken met omliggende gemeenten. Luchtkwaliteit houdt zich immers niet aan de gemeentegrenzen. Naast de luchtkwaliteit heeft ook geluid een grote invloed op de gezondheid. Blootstelling aan verhoogde geluidniveaus en geluidhinder kunnen zorgen voor verhoogde stressniveaus en slechte nachtrust.

Omgevingsprogramma Energie

  • Energietransitie

    Zoetermeer maakt werk van duurzaamheid. De energietransitie ('van het aardgas af') zorgt voor verduurzaming van woningen en bedrijven. Hiermee vergroten we het wooncomfort en stimuleren we een lagere energierekening, zodat bestaanszekerheid wordt vergroot en energiearmoede wordt tegengegaan. Daarom stimuleren we deze investeringen en zetten we in op het versnellen van de energietransitie. Daarbij werken we samen met de inwoners, woningcorporaties, omgevingsdienst, en bedrijven. Belangrijk aandachtspunt is de uitvoeringsproblematiek door netcongestie.
    Andere opgaven, zoals woningbouw, vragen om duidelijkheid over hoe duurzame warmte ingevuld kan worden per wijk, buurt en gebouw. Afgelopen jaren ontbraken echter de noodzakelijke juridische kaders en voorwaarden voor gemeenten. De komst van de Wet collectieve warmte (Wcw) en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) geeft de gemeente handvatten om de warmtetransitie concreet vorm te geven. Momenteel wordt daarom gewerkt aan een warmteprogramma. Ook is duidelijk geworden dat energietransitie alleen kan slagen als aangesloten wordt op de behoeften van inwoners en ondernemers, zoals haalbaarheid en betaalbaarheid. Dit betekent dat Zoetermeer de komende jaren haar inzet kan en moet intensiveren.

Speerpunten in 2027: Wat gaan we daarvoor doen? 

Omgevingsprogramma Kwaliteit van de leefomgeving

Deelprogramma Samen maken we de buitenruimte
Binnen het Omgevingsprogramma kwaliteit van de leefomgeving wordt deelprogramma Samen maken we de buitenruimte opgesteld. Binnen het deelprogramma Samen maken we de buitenruimte valt onder andere:

  • Uitwerken van de impuls openbare ruimte in concrete maatregelen.
  • Opstellen beleid en uitvoeringsagenda ondergrond.
  • Opstellen van BOSS-programma voor Bewegen, Ontmoeten, Spelen en Sporten in de openbare ruimte.
  • Opstellen water- en rioleringsprogramma.
  • Evalueren en actualiseren van het Bomenbeleid.
  • Een integrale investeringsaanpak met uitvoeringsplannen voor de openbare ruimte.
  • Een aanpak voor vergroening, biodiversiteit en klimaatadaptatie.
  • Het voortzetten van de implementatie van assetmanagement voor het professionaliseren van het beheer.
  • Voortzetten van de aanpak voor het tegengaan van zwerfvuil in het project Schoon is Gewoon.
  • Implementatie van het afvalbeleid met acties zoals o.a.
    • Onderzoeken van verbeteringen voor het zelfbrengdepot en de milieueilanden.
    • Plaatsen van perscontainers voor papier en karton.
    • Voorbereiden van de invoering van nascheiding van PBD.
    • Opstellen beheerplan ondergrondse containers.

Deelprogramma Gezonde leefomgeving
Binnen het Omgevingsprogramma kwaliteit van de leefomgeving wordt deelprogramma Gezonde leefomgeving opgesteld. Binnen het deelprogramma Gezonde leefomgeving valt onder andere:

  • De Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie wordt geactualiseerd vanwege de klimaatstresstest van mei 2026.
  • De subsidieregeling voor Groene daken wordt geëvalueerd en aangepast om meer vergroening van daken in Zoetermeer mogelijk te maken.
  • Het uitwerken van de gevolgen van de Europese Natuurherstelwet.
  • Versterken van de positie in de regio op het gebied van groen en biodiversiteit.
  • Uitwerken van de beleidsrichting circulariteit in beleid en een uitvoeringsagenda voor Circulair Bouwen, Circulair Ondernemen, Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) en Afval.
  • Onderzoeken deelname en ondertekenen van het Schone Lucht Akkoord.

