Financiële begroting
Inleiding
Terug naar navigatie - Financiële begroting - InleidingDeze Programmabegroting 2027–2030 is de eerste begroting van het nieuwe college.
Dankzij de inzet van € 10 mln. uit de algemene reserve is het structurele begrotingssaldo voor 2027 € 4,453 mln. positief. Hiermee kunnen we een sluitende begroting presenteren. Dit is een belangrijke mijlpaal, omdat het de gemeente in staat stelt om onder repressief toezicht van de provincie te blijven opereren. Tegelijkertijd is het financiële perspectief voor de jaren na 2027 zorgelijk. Vanaf 2028 lopen de tekorten structureel op. Dit heeft te maken met de inkomsten die we van het rijk krijgen voor de jeugdzorg. Voor 2027 heeft het rijk een toevoeging aan de algemene uitkering van het gemeentefonds gedaan van zo’n € 10 mln. voor de extra kosten in de jeugdzorg. Deze toevoeging komt vanaf 2028 grotendeels te vervallen. Deze ontwikkeling vraagt om een scherpe bestuurlijke koers en een zorgvuldige afweging van ambities en middelen in de toekomst.
De Programmabegroting 2027-2030 is gebaseerd op de uitgangspunten uit de Perspectiefnota 2027 en de uitkomsten van het perspectiefdebat. Daarbij is rekening gehouden met de effecten van de meicirculaire, de moties die door de raad zijn aangenomen en de structurele effecten die voortvloeien uit het Tweede Tussenbericht 2026.
De provincie beoordeelt de begroting op structureel en reëel evenwicht. Omdat het structurele saldo voor 2027 nog positief is, blijft Zoetermeer onder repressief toezicht. Toch is het van belang om alert te zijn op de oplopende tekorten in de meerjarenraming en de noodzaak om tijdig aanvullende maatregelen te treffen waarbij keuzes gemaakt moeten worden die bijdragen aan de robuustheid van onze stad en organisatie.
In 2027 wordt gewerkt aan maatregelen om ook op langere termijn een structureel sluitende begroting te behouden. Samen met de raad wordt een zorgvuldig afwegingsproces doorlopen, waarbij verschillende scenario’s worden uitgewerkt om inzicht te bieden in de mogelijke keuzes en gevolgen. De raad wordt gedurende dit proces actief betrokken, zodat afwegingen en keuzes in gezamenlijkheid kunnen worden voorbereid. In het najaar van 2026 ontvangt de raad een procesvoorstel voor het vervolgtraject en de besluitvorming. Op basis van de uitgewerkte scenario’s wordt in 2027 een samenhangend pakket aan maatregelen uitgewerkt dat moet bijdragen aan een structureel sluitende begroting, ook voor de jaren daarna.
De reserves van de gemeente blijven op peil. De Vrij inzetbare reserve bedraagt eind 2027 nog € 155 mln. met een weerstandsvermogen van 6,66 (ruim boven de norm van 1,0). Het Fonds Zoetermeer 2040 wordt ingezet voor strategische investeringen en heeft een omvang van € 69 mln. in 2027. De reserve daalt naar € 52 mln. in 2030.
We blijven investeren in de noodzakelijke transities op het gebied van wonen, mobiliteit, duurzaamheid en dienstverlening. Tegelijkertijd zetten we in op het versterken van onze weerbaarheid, het verbeteren van onze uitvoeringskracht en het benutten van kansen via samenwerking en externe financiering, zoals subsidies en regiodeals.
Grondslagen
Terug naar navigatie - Financiële begroting - GrondslagenDe volgende grondslagen bepalen mede het financiële beeld in de programmabegroting:
- Ontwikkeling van de aantallen inwoners en woningen
- Beleid ten aanzien van verwachte ontwikkeling van het loon- en prijspeil
- Ontwikkeling algemene uitkering
- Rentepercentages
- Afschrijvingstermijnen.
Ontwikkeling van de aantallen inwoners en woningen
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Ontwikkeling van de aantallen inwoners en woningenIn deze begroting is voor de berekening van de uitkering van het gemeentefonds uitgegaan van de aantallen woningen en inwoners zoals opgenomen in onderstaande tabel.
| Per 1 januari | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
| Woningen Inwoners |
58.674 |
59.157 130.715 |
59.375 130.994 |
60.242 132.737 |
62.390 137.300 |
De aantallen inwoners en woningen zijn voor de financiële begroting belangrijke parameters, omdat veel financiële stromen (zoals algemene uitkering en diverse belastingen) worden berekend aan de hand van deze parameters. De financiële gevolgen van een toename van de woningen (en veranderingen in het aantal inwoners) is voor het begrotingssaldo in principe neutraal. De hogere inkomsten als gevolg van meer woningen/inwoners worden voor maximaal 50% gestort in de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 (voormalig Reserve Investeringsfonds) en voor 50% ingezet voor hogere kosten van beheer/voorzieningen als gevolg van uitbreiding van het aantal inwoners en het te onderhouden openbaar gebied.
Loon- en prijsstijging
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Loon- en prijsstijgingDe gevolgen voor loon- en prijsstijging ten opzichte van de begroting 2026 zijn in de programma’s van de begroting 2027 verwerkt.
| 2027 | |
| Prijsstijging | 1,9% |
| Loonstijging | 4,2 % |
Prijsstijging 2027
Op basis van de gegevens van het Centraal Plan Bureau (CPB) van maart 2026 wordt de prijsstijging voor 2027 bepaald. Voor de prijsstijging wordt de Index materiele overheidsconsumptie (Imoc) gebruikt.
Voor de lasten, baten en de opbrengsten van de belastingen, leges en heffingen- van de begroting 2027 wordt uitgegaan van een prijsstijging van 1,9% ten opzichte van de begroting 2026.
Dit percentage is als volgt tot stand gekomen. De inschatting van het CPB van de Imoc staat in onderstaande tabel weergegeven. Het bestaat uit de inschatting voor 2027 van 2,1% en een correctie van -0,2% over voorgaande jaren. In totaal een stijging van 1,9%.
| 2027 | |
|
Correctie 2025 en 2026 |
-0,2% |
Loonstijging 2027
Op basis van de gegevens van het CPB van maart 2026 wordt de loonstijging voor 2027 bepaald. Voor de loonstijging wordt de loonvoet overheid gebruikt. Voor de stijging van de loonkosten wordt een stijgingspercentage van 4,2% aangehouden ten opzichte van de begroting 2026. Bij de bepaling van het stijgingspercentage is rekening gehouden met de sociale lasten, zoals deze bekend zijn op 1 januari 2026.
| 2028 | 2029 | 2030 | |
| Prijsstijging Loonstijging |
2,6% 4,0% |
2,3% 3,6% |
2,5% 3,5% |
Ontwikkeling algemene uitkering
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Ontwikkeling algemene uitkeringDe in de begroting verwerkte algemene uitkering is gebaseerd op de Meicirculaire 2026. Met de eventuele gevolgen uit de Septembercirculaire 2026 wordt in de programmabegroting zelf geen rekening gehouden. De budgettaire vertaling daarvan wordt betrokken in de volgende perspectiefnota. Voor Zoetermeer leverde de Meicirculaire 2026 een voordeel op van per saldo ongeveer € 5,5 mln. in 2027. Vanaf 2028 en verder geeft de Meicirculaire 2026 ook een positief beeld, doordat de herijking van de verdeling van het gemeentefonds over alle gemeenten naar achteren is geschoven. Zoetermeer is een nadeelgemeente (€ 106,- per inwoner). Dit nadeel wordt pas vanaf 2029 verder ingevoerd terwijl tot nu toe rekening was gehouden met verdere invoering vanaf 2027. Een uitgebreidere toelichting is opgenomen in het Overzicht algemene dekkingsmiddelen (OAD).
Rentepercentages
Terug naar navigatie - Financiële begroting - RentepercentagesOnderstaande tabel vermeldt de rentepercentages waarmee in de begroting 2027 is gerekend.
| Investeringen | 2027 |
|
Nieuw en vervanging |
2% |
|
Grondbedrijf |
|
|
Omslagrente |
0% |
Afschrijvingstermijnen
Terug naar navigatie - Financiële begroting - AfschrijvingstermijnenOp investeringen wordt afgeschreven. Daardoor worden de investeringsuitgaven in de tijd verdeeld over de gebruiksduur van de investering. De geldende afschrijvingstermijnen zijn opgenomen in bijlage 13. De raad bepaalt afschrijvingstermijnen en legt deze vast in verschillende beleidsnota’s. Ter wille van het overzicht wordt het totaaloverzicht van actuele afschrijvingstermijnen in de begroting opgenomen.
Totstandkoming van de begroting
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Totstandkoming van de begroting
De bovenstaande tabel toont de cijfermatige vertaling van de diverse momenten bij het opstellen van de begroting. In november 2025 heeft de raad de Programmabegroting 2026-2029 vastgesteld (zie regel 1). Hieraan zijn de financiële gevolgen van de raadsbesluiten (regel 2) en de mutaties uit het Eerste Tussenbericht 2026 (regel 3) toegevoegd. Voor de perspectiefnota zijn de begrotingswijzigingen toegevoegd die al wel aan de raad waren aangeleverd, maar waar nog geen besluit over was genomen (regel 4). Het saldo van de Perspectiefnota 2027 staat op regel 5. Dit is het vertrekpunt voor het opstellen van de begroting. De gevolgen van de Meicirculaire 2026 (regel 6) zijn verwerkt in het Tweede Tussenbericht 2026. De raadsvoorstellen van mei tot en met juli 2026 in aanvulling op regel 4 zijn op regel 7 opgenomen. Het coalitieakkoord met dekking (regels 8 t/m 12) is verwerkt in deze begroting. In het coalitieakkoord was een voorschot genomen op de meicirculaire (regel 10) met een dekking van € 2 mln. dit bedrag is onderdeel van regel 6. En de mutaties van het Tweede Tussenbericht 2026 met meerjarig effect staan op regel 13.
Afwijkingen op bestaand beleid na peildatum Perspectiefnota 2027
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Afwijkingen op bestaand beleid na peildatum Perspectiefnota 2027Na het perspectiefdebat hebben zich de volgende mutaties vanaf 2027 voorgedaan.