Omgevingsprogramma Energie

  • We helpen inwoners en lokale ondernemers bij hun wensen voor elektriciteitsaansluitingen binnen wat er technisch mogelijk is in relatie tot netcongestie.
  • We werken de warmtetransitie uit in haalbare tussendoelen: een wettelijk verplicht Warmteprogramma met concrete doelen en wijkgerichte keuzes voor aardgasvrije warmte, op basis waarvan vervolgens Wijkuitvoeringsplannen Warmte worden opgesteld.
  • Andere elementen van de wetten Wcw en Wgiw werken we uit, o.a. warmtekavelstrategie, invulling van warmtebedrijf en duurzame warmtebronnen.
  • Ondersteunen van particuliere huiseigenaren (buurtinitiatieven, VvE’s, individueel) en eigenaren van monumentaal/religieus vastgoed met energiebesparing, opwekking van stroom en aardgasvrije verwarming.
  • We versterken de inzet voor de energietransitie richting ondernemers in samenwerking met ondernemersverenigingen.
  • We werken aan de manier waarop we de hoeveelheid energie-opwek kunnen vergroten.
  • We zetten de SPUK Energiearmoede in voor maatregelen die de woonlasten verlagen van huurders van woningen met een slecht energielabel.
  • We benaderen Zoetermeerse VvE’s proactief bij verduurzaming en stimuleren kennisdeling en samenwerking via een gemeentebreed VvE-platform.
  • We herinrichten de dataverzameling en monitoring over de voortgang van de energietransitie.

Indicatoren, trendgrafieken en financiën Programma 3

Terug naar navigatie - - Indicatoren, trendgrafieken en financiën Programma 3

Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling

Terug naar navigatie - - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling

Aantal aardgasvrije woningen

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Aantal aardgasvrije woningen

Aantal woningen zonder aardgasaansluiting. Een aardgasaansluiting kan individueel of collectief zijn (gestapelde bouw met gezamenlijke CV-installatie).
Bron: CBS Statline

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
6.600
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
7.000
8.000
10.000
13.000

Toelichting:
Door geplande nieuwbouw- en verduurzamingsprojecten voorzien wij komende jaren een stijging.
NB: netcongestie kan deze ontwikkeling mogelijk vertragen.

Totale CO2-uitstoot in de gemeente voor woningen (in ton)

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Totale CO2-uitstoot in de gemeente voor woningen (in ton)

Het gaat om de CO2-uitstoot van woningen door het verbruik van aardgas, de elektriciteit die geleverd is via het openbare net en het verbruik van (gasgestookte) stadswarmte.
Bron: Landelijke klimaatmonitor

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
110.000
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
107.000
100.000
93.000
86.000

Toelichting:
De trend laat een jaarlijkse afname zien die als het goed is doortrekt naar de toekomst. Hier is ook het landelijke en gemeentelijke beleid op gericht.
NB: omdat de data in de Klimaatmonitor op dit onderdeel gemiddeld 1,5 jaar achterlopen, betreffen de cijfers over jaar X in feite de gegevens van jaar X-1.

Totale CO2-uitstoot in de gemeente voor bedrijven (dienstverlening, geen industrie) (in ton)

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Totale CO2-uitstoot in de gemeente voor bedrijven (dienstverlening, geen industrie) (in ton)

Het gaat om de CO2-uitstoot van bedrijfsgebouwen door het verbruik van aardgas, de elektriciteit die geleverd is via het openbare net en het eventuele verbruik van (gasgestookte) stadswarmte.
Bron: Landelijke klimaatmonitor

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
77.000
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
70.000
67.500
65.000
62.500

Toelichting:
De trend over de laatste 5 jaar laat een afname zien die naar verwachting doortrekt naar de toekomst. Hier is ook het landelijke en gemeentelijke beleid op gericht.
NB: Omdat de data in de Klimaatmonitor op dit onderdeel gemiddeld 1,5 jaar achterlopen, betreffen de cijfers over jaar X in feite de gegevens van jaar X-1.
NB: De twee indicatoren over CO2-uitstoot bieden onvoldoende inzicht in hoeverre het gemeentelijk beleid bijdraagt aan deze afname van CO2-uitstoot, omdat de cijfers zijn berekend en herleid uit landelijke en regionale ontwikkelingen. Om een betere, globale indicatie te krijgen van de invloed van gemeentelijk beleid op de voortgang van de Zoetermeerse energietransitie, moet ook naar de twee andere effectindicatoren worden gekeken, te weten het aantal aardgasvrije woningen en geïnstalleerd vermogen zonne-energie.

Geïnstalleerd vermogen in zonne-energie in Megawatt (MW)

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Geïnstalleerd vermogen in zonne-energie in Megawatt (MW)

Geïnstalleerd vermogen in zonne-energie is het totale elektrische vermogen van de in een gebied geïnstalleerde zonnepanelen, uitgedrukt in megawatt (MW). Het betreft het opgestelde vermogen van zon-PV-installaties (zonnepanelen die elektriciteit opwekken) op de peildatum/einde van het betreffende jaar. De indicator geeft daarmee de omvang van de aanwezige zonne-energiecapaciteit weer, en niet de daadwerkelijk opgewekte hoeveelheid elektriciteit.
Bron: Landelijke klimaatmonitor

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
93
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
127
137
145
150

Toelichting:
In Zoetermeer is de hernieuwbaar opgewekte elektriciteit afkomstig van zonnepanelen en windmolens. Het streven voor 2030 is om 149 GWh aan duurzame stroom op te wekken. Het opgestelde vermogen aan windenergie is stabiel (9 MW); dit levert op jaarbasis gemiddeld 16 GWh energie op. In 2030 is dan een jaarproductie zonne-energie nodig van 133 GWh; hiervoor is een opgesteld vermogen van ongeveer 150 MW aan zonnepanelen nodig.

Aantal kilogram restafval per inwoner

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Aantal kilogram restafval per inwoner

Het aantal kilogram fijn huishoudelijk restafval per inwoner.
Bron: Gemeentelijke database

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
200
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
195
195
192
188

Trendgrafiek Aantal kilogram restafval per inwoner

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Trendgrafiek Aantal kilogram restafval per inwoner

Toelichting:
Het aantal kilogram fijn huishoudelijk restafval per inwoner laat de laatste jaren een licht dalende trend zien. Voor de komende jaren is de verwachting dat deze daling doorzet door de uitvoering van het nieuwe afvalbeleid. In 2028 wordt een stabilisatie verwacht vanwege de invoering van nascheiding van PBD. Doordat inwoners dan PBD niet meer apart hoeven aan te bieden, kan de bereidheid om andere afvalstromen te scheiden afnemen. Naar verwachting zet de dalende trend vanaf 2029 weer door, doordat inwoners gewend raken aan de nieuwe situatie en blijvend wordt ingezet op het stimuleren van afvalscheiding.

Financiën

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.1 Bevorderen duurzame ontwikkeling - Financiën Bedragen x €1.000
Doelstelling
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Bevorderen duurzame ontwikkeling (3.1)
4.804
-114
244
464
500

Toelichting:
Onder deze doelstelling zijn voornamelijk de kosten van afvalinzameling en -verwerking (en handhaving) opgenomen en de daarbij behorende opbrengst afvalstoffenheffing (en overige opbrengsten afval). Daarnaast zijn de kosten en de opbrengsten van Duurzaam en Groen en de Energietransitie opgenomen. De daling van het (voordelige) budget wordt veroorzaakt doordat in 2026 nog een specifieke subsidie via dit programma liep.     
Voor het aardgasvrij maken in Palenstein is budget opgenomen (2027 € 3,4 mln., 2028 € 2,7 mln. en 2029 € 1,0 mln.). De aanleg wordt gedekt vanuit de in de brede bestemmingsreserve gestorte rijksbijdrage van (2027 € 3,0 mln., 2028 € 2,5 mln. en 2029 € 1 mln.). Ook de uitgaven vanuit het Duurzaamheidsfonds verlopen via deze doelstelling. Het rijk heeft voor de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid tot en met 2030 € 3,0 mln. per jaar subsidie beschikbaar gesteld. Hier staan even hoge kosten tegenover. Omdat de specifieke subsidie van het rijk vanaf 2026 via de algemene uitkering loopt en voor 2026 en 2027 nog een te besteden subsidierestant beschikbaar is, lopen de uitgaven en inkomsten niet meer op programmaniveau gelijk. Voor de totale begroting is dit wel het geval.

Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte

Terug naar navigatie - - Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte

% Van de openbare ruimte dat op het afgesproken kwaliteitsniveau zit

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte - % Van de openbare ruimte dat op het afgesproken kwaliteitsniveau zit

Per kwartaal wordt op willekeurige meetlocaties de beeldkwaliteit gemeten en de procentuele scores op en boven de norm bepaald. De ambities zijn per gebiedstype vastgesteld in de Nota Onderhoud Openbare Ruimte.
Bron: Quickscan openbare ruimte

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
93%
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
90%
90%
90%
90%

Toelichting:
De ambities zijn per gebiedstype vastgesteld in de Nota Onderhoud Openbare Ruimte. Afwijking tot 10% onder de afgesproken norm zijn toegestaan, vandaar de 90% in de begrotingsreeks. Zie ook Meetmethodiek Zoetermeer.