Bedragen in € 1.000 |
|||||||
Mutaties Tweede Tussenbericht 2026 met gevolgen na 2026 |
MJB 2027-2030 |
XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX |
|||||
Nr |
Prog |
Omschrijving |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
|
1 |
1 |
Reclame-inkomsten |
-154 |
||||
2 |
1 |
Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren |
-146 |
-213 |
-281 |
-374 |
|
3 |
1 |
Alleenverdienersproblematiek |
-75 |
||||
4 |
1 |
Automatiseringskosten Sociaal Domein |
-100 |
-100 |
-100 |
-100 |
|
5 |
1 |
Voortijdig schoolverlaten |
-111 |
||||
5 |
1 |
Voortijdig schoolverlaten |
111 |
||||
6 |
2 |
Kinderopvang voor pleegouders |
-85 |
||||
7 |
2 |
Continuïteit jeugdbescherming en jeugdreclassering |
-102 |
-pm |
-pm |
||
8 |
2 |
Specialistische jeugdhulp, prijscompensatie |
-1.161 |
-1.050 |
-1.009 |
-1.009 |
|
9 |
2 |
Samenhang sociaal domein |
-96 |
||||
10 |
2 |
Beschermd wonen |
67 |
67 |
|||
11 |
2 |
Wmo, huishoudelijke ondersteuning |
-237 |
-237 |
-237 |
-237 |
|
12 |
2 |
Uitvoeringskosten lokaal geweld |
-221 |
||||
12 |
2 |
Uitvoeringskosten lokaal geweld, bijdrage Den Haag |
221 |
||||
13 |
2 |
Versterking lokale aanpak discriminatie |
-18 |
||||
14 |
2 |
Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) |
-1.500 |
-1.800 |
-2.100 |
||
14 |
2 |
Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA), SPUK |
1.500 |
1.800 |
2.100 |
||
15 |
2 |
Regionale middelen Haaglanden |
-9.200 |
-11.200 |
-8.000 |
||
15 |
2 |
Regionale middelen Haaglanden - SPUK |
9.200 |
11.200 |
8.000 |
||
16 |
3 |
Uitvoeringskosten afvalbeleidsplan |
-385 |
||||
16 |
3 |
Verhoging tarief afvalstoffenheffing |
385 |
||||
17 |
3 |
Afvalstoffenheffing |
172 |
172 |
172 |
172 |
|
18 |
3 |
Herstraten parkeerterrein Van Tuyllpark |
-174 |
||||
19 |
3 |
Aanpak zwerfvuil |
-324 |
||||
19 |
3 |
Aanpak zwerfvuil, SUP-vergoeding |
324 |
||||
20 |
3 |
Uitbreiding projectbegeleiding en ondersteuning |
-100 |
-100 |
-100 |
-100 |
|
21 |
3 |
Doorrekening Nota Openbare ruimte 2027-2030 |
-2.083 |
-1.534 |
-1.590 |
-2.035 |
|
21 |
3 |
Doorrekening Nota Openbare ruimte 2027-2030, dekking reserve groot onderhoud |
862 |
317 |
40 |
258 |
|
22 |
3 |
Groot onderhoud asfalt programma |
-1.965 |
-296 |
|||
22 |
3 |
Groot onderhoud asfalt programma, dekking reserve groot onderhoud |
1.965 |
296 |
|||
23 |
4 |
Kunstopdrachten in de openbare ruimte |
-114 |
||||
23 |
4 |
Kunstopdrachten in de openbare ruimte, onttrekking reserve |
114 |
||||
24 |
4 |
Valbeveiliging gebouwen |
-15 |
-15 |
-15 |
-15 |
|
25 |
5 |
Jaarwisseling |
-152 |
-152 |
-152 |
-152 |
|
26 |
5 |
Cameratoezicht |
-160 |
-237 |
-314 |
-420 |
|
27 |
5 |
Bijdrage ODH |
-130 |
-126 |
-112 |
-112 |
|
28 |
5 |
Bijdrage aan VRH |
-246 |
-246 |
-246 |
-246 |
|
29 |
5 |
Vervanging software toepasbare regels Omgevingswet |
30 |
30 |
30 |
30 |
|
30 |
5 |
Inhuur veiligheid |
-365 |
||||
31 |
6 |
Legesinkomsten Burgerzaken |
60 |
125 |
-220 |
-220 |
|
32 |
6 |
Transitie omgevingsplan |
-150 |
||||
33 |
7 |
Reconstructie Bleiswijkse weg Oost (kapitaallasten) |
39 |
39 |
|||
34 |
7 |
Faciliterend project Eleanor Rooseveltlaan |
-29 |
-766 |
|||
34 |
7 |
Faciliterend project Eleanor Rooseveltlaan |
-42 |
766 |
|||
34 |
7 |
Verrekening met reserves |
71 |
||||
35 |
7 |
Compensatie water en groen faciliterende projecten |
17 |
28 |
|||
35 |
7 |
Compensatie water en groen faciliterende projecten, storting brede bestemmingsreserve |
-17 |
-28 |
|||
36 |
7 |
Onderhoud gemeentelijke panden |
-584 |
-105 |
-106 |
-102 |
|
36 |
7 |
Onderhoud gemeentelijke panden, huuropbrengsten |
24 |
24 |
24 |
24 |
|
37 |
7 |
Faciliterend project Oostergo, lasten |
-17 |
-41 |
|||
37 |
7 |
Faciliterend project Oostergo, baten |
17 |
41 |
|||
38 |
7 |
Faciliterend project Eerste Stationsstraat 185 |
-40 |
-40 |
-40 |
||
38 |
7 |
Faciliterend project Eerste Stationsstraat 185, dekking reserve |
40 |
40 |
40 |
||
39 |
7 |
Mobiliteitsprogramma |
27 |
||||
40 |
ovh |
Personeelsvergoedingen |
180 |
180 |
180 |
180 |
|
41 |
ovh |
Bestuursadvies en strategie |
-169 |
-169 |
-169 |
-169 |
|
42 |
ovh |
Bijdrage New Town |
90 |
90 |
90 |
90 |
|
43 |
ovh |
WA-verzekering |
-30 |
-30 |
-30 |
-30 |
|
44 |
ovh |
Rechtmatigheid en risicobeheersing |
-155 |
||||
45 |
OAD |
Algemene uitkering, meicirculaire |
5.570 |
7.820 |
6.980 |
7.400 |
|
46 |
OAD |
Taakmutaties, inzet |
342 |
228 |
281 |
374 |
|
47 |
OAD |
Taakmutaties, vrijval |
1.250 |
1.100 |
600 |
0 |
|
48 |
OAD |
Reservering extra prijsstijging |
1.498 |
1.387 |
1.346 |
1.109 |
|
49 |
OAD |
Treasury (rente en dividend) |
800 |
1.200 |
1.100 |
800 |
|
50 |
OAD |
Dotatie Reserve dekking tijdelijke intensivering beleid |
-5.000 |
||||
51 |
OAD |
Onttrekking Reserve dekking tijdelijke intensivering beleid |
2.500 |
2.500 |
2.500 |
2.500 |
|
52 |
OAD |
Dekking veroudering van de stad |
1.221 |
1.217 |
1.550 |
1.777 |
|
53 |
OAD |
Dekking voor groei van de stad |
169 |
169 |
169 |
169 |
|
54 |
OAD |
Taakmutatie arbeidsmarktregio |
561 |
413 |
-877 |
-706 |
|
54 |
OAD |
Reserve arbeidsmarktregio |
-561 |
-413 |
877 |
706 |
|
55 |
OAD |
Onttrekking Vrij inzetbare reserve (surplus) |
10.000 |
||||
Totaal |
13.215 |
12.351 |
10.381 |
9.562 |
|||
XXXXXXXX |
XXXXXXXX |
XXXXXXXX |
XXXXXXXX |
||||
1. Reclame-inkomsten
De gemeente kent verschillende soorten inkomsten vanuit reclame. Dit betreft reclame op masten, in lichtbakken aan lichtmasten, reclameframes, reclamevitrines, billboards en driehoeksborden. Voor de abri’s en de reclamevitrines is voor 2027 € 324.000 opgenomen in de begroting. Het grootste deel van de opbrengst zit met name in de digitale objecten. Een groot aantal abri's is nog niet gedigitaliseerd, omdat exploitant nog wacht op de benodigde elektrische aansluiting. Deze abri's worden nu tijdelijk analoog geëxploiteerd of heeft op dit moment geen reclame-uiting. Het contract gaat pas in als de abri’s en reclame-vitrines zijn aangesloten op het elektriciteitsnet. Dit is nog niet gebeurd en het is onzeker wanneer dit gaat plaatsvinden. Daardoor kan het afgesproken bedrag nog niet in rekening worden gebracht. Dit geeft naar het zich laat aanzien voor 2027 een nadeel op de opbrengsten van € 104.000.
Voor de reclame aan de lichtmasten geldt dat de opbrengsten door opzeggingen (waaronder één grote tussenpersoon) aanzienlijk teruglopen. In de begroting is daar € 142.000 voor opgenomen. Het is onzeker wat het effect voor 2027 is en wat de mogelijke structurele gevolgen zijn. Voorlopig wordt rekening gehouden met een nadeel voor 2027 van € 90.000. Hier staat een voordeel van € 40.000 wegens lagere kosten onderhoud tegenover.
2. Re-integratiedienstverlening gericht op jongeren
Via de meicirculaire 2026 heeft het rijk aanvullende middelen beschikbaar gesteld aan de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s voor de uitvoering van re-integratiedienstverlening gericht op jongeren. Het betreft een structurele bijdrage van € 75.000 vanaf 2026 voor de coördinerende rol in het kader van de Wet van school naar duurzaam werk. Daarnaast ontvangt de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal vanaf 2027 extra middelen voor de re-integratiedienstverlening aan jongeren die door het UWV zijn afgewezen voor een Wajong-uitkering op basis van het duurzaamheidscriterium. Deze bijdrage bedraagt € 71.000 in 2027 en loopt op tot structureel € 0,3 mln. vanaf 2030. De dekking komt via OAD.
3. Alleenverdienersproblematiek
In de meicirculaire 2026 heeft het rijk middelen beschikbaar gesteld aan gemeenten om huishoudens die door de alleenverdienersproblematiek onder het bestaansminimum uitkomen, financieel te ondersteunen. Deze bijdrage vloeit voort uit de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek, op basis waarvan gemeenten in de periode 2025-2027 een vaste tegemoetkoming verstrekken aan alleenverdienershuishoudens. Voor 2026 en 2027 worden hogere kosten verwacht van € 75.000, de dekking van deze kosten zit op OAD.
4. Automatiseringskosten Sociaal Domein
Voor de automatiseringskosten met betrekking tot applicaties welke rechtstreeks bijdragen aan het sociaal domein wordt een structureel nadeel voorzien van ca. € 0,1 mln. Dit is hoofdzakelijk het resultaat van hogere prijsindexaties door leveranciers dan in de begroting was verwerkt De dekking komt via OAD.
5. Voortijdig Schoolverlaten
Voor de uitvoering van de Doorstroompuntfunctie is voor 2026 een nieuwe beschikking van het rijk ontvangen. De bijdrage is daarbij verhoogd met € 111.000. De extra middelen worden in 2027 ingezet voor de begeleiding van jongeren die ondersteuning nodig hebben bij de overgang van school naar werk of vervolgonderwijs, waaronder ook jongeren die onder de nieuwe doelgroep van 23 tot en met 26 jaar vallen.
6. Kinderopvang voor pleegouders
Het rijk stelt voor de periode 2025-2027 jaarlijks middelen beschikbaar als tegemoetkoming in de kinderopvangkosten voor pleegkinderen. De gemeente vergoedt dit als 'bijzondere kosten pleegzorg'. Dekking voor 2027 van € 85.000 kan gevonden worden in de taakmutatie Kinderopvang pleegouders in de algemene uitkering op OAD.
7. Continuïteit jeugdbescherming en jeugdreclassering
In de Programmabegroting 2026-2029 stond de continuïteit van de jeugdbescherming en jeugdreclassering als nieuw risico opgenomen. Inmiddels is bekend dat voor het jaar 2027 een instandhoudingsbijdrage betaald moet worden. Voor Zoetermeer is deze momenteel bepaald op € 102.000. Eind 2026 wordt de definitieve hoogte van de bijdrage vastgesteld. Voor de jaren 2028 en 2029 zal op een later moment een besluit worden genomen.