% Inwoners dat tevreden is over de openbare ruimte

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte - % Inwoners dat tevreden is over de openbare ruimte

Stadspeiling: waardering voor de aantrekkelijkheid van de directe woonomgeving rapportcijfer 6 of hoger. 
Bron: Stadspeiling

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
87%
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
85%
85%
85%
85%

Trendgrafiek % Inwoners dat tevreden is over de openbare ruimte

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte - Trendgrafiek % Inwoners dat tevreden is over de openbare ruimte

Toelichting:
De streefwaarde blijft voor 2030 op 85%. Dit betekent niet dat de ambitie voor de openbare ruimte gelijk blijft. In 2027 worden de ambities uit het coalitieakkoord verder uitgewerkt in het omgevingsprogramma Samen maken we de buitenruimte. Daarbij worden ook passende indicatoren en streefwaarden bepaald.

Waardering groene kwaliteit

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte - Waardering groene kwaliteit

Het rapportcijfer wat de inwoners (respondenten van de Stadspeiling) geven aan het buurt-, wijk-, stads- en regiogroen.
Bron: Stadspeiling 

Type
2025
2027
2028
2029
2030
Realisatie
7,6
-
-
-
-
Begroting PB 2027
-
7,5
7,5
7,5
7,5

Toelichting:
De streefwaarde blijft voor 2030 op 7,5. Dit betekent niet dat de ambitie voor de kwaliteit van het groen gelijk blijft. In 2027 worden de ambities uit het coalitieakkoord verder uitgewerkt in het omgevingsprogramma Samen maken we de buitenruimte. Daarbij worden ook passende indicatoren en streefwaarden bepaald.

Financiën

Terug naar navigatie - Doelstelling 3.2 Behouden kwaliteit openbare ruimte - Financiën Bedragen x €1.000
Doelstelling
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Behouden kwaliteit openbare ruimte (3.2)
-30.577
-34.341
-35.626
-36.571
-37.161

Toelichting:
Algemeen beheer
Dit betreft de uitgaven aan bedrijfsmiddelen (licenties en onderhoud van inspectie- en inventarisatiesoftware voor de openbare ruimte, basisregistraties, landmeting -en digitaliseringsapparatuur). 

Dagelijks beheer en klein onderhoud
Het schoon en heel houden, van de wegen, openbare verlichting, verkeersregelinstallaties, waterbouwkundige voorzieningen, onderhoud van bomen en groen, speeltoestellen, kunstwerken, riolering en parkeervoorzieningen. Bij klein onderhoud gaat het om dagelijks verzorgend onderhoud en reparaties die noodzakelijk zijn om het object in goede werkende en veilige staat te houden tegen een van tevoren vastgesteld kwaliteitsniveau. Het gaat om maatregelen die nodig zijn om onderdelen van de openbare ruimte goed te laten werken en er netjes uit te laten zien. Met de impuls openbare ruimte doen we meer dan alleen regulier beheer en onderhoud. We nemen extra maatregelen om de stad zichtbaar te verbeteren en de openbare ruimte netter, veiliger en aantrekkelijker te maken.

Exploitaties
Dit betreft de exploitatie van de bij de gemeente in beheer zijnde fietsenstallingen in het Stadshart, parkeerbeheer, begraafplaatsen en het gronddepot in de Driemanspolder.

Groot onderhoud
Dit betreft onderhoud gericht op het in stand houden van civiele kunstwerken, openbare verlichting, speeltoestellen, verkeersregelinstallaties en het vervangen van bomen. Groot onderhoud is in de regel gepland onderhoud van veelal ingrijpende aard als gevolg van slijtage, dat op een substantieel deel van het object wordt uitgevoerd. 

Risico's

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Risico's

Netcongestie
Sinds december 2024 hebben we te maken met netcongestie. Dit vormt een structureel risico voor de haalbaarheid, snelheid én betaalbaarheid van de energietransitie én de projecten in de openbare ruimte. Dit moet worden opgelost door (versnelling van) netverzwaring, slimme sturing van vraag en aanbod en een goede ruimtelijk afgestemde planning van ontwikkelingen. Met het oog op de warmtetransitie ligt de focus op besparing, isolatie en haalbare warmte. De gemeente doet er alles aan om initiatiefnemers van bouwplannen te ondersteunen bij het tijdig aanvragen van stroomaansluitingen. Ondanks dat hier vol op wordt ingezet, is de verwachting dat de netcongestie pas in 2035 volledig is opgelost. Hierdoor kan stagnatie optreden in het tempo van de energietransitie.

Afvalstoffenheffing
Het kabinet heeft het voornemen om vanaf 2028 stapsgewijs de afvalstoffenbelasting en de CO2-heffing voor afvalverbranding verder te laten stijgen. Dit maakt het verwerken van restafval een stuk duurder. Dit heeft invloed op de afvalstoffenheffing.

Prijsstijging IJzerzandfilter project Ons Blauwe Goud
De investeringskosten van het IJzerzandfilter als onderdeel van het project Ons Blauwe Goud (raadsvoorstel 2024-057217 Realisatie ijzerzandfilter project Ons Blauwe Goud ) valt mogelijk € 1 tot 2 mln. hoger uit als gevolg van prijsstijgingen. Met het Hoogheemraadschap van Rijnland worden mogelijkheden tot mede financiering voor een bedrag van € 0,8 mln. verkent. De uitvoering staat vooralsnog gepland in 2027.

Beleidswijzigingen

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Beleidswijzigingen
Bedragen x € 1.000 
Nieuw beleid 2027 2028 2029 2030
Perspectiefnota 2027 Niet van toepassing
Coalitieakkoord 2026-2030
1. Acties vergroening, waaronder gratis bomen voor inwoners 200 200 200 200
2. Budget netcongestie (kansen verzilveren irt woningbouw) PM PM PM PM
3. Impuls openbare ruimte 1.500 1.680 2.038 2.393
Saldo 1.700 1.880 2.238 2.593


Toelichting:
1. Acties vergroening, waaronder gratis bomen voor inwoners
Vergroeningsmaatregelen treffen die bijdragen aan een aantrekkelijkere, klimaatbestendige en biodiverse leefomgeving. Onderdeel hiervan is het voortzetten van de regeling voor gratis bomen voor inwoners en het stimuleren van initiatieven die bijdragen aan de vergroening van particuliere en openbare ruimte.

2. Budget netcongestie (kansen verzilveren in relatie tot woningbouw)
Knelpunten als gevolg van netcongestie te beperken en kansen voor woningbouw, maatschappelijke voorzieningen en economische ontwikkelingen te benutten. De benodigde inzet en financiële omvang worden nader uitgewerkt op basis van actuele ontwikkelingen en onderzoeken.

3. Impuls openbare ruimte
Vanuit het coalitieakkoord wordt de komende bestuursperiode geïnvesteerd in een zichtbare kwaliteitsimpuls voor de openbare ruimte. Maatregelen die bijdragen aan de aantrekkelijkheid, verkeersveiligheid, toegankelijkheid, vergroening en verblijfskwaliteit van wijken en buurten, aanvullend op de reguliere beheer- en onderhoudsopgave.

 4. Afvalbeleid en gevolgen voor de indicatoren
Op 26 januari 2026 is het geamendeerde Afvalbeleidsplan 2026-2030 door de raad vastgesteld. De uitvoering van de maatregelen uit dit beleid heeft gevolgen voor enkele streefwaarden voor effect- en prestatie-indicatoren:

Effectindicator:

  • Aantal kilogram restafval per inwoner: Met de uitvoering van het nieuwe afvalbeleid wordt een daling van het aantal kilogram restafval per inwoner verwacht. Omdat gedragsverandering tijd vraagt, zijn de geraamde waarden aangepast. Daarbij wordt uitgegaan van een geleidelijke daling, met een tijdelijke stabilisatie rond de invoering van nascheiding in 2028. De reeks van streefwaarden was 185 kg in 2027 en 179 kg in 2028 en 2029. Deze wordt aangepast naar 195 kg in 2027, aflopend naar 188 kg in 2030.