8. Specialistische jeugdhulp, prijscompensatie
De indexatie van de tarieven voor specialistische jeugdhulp wijkt af van de gemeentelijke indexatie. Middels deze wijziging wordt hiervoor gecorrigeerd.
9. Samenhang sociaal domein
De gemeente Zoetermeer staat voor de opgave de samenhang en effectiviteit binnen het sociaal domein verder te versterken. Om hier invulling aan te geven worden opgaven integraal aangepakt. Dit richt zich op alle inwoners van Zoetermeer en levert een belangrijke bijdrage aan de ambitie van Zoetermeer om een aantrekkelijke, leefbare en toekomstbestendige stad te zijn. Hiervoor is interne en externe capaciteit nodig. De totale kosten in 2027 zijn € 96.000.
10. Beschermd Wonen
De € 67.000 heeft betrekking op de jaarlijkse vergoeding die de gemeente Zoetermeer ontvangt van de contactgemeente Den Haag voor de kosten van Beschermd Wonen. Zolang het nieuwe woonplaatsbeginsel nog niet is ingevoerd, worden deze kosten via Den Haag afgerekend. De uitgaven zijn al opgenomen in de begroting, maar de bijbehorende inkomsten voor 2027 en 2028 worden hiermee opgenomen .
11. Wmo huishoudelijke ondersteuning
Bij de huishoudelijke ondersteuning wordt een structureel nadeel van € 237.000 verwacht. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de fors hogere tarieven van het nieuwe inkoopcontract. Daarnaast liggen de gemiddelde kosten 15% hoger dan in dezelfde periode van 2025. Hierdoor zijn meer middelen nodig om de ondersteuning aan inwoners te kunnen blijven bieden. Deze kosten worden gedekt vanuit OAD.
12. Uitvoering lokale aanpak huiselijk geweld
Op basis van de regiovisie huiselijk geweld en kindermishandeling Haaglanden en de lokale uitvoeringsagenda huiselijk geweld 2026 wordt in 2027 er € 221.000 besteed aan de aanpak huiselijk geweld. Dit bedrag wordt ingezet voor inzet vanuit GGD-GIA en voor de inkoop van trainingen en preventieve activiteiten. Dit bedrag wordt betaald uit de bijdrage die hiervoor gereserveerd staat bij de gemeenschappelijke regeling Veilig Thuis Haaglanden.
13. Versterking Lokale Aanpak Discriminatie
De gemeente Zoetermeer ontvangt vanuit het gemeentefonds incidenteel € 18.000 voor de versterking van de gemeentelijke anti-discriminatievoorziening (ADV). Deze middelen worden beschikbaar gesteld aan de Stichting voor Inclusie en Discriminatiebestrijding voor de uitvoering van de wettelijke taken op grond van de Wet gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen (Wga). De bijdrage wordt ingezet om de toegenomen vraag naar ondersteuning en het groeiende aantal meldingen van discriminatie op te vangen en de toegankelijkheid en bereikbaarheid van de anti-discriminatievoorziening voor inwoners verder te versterken. De ontvangen middelen zijn opgenomen in het Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien (OAD).
14. Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA)
Voor de uitvoering van het lokale gezondheidsbeleid ontvangt Zoetermeer via de specifieke uitkering AZWA € 1,5 miljoen in 2027, € 1,8 miljoen in 2028 en € 2,1 miljoen in 2029. Deze middelen worden ingezet voor de lokale gezondheidsinfrastructuur en het duurzaam borgen van preventieve ketenaanpakken zoals Kansrijke Start en valpreventie. De omvang van de structurele middelen vanaf 2030 is nog niet bekend.
15. Regionale middelen Haaglanden
Voor de regio Haaglanden is vanuit de specifieke uitkering AZWA € 9,2 miljoen beschikbaar in 2027, € 11,2 miljoen in 2028 en € 8,0 miljoen in 2029. Deze middelen worden ingezet voor de uitvoering van de regionale werkagenda en voor het versterken van de samenwerking tussen het sociaal en medisch domein. Vanuit deze middelen wordt onder meer gewerkt aan de structurele borging van sociaal werk in huisartspraktijken.
16. Uitvoeringskosten afvalbeleidsplan
Het nieuwe Afvalbeleidsplan is later vastgesteld dan verwacht. Daarnaast zijn tijdens de raadsbehandeling van het Afvalbeleidsplan twee amendementen aangenomen die eerst nog verder uitgewerkt moeten worden. Het betreft het voor de gehele gemeente overgaan op nascheiding in plaats van alleen de hoogbouw en uitgebreid inzetten op GFT-scheiding. Hierdoor zijn de uitgaven in 2026 lager. De uitgaven zullen in 2027 worden gemaakt en worden meegenomen in het tarief van de afvalstoffenheffing.
17. Afvalstoffenheffing
De opbrengst van de afvalstoffenheffing valt structureel € 172.000 hoger uit doordat het aantal huishoudens hoger is dan geraamd bij de begroting.
18. Herstraten parkeerterrein Van Tuyllpark
De kosten van het geschikt maken van het parkeerterrein voor autogebruik bij zwembad de Watergeus komen hoger uit. In 2027 is een aanvullend bedrag nodig van € 174.000.
19. Aanpak zwerfvuil
Het project 'Schoon is gewoon' (raadsvoorstel Aanwending budget voor aanpak zwerfvuil 2024-041173) loopt af in 2026. Het project zal worden geëvalueerd waarna een nieuw voorstel tot aanwending budget voor de aanpak zwerfvuil zal worden gedaan bij de Perspectiefnota 2028. 'Schoon is gewoon' wordt in 2027 voortgezet in de huidige vorm en hiervoor wordt in de begroting 2027 eenmalig een bedrag aan uitgaven en inkomsten opgenomen van € 324.000. De hoogte van dit bedrag is gebaseerd op de verwachte Single Use Plastic (SUP) vergoeding voor de komende jaren.
20. Uitbreiding projectbegeleiding en ondersteuning
Voor de uitwerking en begeleiding van projecten in de openbare ruimte die de komende jaren in uitvoering zullen gaan, zijn structureel vier technisch voorbereiders, een trainee en een assistent projectmanager nodig. De kosten hiervan bedragen € 0,5 mln. waarvan € 0,4 mln. uit projectfinanciering verkregen wordt.
21. Doorrekening Nota Openbare ruimte 2027-2030
Om de budgetten voor groot onderhoud en vervanging van de bestaande kapitaalgoederen te borgen worden in de Programmabegroting 2027 de kosten herijkt passend bij het bestaande beleid op basis van onderhoudsbehoefte passend bij de actuele hoeveelheden en eenheidsprijzen voor de periode 2026-2027.
De aanpassing van beheerde hoeveelheden, eenheidsprijzen en de huidige prijsontwikkeling in de markt, leidt tot een kostenstijging van € 2,083 mln. in 2027, € 1,534 mln. in 2028, € 1,590 mln. in 2029 en € 2,035 mln. in 2030. De prijsstijgingen worden grotendeels opgevangen door de reservering voor de veroudering van de stad op OAD. Het resterende deel wordt opgevangen door een onttrekking uit de egalisatiereserve Groot onderhoud bovengronds van € 862.000 in 2027, € 317.000 in 2028, € 40.000 in 2029 en € 258.000 in 2030).
In het coalitieakkoord is geld opgenomen voor een impuls in de openbare ruimte. De uitwerking hiervan start in 2026 en loopt door in 2027 en verder. Omdat daarbij ook wordt gekeken naar nieuwe ambities voor onderhoudskwaliteit en kwaliteitsniveaus, stelt het college voor om de Nota Onderhoud Openbare Ruimte en Nota Riolering nu beleidsmatig voort te zetten. De inhoudelijke aanpassing van de Nota Onderhoud Openbare Ruimte en een nieuw water- en rioleringsprogramma volgt in 2027. Andere onderdelen van de impuls komen op latere momenten via afzonderlijke uitwerkingen terug naar de raad. De Perspectiefnota 2028 is het formele moment waarop het college voorstellen doet voor de besteding van de impulsgelden voor de openbare ruimte uit het coalitieakkoord.
22. Groot onderhoud asfalt programma en kunstwerken
Als gevolg van een vertraagde aanbesteding worden werkzaamheden uit het Groot onderhoud asfalt programma 2026 en kunstwerken 2026 uitgevoerd in 2027 en 2028. Aan de reserve Groot onderhoud bovengronds wordt in totaal een bedrag van € 2,26 mln. onttrokken in 2027 € 1.965 mln. en in 2028 € 0,296 mln.
23. Kunstopdrachten in openbare ruimte
In 2027 werken we onder andere aan de kunstopdrachten bij het Nationaal Videogame Museum Zoetermeer, MOTION Beweeg College en in Rokkeveen aan een Ode aan de Floriade . De verwachte kosten hiervoor worden geschat op € 114.000. Deze kosten worden onttrokken aan de Reserve Beeldende Kunst in Openbare Ruimte.
24. Valbeveiliging gebouwen
Door gewijzigde regelgeving is het noodzakelijk om valbeveiliging aan te brengen aan de panden van de gemeente Zoetermeer. De jaarlijkse onderhoudskosten bedragen € 15.000.
25. Jaarwisseling
De kosten voor de aanpak jaarwisseling inclusief de bij de veiligheidsaanpak behorende evenementen (jongerenfeest en centrale laser/vuurwerkhows) worden verantwoord binnen programma 5 Veiligheid. De kosten voor de veiligheidsaanpak en evenementen nemen jaarlijks aanzienlijk toe als gevolg van de stijgende kosten voor onder andere de inzet van beveiliging in en rondom (school)gebouwen en risicolocaties in de stad, en de stijging voor het organiseren van de twee evenementen. De centrale lasershows op de Markt zijn als gevolg van het landelijke vuurwerkverbod uitgebreid met een vuurwerkshow om zo een goed alternatief te kunnen bieden voor het vuurwerkverbod.
Het jongerenfeest maakt een vast onderdeel uit van de aanpak van de jaarwisseling. De kosten nemen hiervoor ook toe.
De verwachting is dat de kosten voor de veiligheidsaanpak (exclusief het schadebedrag) oplopen, hiervoor is jaarlijks extra budget van € 152.000 nodig.
26. Cameratoezicht
De politie-eenheid Den Haag heeft het convenant effectief per 1 januari 2027 over cameratoezicht met ons opgezegd. De komende jaren wordt via een overgangsregeling toegewerkt naar de nieuwe verdeling van de lasten. De uiteindelijke verdeling van de lasten wordt in 2030 bereikt. Deze houdt in 70% voor rekening van de gemeente en 30% voor rekening van de politie. In de Perspectiefnota 2027 is melding gemaakt van deze wijziging. Bij ongewijzigde uitgangspunten nemen de lasten in 2027 toe met € 160.000. In de jaren daarna loopt dit op met € 77.000 per jaar tot 2030. Daarnaast vindt iedere 4 jaar een onderzoek/evaluatie plaats van het flexibele en vaste cameratoezicht. De kosten hiervoor bedragen ca. € 30.000. Op dit moment (2026) wort het cameratoezicht geëvalueerd. De volgende evaluatie vindt plaats in 2030.