Prestatie-indicator (collegeniveau):

  • % Inwoners dat (zeer) tevreden is over de afvalinzameling: De eerdere ramingen waren gebaseerd op de invoering van minicontainers voor PBD. Met de aanname van het amendement ‘Alternatief Afvalplan Oog voor gemak, samen naar lagere kosten’ is gekozen voor nascheiding van PBD. Omdat nascheiding van PBD naar verwachting als minder ingrijpend wordt ervaren dan de invoering van een extra minicontainer, zijn de geraamde tevredenheidspercentages voor de komende jaren aangepast. De reeks van streefwaarden was 75% in 2026 en 80% in 2027 en verder. Deze wordt aangepast naar 89% in 2027, oplopend naar 90% in 2030.
  • % Gescheiden ingezamelde PBD ten opzichte van het totaal opgehaalde PBD: Vanaf 2028 wordt PBD niet langer gescheiden ingezameld. Daarom wordt in de Perspectiefnota 2028 een nieuwe prestatie-indicator voorgesteld. Daarnaast is het eerder begrote percentage van 50% voor 2027 niet langer passend, omdat in dat jaar geen maatregelen worden uitgevoerd om de scheiding van PBD te stimuleren. De reeks van streefwaarden was 50% in 2027 en 60% in 2028 en 2029. Deze wordt aangepast naar 23% in 2027 en de indicator komt vanaf 2028 te vervallen.

5. Samen werken aan een klimaatbestendig Zoetermeer, verlengen geldigheidsduur Nota Riolering 2023 t/m 2026
Zoetermeer maakt een nieuw riolerings- en waterplan dat verder kijkt dan alleen riolen. Naast het veilig afvoeren van afval- en regenwater komt er meer aandacht voor klimaatverandering, zoals hevige buien, langere periodes van droogte en hitte. Het plan richt zich op het vasthouden van regenwater, het vergroenen van de leefomgeving en het verminderen van wateroverlast. Ook wordt gekeken hoe water en groen kunnen bijdragen aan een prettige en gezonde woonomgeving. Nieuwe digitale technieken en betere gegevens over het rioolstelsel helpen om onderhoud slimmer te plannen en problemen eerder te signaleren. Zo werkt Zoetermeer aan een toekomstbestendige stad die beter is voorbereid op de uitdagingen van morgen. De Nota Riolering 2028-2031 zal in 2027 worden afgerond. Het voorstel is de Nota Riolering 2023 t/m 2026 (2022-086423) met 1 jaar te verlengen tot en met 2027.

Financieel samengevat: Wat mag het kosten?

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Financieel samengevat: Wat mag het kosten? Bedragen x €1.000

Toelichting financiën op hoofdlijnen:

  • Doelstelling 3.1 - Bevorderen duurzame ontwikkeling
    Hieronder valt het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Hiervoor is ongeveer € 16,5 mln. beschikbaar. De inkomsten onder deze doelstelling bestaan vooral uit de afvalstoffenheffing en overige opbrengsten afval (€ 23 mln.). Aan het verbeteren van het leefmilieu (geluid- en luchtkwaliteit, energiebesparing en verbetering biodiversiteit), Duurzaam en Groen, is in totaal € 2,2 mln. beschikbaar. Voor de WKO en het duurzaamheidsfonds zijn incidenteel middelen beschikbaar, voor 2027 bedraagt dit ca. € 5,5 mln. deze uitgaven worden via reserves gedekt. Daarnaast zijn specifieke middelen van het rijk beschikbaar waaronder de Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) € 3 mln. Vanaf 2028 en verder wordt dit gedekt vanuit de algemene uitkering uit het gemeentefonds omdat het rijk het budget van de specifieke uitkering hiernaar heeft overgeheveld. Voor 2027 geldt dit deels omdat er nog een restant subsidiebudget beschikbaar is van voorgaande jaren. Vanaf 2027 en vanaf 2028 wordt achtereenvolgens € 1,6 mln. en € 0,8 mln. gestort in de brede bestemmingsreserve in afwachting van een voorstel over de besteding hiervan.

  • Doelstelling 3.2 - Behouden kwaliteit openbare ruimte
    De kosten bestaan uit budgetten voor dagelijks, periodiek en groot onderhoud van de openbare ruimte. Hiervoor is in 2027 ca. € 47 mln. beschikbaar. Dit is inclusief € 1,5 mln. impuls openbare ruimte. Een deel van de nieuwe impuls wordt gebruikt om de tijdelijke kwaliteitsimpuls uit het vorige coalitieakkoord voort te zetten. Het totaalbedrag loopt daarna op als gevolg van de nieuwe impuls uit het coalitieakkoord. Daartegenover staan inkomsten van ca. € 13 mln. bestaande uit rioolheffing, parkeerinkomsten, vrijval voorziening, inkomsten begraafplaats en bijdragen van derden.