27. Bijdrage Omgevingsdienst Haaglanden (ODH)
De bijdrage aan de Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) wordt jaarlijks geïndexeerd, we dragen bij aan het Toezicht en Handhaving op de WPM (Werkgebonden Personen Mobiliteit) en we sluiten de bijdrage aan op de begroting van de ODH. Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) Hiervoor is € 112.000 structureel in de begroting opgenomen.
Werkzaamheden voor het programma Omgevingsveiligheid uitgevoerd door de Omgevingsdienst Haaglanden (dekking uit taakmutatie) voor 2027 € 18.000 en 2028 € 14.000.
28. Bijdrage Veiligheidsregio Haaglanden (VRH)
Door de VRH is aangegeven dat de gevraagde bezuiniging van 6,2% niet gerealiseerd kan worden. Structureel is er 1% gerealiseerd. Daarnaast nemen de kosten toe. Het gaat om een bedrag van € 246.000.
Herstructurering financiering VRH en ODH
Zowel voor de VRH als de ODH lopen er trajecten in het kader van een aanpassing van de financiering van deze organisaties. De voorbereidingen zijn in volle gang. Concrete resultaten zijn nog niet te melden.
29. Implementatie en vervanging software toepasbare regels Omgevingswet
Het aflopende contract met de leverancier is niet verlengd. De nieuwe software die we hebben gekozen is goedkoper dan de software waar we nu mee werken.
30. Inhuur veiligheid
Dit betreft extra inzet op het thema weerbaarheid en het versterken van het strategisch vermogen. De werkzaamheden zijn aangevangen in 2026 en hebben een doorlooptijd naar 2027.
31. Legesinkomsten Burgerzaken
Eind 2025 is het dashboard Publieksplein vernieuwd, waardoor prognoses nauwkeuriger kunnen worden opgesteld. De meest recente prognose laat zien dat de paspoortpiek in 2028 wordt bereikt en vanaf 2029 het aantal aanvragen voor een persoonsdocument afneemt. Deze geactualiseerde prognose leidt tot een aanpassing van de geraamde legesinkomsten.
32. Transitie Omgevingsplan
Voor het voorbereiden, coördineren en realiseren van de implementatie van het Omgevingsplan wordt de capaciteit tijdelijk uitgebreid. De impact van het Omgevingsplan op de bestaande werkprocessen wordt geanalyseerd. Een transitieplan wordt opgesteld en zorgt voor de herinrichting, uniformering en borging van processen, werkinstructies en werkwijzen.
33. Reconstructie Bleiswijkseweg Oost
Op 27 mei 2024 heeft de gemeenteraad een budget beschikbaar gesteld van ca. € 2,9 mln. voor de herinrichting van de Bleiswijkseweg. Een deel van deze kosten wordt gedekt door subsidie van de MRDH. De voorbereiding heeft door onder andere de uitwerking van het groenplan en samenloop van (toekomstige) werkzaamheden van Stedin meer tijd in beslag genomen dan gepland. De planning is dat in het najaar 2026 wordt gestart met de uitvoering en dat het werk eind 2027 wordt opgeleverd. In 2028 zal de nazorg plaatsvinden. Voor 2027 geeft dit een nadeel op het budget voor de uitvoering van ca. € 2,1 mln. en een nadeel van ca. € 0,55 mln. wegens lagere subsidie. Voor 2027 en 2028 geeft dit een voordeel op de kapitaallasten van € 39.000.
34. Faciliterend project Eleanor Roosveltlaan
Het project heeft een langere doorlooptijd (o.a. door de procedure bij de Raad van State en gewijzigde planuitwerking) waarbij sprake is van een herfasering van plankosten en het herinrichten van de openbare ruimte. Door de optimalisatie van het bouwplan door de projectontwikkelaar wordt er minder gemeentelijk grond afgenomen (minder opbrengsten). Per saldo budget neutraal.
35. Compensatie water en groen faciliterende projecten
Bij drie faciliterende projecten transformatorstations verkoopt de gemeente een perceel openbaar gebied aan Stedin. Deze percelen worden (gedeeltelijk) bebouwd, waarvoor een financiële compensatie wordt ontvangen voor het verloren gaan van natuur, groen- en watervoorzieningen. De ontvangen compensatie wordt gestort in de Brede bestemmingsreserve. Per saldo neutraal.
36. Onderhoud gemeentelijke panden
Voor een aantal panden moet achterstallig groot onderhoud worden uitgevoerd. Twee panden worden verhuurd, voor de drie andere panden moeten nog huurders worden gevonden. De panden zijn nooit afgeschreven, dit gaat vanaf 2027 wel plaatsvinden. Voor de exploitatielasten (onderhoud, afschrijving, OZB etc.) is gedeeltelijke dekking uit huur aanwezig.
37. Faciliterend project Oostergo
Het project heeft een langere looptijd wat leidt tot extra plankosten in 2027 en 2028. Deze extra plankosten worden gedekt door diverse subsidies. Per saldo neutraal.
38. Faciliterend project Eerste Stationsstraat 185
Doordat het oorspronkelijke schetsontwerp afweek van de Planuitvoeringskader (PUK), is vertraging ontstaan binnen het project. Hierdoor zijn er minder plankosten in 2026 gemaakt, deze werkzaamheden verschuiven naar 2027 en verder (nadeel € 120.000). De dekking van deze kosten uit de verkoop van een perceel grond en de financiële bijdrage van de initiatiefnemer schuift evenredig mee naar 2027 en verder (voordeel € 120.000). Per saldo neutraal.
39. Mobiliteitsprogramma
In de Programmabegroting 2026 is vanuit het mobiliteitsprogramma van 2021 en eerder in totaal een budget opgenomen van ca. € 1,55 mln. Hiertegenover staat een inkomst aan subsidie van de MRDH van ca. € 0,95 mln. begroot. Door het gebrek aan capaciteit (projectmanagement en uitvoeringscapaciteit) zijn deze projecten nog niet allemaal opgepakt en ontstaat een voordeel op deze budgetten van ca. € 1,5 mln. op de uitgaven en een nadeel van € 0,95 mln. op de inkomsten. De uitvoering van de projecten wordt opnieuw gepland. Daarbij wordt ook met de MRDH afgestemd over de beschikbaarheid en planning van de toegekende subsidies. Het uitstel geef in ieder geval een voordeel op de kapitaallasten van ca. € 27.000.
40. Personeelsvergoedingen
Op basis van de gerealiseerde en verwachte uitgaven aan personeelsvergoedingen kan het beschikbare budget vanaf 2027 structureel met € 180.000 worden verlaagd. Het budget heeft onder andere betrekking op de regeling voor woon-werkverkeer, de thuiswerkvergoeding en de fiscale uitruilregeling voor een fiets. De verwachte uitgaven blijven lager dan het beschikbare budget. Bij de bijstelling blijft voldoende ruimte beschikbaar om ontwikkelingen in het personeelsbestand en daarmee samenhangende hogere uitgaven op te kunnen vangen.
41. Bestuursadvies en strategie
Om de gemeente Zoetermeer duurzaam toekomstbestendig te positioneren en de bestuurlijke slagkracht van de organisatie verder te versterken, is besloten de verantwoordelijkheden voor juridische aangelegenheden en bestuursondersteuning organisatorisch te scheiden. Dit heeft geleid tot de vorming van de nieuwe afdeling Bestuursadvies en Strategie.
Voor een afdelingshoofd van de afdeling is structureel € 169.000 nodig. Het voorstel is om de kosten te dekken vanuit de groei van de stad op OAD.
42. Bijdrage New-Town
De gemeente Zoetermeer ontvangt jaarlijks een bijdrage van de deelnemende gemeenten binnen de New Town Alliantie voor de coördinatie en uitvoering van gezamenlijke activiteiten. In totaal is deze bijdrage € 90.000. Zoetermeer vervult binnen de samenwerking een trekkers- en coördinerende rol, vertegenwoordigt de alliantie richting externe partners en ondersteunt de gezamenlijke lobby, kennisdeling en organisatie van activiteiten. De samenwerking heeft een structureel karakter en wordt momenteel zonder vastgestelde einddatum voortgezet.
43. WA-verzekering
De verwachte overschrijding op de WA-verzekering is € 30.000. Deze afwijking wordt niet veroorzaakt door incidentele of onvoorziene kosten, maar doordat het beschikbare budget onvoldoende is om de werkelijke verzekeringslasten te dekken. Het budget is structureel te laag ten opzichte van de contractueel verschuldigde premie, waardoor een overschrijding onvermijdelijk is. Voor toekomstige begrotingsrondes is het daarom wenselijk het budget in lijn te brengen met de daadwerkelijke kosten van de WA-verzekering.
44. Rechtmatigheid en risicobeheersing
In 2027 is een aanvullend budget van € 155.000 nodig omdat in 2027 aanvullende projectaudits en onderzoeken worden uitgevoerd in het kader van artikel 213a van de Gemeentewet, evenals om een deel van de kosten die te maken hebben met de vervanging van de huidige GRC-tool en de implementatie van de nieuwe GRC-tool te dekken. Een deel van de kosten van deze vervanging zal worden gemaakt in 2026 en een ander deel in 2027. Ook worden kosten gemaakt ter ondersteuning van Concern Control bij de totstandkoming van een aantal producten. Deze kosten vallen ook deels in 2027.
45. Algemene uitkering, meicirculaire
De meicirculaire 2026 over de uitkering van de algemene uitkering uit het gemeentefonds, heeft voor Zoetermeer een meerjarig positief resultaat. Dit wordt vooral veroorzaakt door een positief accres (hogere groei van het gemeentefonds vanwege hogere stijging van het Bruto Binnenlands Product (BBP) ) en door herverdeeleffecten. Daarnaast zijn meer middelen ontvangen voor zogenaamde taakmutaties. In totaal levert dit een hogere inkomst zoals reeds gemeld in het memo meicirculaire 2026. In het memo meicirculaire is de berekening op hoofdlijnen gemaakt. In de nadere verwerking van de circulaire zijn nog kleine wijzigingen naar voren gekomen die in de begroting worden verwerkt.
46. Inzet taakmutaties
De extra middelen die gemeenten ontvangen van het rijk voor extra taken, worden gereserveerd op OAD in afwachting van duidelijkheid over de besteding van deze middelen. In dit tussenbericht wordt een deel van de reservering ingezet voor de uitvoering van de taken op de betreffende programma's. Hieronder staat verwoord om welke taken het gaat en naar welk programma de middelen gaan.
- Re-integratie jongeren € 146.000 in 2027 oplopend naar € 374.000 in 2030 (tegenhanger programma 1)
- Alleenverdienersproblematiek € 75.000 in 2027 (tegenhanger programma1)
- Kinderopvang pleegouders € 85.000 2027 (tegenhanger programma 2)
- Gemeentelijk antidiscriminatie voorzieningen € 18.000 in2027 (tegenhanger programma 2)
- Versterking omgevingsveiligheidsdiensten € 18.000 in 2027 en € 14.000 in 2028 (tegenhanger programma 5)
47. Vrijval taakmutaties
Een deel van de reservering voor taakmutaties uit de algemene uitkering kan vrijvallen, omdat ze niet nodig zijn voor de uitvoering van het beleid. Dit wordt veroorzaakt dat sommige taken reeds werden uitgevoerd of minder lasten met zicht mee brengen. Daarnaast was een deel van de taakmutaties niet goed gerubriceerd en betrof dit dekking voor loon- en prijsstijging die al in de begroting verwerkt is.