Aangenomen amendementen en moties Perspectiefdebat 2027

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Aangenomen amendementen en moties Perspectiefdebat 2027
Motie 2607-12 Water- en natuurspeeltuin Rakkersveld

Verzoekt het college:

  1. Bij de herinrichting van het Rakkersveld een onderhoudsvriendelijke water-natuurspeeltuin als mogelijke inrichtingsvariant mee te nemen in het participatietraject;
  2. Hierbij aandacht te besteden aan verkoeling, vergroening, biodiversiteit, speelwaarde, toegankelijkheid en ontmoeting;
  3. Bewoners, omwonenden en toekomstige gebruikers actief te betrekken bij de uitwerking van de plannen en hun inbreng aantoonbaar mee te wegen in het uiteindelijke ontwerp;
  4. De raad te informeren over de haalbaarheid, investeringskosten en beheer- en onderhoudskosten van deze variant.

Stand van zaken:
De uitvoering van de motie is gestart. De gemeente onderzoekt de mogelijkheden voor een nieuwe bestemming van het Rakkersveld. De raad wordt uiterlijk in juni 2027 geïnformeerd over de haalbaarheid, investeringskosten en beheer- en onderhoudskosten van een water-natuurspeeltuin.

Motie 2607-19 Rookvrije Speeltuinen Dobbe-Eilanden

Draagt het college op:

  1. de speeltuinen op de Dobbe-eilanden te voorzien van duidelijke aanduidingen, zoals borden en/of stoeptegels, waaruit blijkt dat deze speelplekken rookvrij zijn;
  2. in te zetten op positieve communicatie, sociale normstelling en voorlichting richting bezoekers om het rookvrije karakter van deze speelplekken te respecteren;
  3. de gemeenteraad uiterlijk in februari 2027 te informeren over de uitvoering en resultaten van deze maatregelen.

Stand van zaken:
De uitvoering van de motie is gestart. De gemeente is in gesprek met externe partijen over de plaatsing en evaluatie van duidelijke aanduidingen bij de speeltuinen op de Dobbe-eilanden. De raad wordt uiterlijk in februari 2027 geïnformeerd over de uitvoering en resultaten.

Motie 2607-20 Pluktuin bij Begraafplaats

Verzoekt het college op om:

  1. te onderzoeken of bij één van de gemeentelijke begraafplaatsen ruimte aanwezig is voor een pluk- en bloementuin.
  2. daarbij de kosten, het beheer, de mogelijkheden voor inzet van vrijwilligers en/of mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en de gevolgen voor de biodiversiteit in beeld te brengen.
  3. indien haalbaar, een pluk- en bloementuin te realiseren en bezoekers hierover duidelijk te informeren.
  4. de raad uiterlijk april 2027 te informeren over de uitkomsten van dit onderzoek en de vervolgstappen.

Stand van zaken:
De uitvoering van de motie is gestart. Het onderzoek naar de aanwezige ruimte wordt opgezet. De raad wordt uiterlijk in april 2027 geïnformeerd over de resultaten van het onderzoek en de vervolgstappen.

Motie 2607-25 Vergroening Randstadrailstroken

Verzoekt het college:
de groenstroken langs het Randstadrailtracé te inventariseren en waar mogelijk ecologisch te verrijken met bloemrijke beplanting en struiken.

Stand van zaken:
De uitvoering van de motie wordt voorbereid. Momenteel wordt de omvang van de opgave geïnventariseerd en worden mogelijke opties voor ecologische verrijking onderzocht. De raad wordt uiterlijk in december 2026 geïnformeerd over de uitvoering en de resultaten.

Motie 2607-46 (Water)pret in Palenstein

Draagt het college op

  1. zich maximaal in te spannen om voor een aantal zaterdagen in de zomervakantie een (water)pret in Palenstein te organiseren op of nabij het
    Rakkersveld;
  2. de kosten voor de uitvoering te vinden binnen bestaande budgetten, zoals wijkbudget of binnen het programma vrije tijd.

Stand van zaken:
De motie is uitgevoerd en het college heeft de raad verzocht om de motie als afgedaan te beschouwen.

Waar staat je gemeente indicatoren

Terug naar navigatie - Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen - Waar staat je gemeente indicatoren