48. Reservering extra prijsstijging
Voor de contracten in de jeugdzorg en WMO wordt gebruik gemaakt van de OVA (Overheidsbijdrage arbeidsontwikkeling). Deze index ligt hoger dan de in de begroting gehanteerde prijsindex en levert op programma 2 een nadeel op. Dekking hiervoor is de reservering voor excessieve prijsstijging op OAD.
49. Treasury
De gemeente hoeft de komende jaren geen geld aan te trekken. Dit maakt dat veranderende rentecondities op de markt geen invloed hebben op de rentelasten. Op het liquiditeitsoverschot heeft dit wel effect. De rentebaten van de schatkist worden direct beïnvloed door het rentebeleid van de ECB. Vorig jaar was het de verwachting dat de rente zou dalen tot structureel 1%. Nu gaan we ervanuit dat de rente zal stijgen naar structureel 2,68%. Dit is de hoofdoorzaak van het meerjarige voordeel. Daarnaast daalt de verwachte liquiditeit minder snel dan eerder gedacht.
50. Dotatie Reserve dekking tijdelijke intensivering beleid
In het dekkingsplan bij het coalitieakkoord is opgenomen dat er zowel in 2026 als in 2027 € 5 mln. wordt gestort in een nieuw te vormen reserve Dekking tijdelijke intensivering beleid.
51. Onttrekking Reserve dekking tijdelijke intensivering beleid
De middelen die nodig zijn voor het intensiveren van beleid zoals opgenomen in het coalitieakkoord zullen in de jaren 2027 tot en met 2030 worden onttrokken aan de reserve dekking intensivering beleid.
52. Dekking veroudering van de stad
Om de budgetten voor groot onderhoud en vervanging van de bestaande kapitaalgoederen te borgen worden in de Programmabegroting 2027 de kosten herijkt passend bij het bestaande beleid op basis van onderhoudsbehoefte passend bij de actuele hoeveelheden en eenheidsprijzen voor de periode 2026-2027. Ter dekking van de hogere kosten wordt de reservering voor de veroudering van de stad hiervoor ingezet.
53. Dekking voor groei van de stad
Om de gemeente Zoetermeer duurzaam toekomstbestendig te positioneren en de bestuurlijke slagkracht van de organisatie verder te versterken, is besloten de verantwoordelijkheden voor juridische aangelegenheden en bestuursondersteuning organisatorisch te scheiden. Dit heeft geleid tot de vorming van de nieuwe afdeling Bestuursadvies en Strategie.
Voor een afdelingshoofd van de afdeling is structureel € 169.000 nodig. Het voorstel is om de kosten te dekken vanuit de groei van de stad op OAD.
54. Taakmutatie arbeidsmarktregio
De middelen die in de algemene uitkering ontvangen worden van het rijk voor de arbeidsmarktregio, ontvangen we niet alleen voor Zoetermeer, maar ook voor de overige deelnemers aan de regio. Incidentele middelen die we ontvangen, maar nog niet direct benutten binnen de arbeidsmarktregio, worden gestort in de reserve arbeidsmarktregio. De storting wordt vanaf 2029 verlaagd, in afwachting van de toekenning van de middelen door het rijk.
55. Onttrekking Vrij inzetbare reserve (surplus)
Om de begroting 2027 structureel in evenwicht te brengen is in het coalitieakkoord rekening gehouden met een onttrekking aan de Vrij inzetbare reserve van € 15 mln. Bij de actualisatie van de cijfers in de begroting blijkt dat kan worden volstaan met een onttrekking van € 10 mln.
Opbouw financiële begroting
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Opbouw financiële begrotingDe financiële begroting is opgebouwd uit zeven programma’s, het Overzicht Overhead, het Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien en de Vennootschapsbelasting (Vpb)
Per programma worden onderscheiden:
- Lasten
- Baten
- Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
Het saldo van baten en lasten is het exploitatiesaldo. Het eindsaldo, waarin de mutaties van de reserves zijn meegenomen, wordt het ‘geraamd resultaat’ genoemd. Onderstaande tabel geeft de te autoriseren bedragen voor 2027 weer. In bijlage 12 Overzicht taakvelden is de uitsplitsing voor de jaren 2028, 2029 en 2030 opgenomen.
Totaal raming programmabegroting 2027
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Totaal raming programmabegroting 2027 Bedragen x €1.000Totaal raming |
Begroting 2027 |
|||||
|---|---|---|---|---|---|---|
Lasten |
Baten |
Toevoegingen |
Onttrekkingen |
Saldo |
||
1. Onderwijs, economie en Arbeidsparticipatie |
-142.303 |
76.905 |
-3.421 |
3.620 |
-65.198 |
|
2. Samen leven en ondersteunen |
-182.281 |
19.904 |
0 |
133 |
-162.243 |
|
3. Leefbaarheid, duurzaam en groen |
-81.412 |
40.716 |
-1.600 |
7.841 |
-34.455 |
|
4. Vrije tijd |
-38.939 |
11.873 |
-9 |
655 |
-26.421 |
|
5. Veiligheid |
-25.414 |
1.236 |
0 |
190 |
-23.989 |
|
6. Dienstverlening en participatie |
-19.116 |
8.089 |
0 |
100 |
-10.927 |
|
7. Inrichting van de stad |
-56.135 |
41.633 |
32 |
8.465 |
-6.006 |
|
Overzicht overhead |
-61.956 |
131 |
0 |
14 |
-61.811 |
|
Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien |
-4.809 |
389.760 |
-11.511 |
16.232 |
389.671 |
|
Heffingsbedrag Vennootschapsbelasting |
-496 |
0 |
0 |
0 |
-496 |
|
Saldo |
-612.862 |
590.247 |
-16.510 |
37.250 |
-1.875 |
|
Totaaloverzicht op meerjarenbasis
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Totaaloverzicht op meerjarenbasis Bedragen x €1.000Totaal Programma's |
Begroting 2027 |
Begroting 2028 |
Begroting 2029 |
Begroting 2030 |
|
|---|---|---|---|---|---|
1. Onderwijs, economie en Arbeidsparticipatie |
|||||
Lasten |
-142.303 |
-142.714 |
-142.962 |
-143.254 |
|
Baten |
76.905 |
77.005 |
77.295 |
77.295 |
|
Saldo baten en lasten |
-65.398 |
-65.709 |
-65.667 |
-65.959 |
|
Toevoegingen |
-3.421 |
-3.245 |
-3.245 |
-3.245 |
|
Onttrekkingen |
3.620 |
3.919 |
3.480 |
3.519 |
|
Saldo reservemutaties |
199 |
674 |
235 |
275 |
|
Totaal 1. Onderwijs, economie en Arbeidsparticipatie |
-65.198 |
-65.035 |
-65.432 |
-65.684 |
|
2. Samen leven en ondersteunen |
|||||
Lasten |
-182.281 |
-172.220 |
-167.446 |
-156.440 |
|
Baten |
19.904 |
15.765 |
12.645 |
1.779 |
|
Saldo baten en lasten |
-162.377 |
-156.455 |
-154.801 |
-154.661 |
|
Onttrekkingen |
133 |
52 |
129 |
129 |
|
Saldo reservemutaties |
133 |
52 |
129 |
129 |
|
Totaal 2. Samen leven en ondersteunen |
-162.243 |
-156.403 |
-154.672 |
-154.532 |
|
3. Leefbaarheid, duurzaam en groen |
|||||
Lasten |
-81.412 |
-76.556 |
-75.718 |
-73.786 |
|
Baten |
40.716 |
37.027 |
36.567 |
36.567 |
|
Saldo baten en lasten |
-40.696 |
-39.529 |
-39.151 |
-37.219 |
|
Toevoegingen |
-1.600 |
-800 |
-800 |
-800 |
|
Onttrekkingen |
7.841 |
4.947 |
3.844 |
1.358 |
|
Saldo reservemutaties |
6.241 |
4.147 |
3.044 |
558 |
|
Totaal 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen |
-34.455 |
-35.382 |
-36.107 |
-36.661 |
|
4. Vrije tijd |
|||||
Lasten |
-38.939 |
-38.481 |
-37.993 |
-37.727 |
|
Baten |
11.873 |
11.858 |
11.873 |
11.873 |
|
Saldo baten en lasten |
-27.067 |
-26.623 |
-26.120 |
-25.854 |
|
Toevoegingen |
-9 |
0 |
0 |
0 |
|
Onttrekkingen |
655 |
0 |
0 |
0 |
|
Saldo reservemutaties |
645 |
0 |
0 |
0 |
|
Totaal 4. Vrije tijd |
-26.421 |
-26.623 |
-26.120 |
-25.854 |
|
5. Veiligheid |
|||||
Lasten |
-25.414 |
-24.148 |
-24.107 |
-24.249 |
|
Baten |
1.236 |
845 |
845 |
845 |
|
Saldo baten en lasten |
-24.179 |
-23.303 |
-23.262 |
-23.404 |
|
Onttrekkingen |
190 |
0 |
0 |
0 |
|
Saldo reservemutaties |
190 |
0 |
0 |
0 |
|
Totaal 5. Veiligheid |
-23.989 |
-23.303 |
-23.262 |
-23.404 |
|
6. Dienstverlening en participatie |
|||||
Lasten |
-19.116 |
-18.793 |
-18.141 |
-18.304 |
|
Baten |
8.089 |
7.899 |
7.014 |
7.014 |
|
Saldo baten en lasten |
-11.027 |
-10.893 |
-11.127 |
-11.290 |
|
Onttrekkingen |
100 |
0 |
0 |
0 |
|
Saldo reservemutaties |
100 |
0 |
0 |
0 |
|
Totaal 6. Dienstverlening en participatie |
-10.927 |
-10.893 |
-11.127 |
-11.290 |
|
7. Inrichting van de stad |
|||||
Lasten |
-56.135 |
-29.647 |
-25.561 |
-24.992 |
|
Baten |
41.633 |
18.887 |
18.090 |
19.361 |
|
Saldo baten en lasten |
-14.502 |
-10.760 |
-7.470 |
-5.631 |
|
Toevoegingen |
32 |
-1.444 |
-550 |
-1.476 |
|
Onttrekkingen |
8.465 |
6.299 |
1.472 |
1.406 |
|
Saldo reservemutaties |
8.496 |
4.855 |
922 |
-70 |
|
Totaal 7. Inrichting van de stad |
-6.006 |
-5.905 |
-6.548 |
-5.702 |
|
Overzicht overhead |
|||||
Lasten |
-61.956 |
-61.798 |
-61.833 |
-61.902 |
|
Baten |
131 |
131 |
131 |
131 |
|
Saldo baten en lasten |
-61.825 |
-61.667 |
-61.702 |
-61.771 |
|
Onttrekkingen |
14 |
0 |
0 |
0 |
|
Saldo reservemutaties |
14 |
0 |
0 |
0 |
|
Totaal Overzicht overhead |
-61.811 |
-61.667 |
-61.702 |
-61.771 |
|
Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien |
|||||
Lasten |
-4.809 |
-15.964 |
-23.822 |
-34.882 |
|
Baten |
389.760 |
389.321 |
391.170 |
404.076 |
|
Saldo baten en lasten |
384.951 |
373.357 |
367.349 |
369.194 |
|
Toevoegingen |
-11.511 |
-3.504 |
-2.553 |
-4.170 |
|
Onttrekkingen |
16.232 |
3.281 |
3.794 |
3.821 |
|
Saldo reservemutaties |
4.720 |
-224 |
1.241 |
-349 |
|
Totaal Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien |
389.671 |
373.133 |
368.589 |
368.845 |
|
Heffingsbedrag Vennootschapsbelasting |
|||||
Lasten |
-496 |
-298 |
-432 |
-528 |
|
Saldo baten en lasten |
-496 |
-298 |
-432 |
-528 |
|
Totaal Heffingsbedrag Vennootschapsbelasting |
-496 |
-298 |
-432 |
-528 |
|
Saldo Totaal |
-1.875 |
-12.376 |
-16.813 |
-16.581 |
|
Totaaloverzicht op meerjarenbasis samengevat
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Totaaloverzicht op meerjarenbasis samengevat Bedragen x €1.000Exploitatie |
Begroting 2027 |
Begroting 2028 |
Begroting 2029 |
Begroting 2030 |
|
|---|---|---|---|---|---|
Lasten |
-612.862 |
-580.619 |
-578.014 |
-576.064 |
|
Baten |
590.247 |
558.738 |
555.630 |
558.940 |
|
saldo van baten en lasten |
-22.615 |
-21.882 |
-22.384 |
-17.124 |
|
Toevoegingen |
-16.510 |
-8.993 |
-7.148 |
-9.691 |
|
Onttrekkingen |
37.250 |
18.498 |
12.719 |
10.233 |
|
Saldo mutatie reserves |
20.740 |
9.505 |
5.571 |
543 |
|
Geraamd resultaat |
-1.875 |
-12.376 |
-16.813 |
-16.581 |
|
Incidentele baten en lasten
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Incidentele baten en lastenInzicht in de incidentele baten en lasten is nodig om te beoordelen of de begroting structureel in evenwicht is, dat wil zeggen dat de structurele lasten worden gedekt door structurele baten. De incidentele baten en lasten blijven voor de bepaling van dat evenwicht buiten beschouwing.
Onder incidentele baten en lasten worden onder andere de volgende posten verstaan:
- Inkomsten uit grondexploitaties
- Dotaties en onttrekkingen aan reserves
- Bijzondere baten en lasten ten gevolge van incidenteel nieuw beleid
- Voordelige en nadelige afwikkelingsverschillen van voorgaande dienstjaren
- Extra afschrijvingen ten laste van de exploitatie.
Er wordt rekening gehouden met een grensbedrag van € 100.000.
Bedragen in € 1.000 |
|||||||||||||||||
Nr |
Omschrijving |
2027 |
2028 |
2029 |
2030 |
||||||||||||
1. Onderwijs, economie en Arbeidsparticipatie |
Baten |
Lasten |
Onttrek-king |
Toevoe-ging |
Baten |
Lasten |
Onttrek-king |
Toevoe-ging |
Baten |
Lasten |
Onttrek-king |
Toevoe-ging |
Baten |
Lasten |
Onttrek-king |
Toevoe-ging |
|
1 |
Formatie economie |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
Onttrek- |
2 |
Nieuwbouw IKC Seghwaert (2026-137) |
125 |
534 |
534 |
0 |
0 |
|||||||||||
3 |
Realisatie egalisatie investeringen schoolgebouwen |
3.345 |
3.245 |
3.345 |
3.245 |
3.480 |
3.245 |
3.519 |
3.245 |
||||||||
4 |
Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte |
176 |
|||||||||||||||
5 |
Reserve Sociaal innovatiefonds |
130 |
40 |
||||||||||||||
6 |
Overige posten < € 100.000 |
20 |
20 |
||||||||||||||
2. Samen leven en ondersteunen |
|||||||||||||||||
7 |
Woonzorgvisie |
133 |
0 |
52 |
129 |
129 |
|||||||||||
8 |
Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA, SPUK) |
1.500 |
1.500 |
1.800 |
1.800 |
2.100 |
2.100 |
||||||||||
9 |
Regionale middelen Haaglanden (AZWA, SPUK) |
9.200 |
9.200 |
11.200 |
11.200 |
8.000 |
8.000 |
||||||||||
3. Leefbaarheid, duurzaam en groen |
0 |
||||||||||||||||
10 |
Duurzaamheid |
4.064 |
1.815 |
3.916 |
1.800 |
2.857 |
2.804 |
1.100 |
1.100 |
||||||||
11 |
Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie |
2.907 |
2.907 |
541 |
541 |
||||||||||||
12 |
Warmte-Koude opslag Palenstein |
3.455 |
3.000 |
2.740 |
2.534 |
1.019 |
1.000 |
||||||||||
13 |
Natuurinclusief verduurzamen en Soortenmanagementplan |
153 |
153 |
||||||||||||||
14 |
Tijd regeling cap dec overh klimaat- en energiebel (CDOKE), storting brede best.res. |
1.600 |
800 |
800 |
800 |
||||||||||||
15 |
Schoonmaakacties in wijken |
200 |
200 |
0 |
|||||||||||||
16 |
Doorrekening Nota Openbare Ruimte 2027-2030, dekking egalisatiereserve Groot onderhoud |
862 |
317 |
40 |
258 |
0 |
|||||||||||
17 |
Groot onderhoud asfaltprogramma, dekking egalisatiereserve Groot onderhoud |
1.965 |
296 |
0 |
0 |
||||||||||||
4. Vrije tijd |
|||||||||||||||||
18 |
Vrijval kapitaallasten De Boerderij |
-425 |
-425 |
-425 |
|||||||||||||
19 |
Erfgoedcentrum |
541 |
|||||||||||||||
20 |
Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte |
114 |
9 |
||||||||||||||
5. Veiligheid |
|||||||||||||||||
21 |
Zoetermeerse pandenbrigade |
190 |
|||||||||||||||
6. Dienstverlening en samenspraak |
|||||||||||||||||
22 |
Maatschappelijke initiatieven |
100 |
|||||||||||||||
7. Inrichting van de stad |
|||||||||||||||||
23 |
Grondbedrijf |
31.348 |
31.637 |
208 |
-81 |
11.723 |
10.773 |
350 |
1.300 |
13.724 |
13.723 |
266 |
268 |
14.553 |
13.778 |
289 |
1.063 |
24 |
Meer voor Meerzicht, gebiedsontwikkeling |
2.164 |
6.153 |
3.989 |
1.913 |
5.889 |
3.976 |
||||||||||
25 |
Wijkaanpak Buytenwegh |
316 |
316 |
||||||||||||||
26 |
Binnenstad |
542 |
511 |
514 |
484 |
495 |
467 |
433 |
|||||||||
27 |
Nieuwe initiatieven, herfasering uit 2022 |
199 |
199 |
||||||||||||||
28 |
Gemeentelijke inzet 700 woningen |
350 |
350 |
||||||||||||||
29 |
Dakenteam samen met koploperschap |
80 |
322 |
120 |
|||||||||||||
30 |
Volkshuisvestingsprogramma |
300 |
300 |
||||||||||||||
31 |
Afschrijvingslasten en onderhoud Plintgebouw/Stationsgebied |
-360 |
-360 |
||||||||||||||
32 |
Afschrijvingslasten Deelgebied 3 Binnenstad |
-104 |
|||||||||||||||
33 |
Regio Deal Zuid-Hollandse groeikernen |
2.403 |
2.403 |
126 |
126 |
126 |
126 |
||||||||||
34 |
Woningbouwsubsidies |
1.245 |
1.245 |
730 |
730 |
||||||||||||
35 |
Buurtvervoer |
121 |
238 |
121 |
238 |
||||||||||||
36 |
Doorstroming op de woningmarkt, zoals extra seniorenmakelaars |
118 |
118 |
118 |
118 |
||||||||||||
37 |
Starterslening/koopgarant |
230 |
230 |
230 |
105 |
||||||||||||
38 |
Tijdelijke personele capaciteit mobiliteit |
280 |
280 |
280 |
280 |
||||||||||||
39 |
Formatie verkeer en mobiliteit |
195 |
0 |
0 |
|||||||||||||
40 |
Formatie wonen |
116 |
|||||||||||||||
41 |
Schaalsprong |
150 |
|||||||||||||||
42 |
Strategische agenda |
365 |
|||||||||||||||
43 |
Planontwikkeling stationsbrug en -gebied |
750 |
750 |
750 |
750 |
||||||||||||
44 |
Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte |
49 |
144 |
282 |
413 |
||||||||||||
45 |
Onderhoud gemeentelijke panden, achterstallig onderhoud |
480 |
|||||||||||||||
46 |
Overige posten < € 100.000 |
66 |
168 |
268 |
0 |
39 |
20 |
111 |
0 |
0 |
20 |
111 |
0 |
0 |
70 |
181 |
0 |
Overzicht Overhead |
|||||||||||||||||
47 |
Woonzorgvisie, jeugdvoorzieningen t.l.v. Zoetermeer 2040 |
14 |
|||||||||||||||
OAD |
|||||||||||||||||
48 |
(Dekking) resultaatbestemming vanuit 2024 |
123 |
44 |
10 |
|||||||||||||
49 |
Beheer en onderhoud openbare ruimte nieuwe woonwijken |
235 |
235 |
235 |
0 |
235 |
|||||||||||
50 |
Groei OZB/gemeentefonds vanwege woningbouwontwikkeling |
1.578 |
1.742 |
2.391 |
4.004 |
||||||||||||
51 |
Reserve Arbeidsmarktregio ZHC |
1.521 |
1.548 |
0 |
|||||||||||||
52 |
Waardevast houden egalisatie investeringen schoolgebouwen |
124 |
170 |
152 |
166 |
||||||||||||
53 |
Overheveling van Reserve Fonds Zoetermeer 2040 naar kapitaaldekkingsreserve |
3.165 |
3.165 |
||||||||||||||
54 |
Gebiedscase tijdelijke tekorten |
138 |
410 |
443 |
|||||||||||||
55 |
Kapitaallasten Centraal Park |
289 |
286 |
283 |
281 |
||||||||||||
56 |
Storting in reserve dekking tijdelijke intensivering beleid |
5.000 |
|||||||||||||||
Totaal incidentele lasten en baten inclusief reservemutaties |
51.187 |
65.713 |
24.708 |
16.510 |
28.192 |
38.984 |
15.876 |
8.993 |
23.950 |
27.915 |
9.853 |
7.148 |
14.553 |
14.948 |
7.370 |
9.691 |
|
STRUCTURELE RESERVEMUTATIES |
|||||||||||||||||
57 |
Kapitaaldekkingsreserve, aardgasvrij maken Croesinckplein en Castellum |
42 |
42 |
42 |
42 |
||||||||||||
58 |
Dekking kapitaallasten, erfgoedcentrum |
79 |
79 |
79 |
|||||||||||||
59 |
Dekking kapitaallasten, ontwikkelperspectief Meerzicht |
244 |
241 |
||||||||||||||
60 |
Dekking uit surplus, 10% |
10.000 |
|||||||||||||||
61 |
Dekking uit surplus, beleidsintensivering |
2.500 |
2.500 |
2.500 |
2.500 |
||||||||||||
Totaal structurele reservemutaties |
12.542 |
0 |
2.622 |
0 |
2.865 |
0 |
2.863 |
0 |
|||||||||
Totaal reservemutaties |
37.250 |
16.510 |
18.498 |
8.993 |
12.719 |
7.148 |
10.233 |
9.691 |
|||||||||
Toelichting incidentele baten en lasten en structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Toelichting incidentele baten en lasten en structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reservesIncidentele baten en lasten
Programma 1 Onderwijs, economie en Arbeidsparticipatie
1. Formatie economie
Om uitvoering te kunnen geven aan de economische ambities o.a. het nog beter verbinden van onderwijs, economie en arbeidsmarkt op het gebied van ICT, Health, Logistiek & Handel en Bouw & Installatie zoals opgenomen in de Visie Zoetermeer 2040 en de Ruimtelijke Strategie Zoetermeer (RSZ) is er meer gerichte slagkracht nodig binnen het cluster Economie. Dit leidt tot een formatie-uitbreiding waarmee in totaal zo'n € 125.000 gemoeid gaat. Het bedrag wordt gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. Vanaf 2028 moet dekking komen vanuit de groei van de algemene uitkering.
2. Nieuwbouw IKC Seghwaert
Er wordt een nieuw Integraal Kindcentrum gebouwd. Op de bestaande panden aan de Velddreef rust bij aanvang van de bouw (2028) nog een boekwaarde van € 533.738. Op het moment dat deze panden gesloopt worden zal de resterende boekwaarde in één keer worden afgeboekt. De afwaardering van deze boekwaarden komt ten laste van de vrij inzetbare reserve.
3. Realisatie egalisatie investeringen schoolgebouwen
De reserve egalisatie investeringen schoolgebouwen dient om pieken en dalen in de lasten van investeringen te egaliseren. Op deze wijze ontwikkelen de lasten zich in de jaren geleidelijk en minder schoksgewijs. Dit is noodzakelijk omdat de schoolgebouwen (vooral in het voortgezet onderwijs) in een relatief korte periode zijn neergezet en daarom ook de kosten van renovatie of herbouw in een korte periode op de gemeente af zullen komen.
4. Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte
Deze reserve dient om de kosten van het realiseren van beeldende kunst in de openbare ruimte te dekken. De reserve is ingesteld bij het raadsbesluit van 11 mei 2019, gelijktijdig met het opheffen van de reserve kunstopdrachten en de vaststelling van een geactualiseerde verordening ‘Percentageregeling beeldende kunst in de openbare ruimte’. In dit programma worden bedragen toegevoegd aan de reserve voor kunstopdrachten bij de bouw van scholen. Zie ook programma’s 4 en 7.
5. Reserve Sociaal Innovatiefonds
In 2021 heeft de gemeenteraad het Raadsvoorstel ‘Afwegingskader Investeringsfonds op basis van Eneco-middelen’ vastgesteld. Onderdeel van dit besluit is het instellen van een sociaal innovatiefonds, inclusief het afwegingskader waar aanvragen voor dit fonds aan moeten voldoen. In aanvulling op de criteria waar elke aanvraag aan moet voldoen zijn hierin ook specifieke criteria opgenomen voor het sociaal innovatiefonds: investeringen zijn gericht op het herstellen van de bestaanszekerheid, het bevorderen van positieve gezondheid, en het verbeteren van kansengelijkheid van Zoetermeerders, om te komen tot betere (gezondheids-) zorg en ondersteuning voor meer mensen met minder geld. Leidend criterium voor de aanvragen is de impact die daarmee gemaakt wordt, oftewel wat is de verwachte maatschappelijke bijdrage die met het voorstel wordt bereikt.
6. Overige mutaties programma 1
De mutaties van baten en lasten en mutaties in reserves die kleiner zijn dan € 100.000 zijn hier gebundeld.
Programma 2 Samen leven en ondersteunen
7. Woonzorgvisie
Binnen de formatie Sociaal domein is tijdelijk capaciteit ingeruimd om uitvoering te geven aan de Woonzorgvisie Zoetermeer 'Samen aan de slag'. De Woonzorgvisie is vastgesteld in september 2021, de Uitvoeringsagenda Woonzorg in december 2025. In het nieuwe coalitieakkoord is budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de Woonzorgvisie voor de jaren 2028-2030. De uitgaven worden gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
8. Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (specifieke uitkering AZWA)
Voor de uitvoering van het lokale gezondheidsbeleid ontvangt Zoetermeer via de specifieke uitkering AZWA € 1,5 mln. in 2027, € 1,8 mln. in 2028 en € 2,1 mln. in 2029. Deze middelen worden ingezet voor de lokale gezondheidsinfrastructuur en het duurzaam borgen van preventieve ketenaanpakken zoals Kansrijke Start en valpreventie. De omvang van de structurele middelen vanaf 2030 is nog niet bekend.
9. Regionale middelen Haaglanden (specifieke uitkering AZWA)
Voor de regio Haaglanden is vanuit de specifieke uitkering AZWA € 9,2 mln. beschikbaar in 2027, € 11,2 mln. in 2028 en € 8,0 mln. in 2029. Deze middelen worden ingezet voor de uitvoering van de regionale werkagenda en voor het versterken van de samenwerking tussen het sociaal en medisch domein. Vanuit deze middelen wordt onder meer gewerkt aan de structurele borging van sociaal werk in huisartspraktijken.
Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen
10. Duurzaamheid
Duurzaamheid kent een breed palet aan activiteiten op het gebied van verduurzaming met dekking uit diverse bronnen. In 2022 is een gemeentelijk duurzaamheidsfonds ingesteld dat zich richt op het creëren en ondersteunen van voorbeelden die knelpunten aanpakken en oplossen voor het aanjagen van startende initiatieven. De drie bestedingscategorieën zijn: Duurzame initiatieven, Eigenaar-bewoners en Gemeentelijk Vastgoed. Een belangrijke activiteit is de energietransitie met als doel het aardgasvrij maken van de gemeente.
11. Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie
De SPUK LAI (Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie) is een subsidieregeling van de rijksoverheid waarmee de gemeente een eigen isolatieprogramma met gerichte ondersteuning heeft opgezet. Het is bedoeld voor inwoners met een slecht geïsoleerde koopwoning met een maximale WOZ-waarde (€ 477.000 peiljaar 2022). In april 2026 is de VvE subsidieregeling gestart en in september 2026 start de subsidieregeling Isolatie Zoetermeer. De subsidie wordt toegekend als de werkzaamheden waarvoor de subsidie is aangevraagd zijn afgerond. Dit zal naar verwachting grotendeels in 2027 en 2028 gebeuren. De bestedingstermijn kan tweemaal met één jaar worden verlengd, dan moet het zijn besteed voor eind 2030.
12. Warmte-Koude opslag Palenstein
In het kader van het landelijke Programma Aardgasvrije wijken (PAW) is in 2019 aan de gemeente een bedrag van € 6,5 mln. toegekend. De middelen zijn in de Brede bestemmingsreserve gestort. Het bedrag is als bijdrage voor de onrendabele top voor de aanleg van een WKO-net in Palenstein beschikbaar gesteld. In 2024 is het project in overleg met de betrokken partijen met maximaal twee jaar opgeschort. De herstart is afhankelijk van een wetswijziging als gevolg van het Acantus-arrest. Aan de realisatie van de aanleg gaat een openbare aanbesteding vooraf. Dat houdt in dat de meerjarige bedragen in de begroting opschuiven. De kosten worden gedekt vanuit de Brede bestemmingsreserve en zijn daarmee kostenneutraal.
13. Natuurinclusief verduurzamen en Soortenmanagementplan
Bij de bouw, verbouw en/of verduurzaming hebben inwoners en belanghebbenden te maken met flora en fauna bescherming. Om aan de Omgevingswet te voldoen moet elke gebouweigenaar hier zelf een onderzoek doen. Hierdoor lopen de kosten op en het onderzoek vertraagt de gewenste ontwikkelingen in de (ver)bouw en de verduurzaming. Om dit te voorkomen is een soortenmanagementplan (SMP) nodig. Een SMP houdt in dat op basis van uitgebreid ecologisch onderzoek een gemeente breed biodiversiteitsplan maken. Hiermee worden procedures vereenvoudigd en kunnen collectieve ontheffingen worden verstrekt. Voor het maken van een SMP is een subsidie van € 367.000 beschikbaar voor onderzoek (de Specifieke Uitkering natuurvriendelijk isoleren). Hierdoor profiteert de gebouwde omgeving, binnen het stedelijk gebied, in haar geheel om de gebouwen te verduurzamen.
14. Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden klimaat- en energiebeleid (CDOKE), storting brede bestemmingsreserve
Voor de versterking van de gemeentelijke organisatie voor het uitvoeren van de klimaat- en energietaken is via de algemene uitkering uit het gemeentefonds een decentralisatie-uitkering beschikbaar. Niet alle toegekende budget wordt in 2027 en latere jaren besteed en wordt gestort in de brede bestemmingsreserve. Een voorstel over de besteding vindt nog plaats.
15. Schoonmaakacties in wijken
Voor opruimacties en extra toezicht in de wijken wordt in 2027 eenmalig € 200.000 ingezet (motie Op de schoonmaak toer 2506-36). Dit bedrag wordt onttrokken uit de brede bestemmingsreserve.
16. Doorrekening Nota Openbare Ruimte 2027-2030, dekking egalisatiereserve groot onderhoud
Om de budgetten voor groot onderhoud en vervanging van de bestaande kapitaalgoederen te borgen worden in de Programmabegroting 2027 de kosten herijkt passend bij het bestaande beleid op basis van onderhoudsbehoefte passend bij de actuele hoeveelheden en eenheidsprijzen voor de periode 2026-2027.
De aanpassing van beheerde hoeveelheden, eenheidsprijzen en de huidige prijsontwikkeling in de markt, leidt tot een kostenstijgingen in 2027, 2028, 2029 en 2030. De prijsstijgingen worden grotendeels opgevangen door de structurele reservering in te zetten die bij de bezuinigingen in de Programmabegroting 2026 is toegevoegd aan de algemene dekkingsmiddelen met het thema 'veroudering van de stad'. Het resterende deel wordt opgevangen door een onttrekking uit de egalisatiereserve Groot onderhoud bovengronds.
17. Groot onderhoud asfaltprogramma, dekking egalisatiereserve groot onderhoud
Als gevolg van een vertraagde aanbesteding worden werkzaamheden uit het Groot onderhoud asfalt programma 2026 en kunstwerken 2026 uitgevoerd in 2027 en 2028. Tegenover de uitgaven staat een onttrekking aan de reserve Groot onderhoud bovengronds.
Programma 4 Vrije tijd
18. Vrijval kapitaallasten De Boerderij
Binnen programma 4 zijn kapitaallasten geraamd voor de nieuwbouw van Poppodium Boerderij. Door vertraging bij de bouw valt dit budget vrij voor de jaren 2027-2029.
19. Erfgoedcentrum
In het coalitieakkoord ‘Samen doen wat nodig is’ uit 2022 is opgenomen dat het Zoetermeerse erfgoed en erfgoededucatie een plek in de stad moeten krijgen, in combinatie met de mogelijkheid tot (tijdelijke) tentoonstellingen. Het college heeft daartoe een concept ontwikkeld, inclusief businesscase en een eenmalige investeringsbegroting. Onderdeel daarvan is de vorming van een kapitaaldekkingsreserve ter dekking van de kapitaallasten, zie ook punten 53 en 58.
20. Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte
Deze reserve dient om de kosten van het realiseren van beeldende kunst in de openbare ruimte te dekken. De reserve is ingesteld bij het raadsbesluit van 11 mei 2019, gelijktijdig met het opheffen van de reserve kunstopdrachten en de vaststelling van een geactualiseerde verordening "Percentageregeling beeldende kunst in de openbare ruimte". Vanuit programma’s 1 en 7 worden bedragen aan deze reserve toegevoegd. De uitgaven worden gedaan in programma 4 en gedekt uit de reserve.
Programma 5 Veiligheid
21. Zoetermeerse pandenbrigade
Bij de Perspectiefnota 2026 is geld beschikbaar gesteld voor de Zoetermeerse pandenbrigade voor de duur van twee jaar. Het doel van het oprichten van een Zoetermeerse pandenbrigade is het borgen van het juiste gebruik van woningen en panden. Waarbij misstanden tijdig worden gesignaleerd en aangepakt en waarbij binnen de integrale aanpak zorg en veiligheid samenkomen. In 2026 en 2027 is daarvoor per jaar € 190.000 beschikbaar. De bedragen worden gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
Programma 6 Dienstverlening en samenspraak
22. Maatschappelijke initiatieven
Op verzoek van de raad zijn er gelden gereserveerd voor maatschappelijke initiatieven, een loket waar burgers aanvragen kunnen indienen. De bedragen komen uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
Programma 7 Inrichting van de stad
23.Grondbedrijf
De in dit programma geraamde incidentele baten en lasten betreffen de geraamde kosten en opbrengsten in de grondexploitaties. Alhoewel de projecten een meerjarig karakter hebben, worden de in de begroting opgenomen baten en lasten toch als incidenteel beschouwd.
24. Meer voor Meerzicht, gebiedsontwikkeling
In 2025 is het Ontwikkelperspectief Meer voor Meerzicht 2035 vastgesteld. Dit initiatief is een samenwerking tussen verschillende partijen waaronder de gemeente, woningcorporaties, onderwijsinstellingen en welzijnsorganisaties om Meerzicht meer duurzaam, veilig en leefbaar te maken. Het plan heeft vier hoofddoelen: 1. toekomstbestendige woningen, 2. Een veiligere en leefbare wijk, 3. een sociaaleconomisch sterkere wijk en 4. een verbeterde woonomgeving. De grootste financiële bijdragen komen voor rekening van de woningcorporaties. De bijdrage van de gemeente wordt voor een deel gedekt uit een onttrekking aan de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 en een bijdrage uit de reserve Duurzaamheidsfonds. Daarnaast draagt ook het rijk bij via het Volkshuisvestingsfonds. Dit project wordt uitgevoerd in deelgebieden en in deelprojecten om de uitvoering beheersbaar te houden.
25. Wijkaanpak Buytenwegh
Het project Wijkverkenning Buytenwegh is medio 2025 afgerond. Daarna is gewerkt aan een vertaling van de aanbevelingen uit het bewonersdocument en de literatuurstudie naar concrete acties. Dit gebeurt in samenwerking met de woningcorporaties, inZet, bewoners en andere betrokken partners. Voor de uitvoering daarvan is een nieuw project gestart onder de titel Gebiedsaanpak Buytenwegh. De uitgaven in 2027 komen uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
26. Binnenstad
Om invulling te geven aan de ambities van de Visie Binnenstad is door het college de Uitvoeringsstrategie programma Binnenstad 2022 - 2023 vastgesteld. Het vertrekpunt daarvoor vormt de Visie Binnenstad 2040 uit 2020 en de uitkomsten van onderzoek naar de mogelijke programmering met betrekking tot wonen, werken, voorzieningen en openbare ruimte. Volgens dit onderzoek is er in de Binnenstad voldoende plek voor het toevoegen van tenminste 2.000 woningen, commerciële en niet-commerciële voorzieningen en verbetering van de openbare ruimte verspreid over de negen deelgebieden. De plannen en programmering per deelgebied moeten zowel ruimtelijk, maatschappelijk als financieel haalbaar zijn. Daarom zoekt de gemeente de samenwerking met inwoners, ondernemers, ontwikkelaars, het rijk en andere belanghebbenden. Er vindt participatie plaats, worden overeenkomsten gesloten en worden subsidies aangevraagd. Ten behoeve daarvan is een vervolg Uitvoeringsstrategie 2024-2030 vastgesteld. Er is budget voor de uitvoeringsstrategie beschikbaar gesteld. De dekking van de kosten vindt plaats via de Reserve Fonds Zoetermeer 2040, exploitatiebijdragen, subsidies, kostenverhaal en inbreng in de grondexploitatie en activering van de gemeentelijke investering in het openbaar gebied.
27. Nieuwe initiatieven en
28. Gemeentelijke inzet 700 woningen
De Schaalsprong is een ambitieus programma voor de realisatie van meer dan 10.000 nieuwe woningen in Zoetermeer en is in 2018 vastgesteld. Voor de uitvoering van ‘de Schaalsprong’ zijn voor diverse deelprojecten budgetten gereserveerd in de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. Voor het feitelijk beschikbaar stellen van de budgetten wordt steeds een raadsvoorstel voorgelegd met een actualisatie van de benodigde budgetten voor twee jaar. Met dit budget wordt gestreefd om minimaal 700 woningen per jaar bij te bouwen.
29. Dakenteam en koploperschap
In 2024 en 2025 zijn eigenaren van vastgoed, investeerders, ondernemers en bewoners bekend en 'actiebereid' gemaakt om daadwerkelijk met de daken in Zoetermeer aan de slag te gaan. In 2027 is € 200.000 beschikbaar voor het ‘Dakenteam’. De kosten worden gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 en door subsidies. Het benutten van de ruimte op daken voor verschillende stedelijke opgaven staat nog weinig op het netvlies van eigenaren en ontwikkelaars. Daarom is het wenselijk dat de gemeente als kwartiermaker het gebruik van de daken aanjaagt en ook zelf het goede voorbeeld geeft. Het gaat om werkzaamheden gericht op: 1. optoppen (o.a. wooncomplexen van woningcorporaties), 2. multifunctioneel gebruik daken van gemeentelijk vastgoed, 3. multifunctioneel gebruik daken grotere vastgoedeigenaren in de Zoetermeerse Binnenstad en andere gebieden in de stad, als ook bij nieuwbouw en 4. benutten van hun daken door individuele eigenaar-bewoners.
Zoetermeer is als één van de landelijke koplopergemeenten op het gebied van optoppen, aanplakken en uitplinten (OAU) in december 2025 een 2-jarige samenwerking aangegaan met het rijk. De samenwerking biedt Zoetermeer een uitgebreid pakket aan hulpmiddelen onder de noemer van het Koploperprogramma Gebiedsgericht beter Benutten (GBB). Naast een financiële incentive bestaat het programma ook uit hulp op het vlak van kennis, expertise en wetgeving. De financiële bijdrage ontvangen we in de vorm van een decentralisatie uitkering (DU) voor GBB.
30. Volkshuisvestingsprogramma
Op 7 november 2023 stelde het college de programmaopdracht ‘Woningbouw als Aanjager’ vast. Met het Volkshuisvestingsprogramma wordt ingespeeld op verschillende sociaaleconomische ontwikkelingen waarmee Zoetermeer te maken heeft.
Het aantal inwoners en huishoudens groeit en hun samenstelling verandert. Daarnaast is er een uitgebreid maar tekortkomend woning- en voorzieningenaanbod dat tegelijkertijd duurder blijft worden. Het in goede banen leiden van deze ontwikkelingen vereist sturing vanuit de gemeente. Met de uitvoeringsagenda van het Volkshuisvesting en Woonzorgvisie wordt richting gegeven aan deze sturing aan de hand van concrete handelingen. In het ontwerp Volkshuisvestingsprogramma zijn de uitgangspunten van het programma opgenomen. Voor 2027 is € 300.000 aan programmabudget nodig. Dit wordt gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
31. Afschrijvingslasten en onderhoud Plintgebouw/Stationsgebied
Voor de realisatie van het Plintgebouw is door de raad ca. € 11,2 mln. beschikbaar gesteld en ca. € 5,9 mln. dekking vanuit subsidie. Naar aanleiding van de ontwikkelingen met de Nelson Mandelabrug zijn in overleg met de raad twee themabijeenkomsten georganiseerd waarin onder andere drie varianten zijn besproken. Er wordt één variant verder uitgewerkt en er wordt een Integraal Basisontwerp opgesteld met daarbij een businesscase voor de bijbehorende dekking. De uitvoering neemt minimaal de jaren 2027 en 2028 in beslag. Dat houdt ook in dat de in 2027 en 2028 geraamde budgetten voor onderhoud € 241.000 en kapitaallasten € 119.000 kunnen vrijvallen.
32. Afschrijvingslasten Deelgebied 3 Binnenstad
In de Programmabegroting 2026 is € 0,9 mln. gereserveerd voor het tweede deel van de upgrade van het Stadshart (het deel rondom de Passage). Het eerste deel van de upgrade is afgerond en voor het tweede deel is in de programmabegroting een stelpost voor de kapitaallasten opgenomen van € 104.000. Over het tweede deel van de upgrade is nog geen besluit genomen waardoor de reservering voor 2027 kan vrijvallen. Dit geeft een voordeel van € 104.000.
33. Regio Deal Zuid-Hollandse groeikernen
De Regio Deal is een samenwerking tussen het rijk en regionale partners om gezamenlijke regionale opgaven aan te pakken en de brede welvaart te versterken. De gemeente-overstijgende onderdelen van de Regio Deal hebben een totaalbudget van ca. € 6,3 mln., dat wordt ingezet tot en met 2029. Cofinanciering vormt hierbij een randvoorwaarde voor de inzet van middelen. De projecten betreffen meerdere gemeenten en dragen bij aan regionale samenwerking en het realiseren van gezamenlijke doelen. De Zoetermeerse onderdelen van de Regio Deal zijn opgenomen in Programma 2. In programma 7 is de doorbetaling en de bijbehorende dekking vanuit de subsidie van het rijk aan de twee andere gemeenten Nissewaard en Capelle aan den IJssel opgenomen.
34. Woningbouwsubsidies
Om betaalbare woningen in de regio Haaglanden te realiseren heeft de provincie budget beschikbaar gesteld. De gemeente heeft voor drie verschillende projecten, twee voor het project ’t Seghe Waert en één voor de van Aalstlaan, subsidie aangevraagd en toegekend gekregen. Het gaat om woningbouwprojecten die alleen uit sociale huurwoningen bestaan en die verlieslatend zijn. De subsidie draagt bij aan onze volkshuisvestelijke doelstelling om het aantal voldoende goed onderhouden betaalbare woningen te vergroten door de investeringscapaciteit van woningbouwcorporaties te versterken. Voor de projecten is geen cofinanciering benodigd. Tegenover de kosten voor de verschillende woningbouwprojecten staat een even hoge subsidie.
35. Buurtvervoer
Met een pilot maatwerkvervoer wordt invulling gegeven aan de ambitie om de ontsluiting van de wijk Rokkeveen en de verbinding met het HagaZiekenhuis te verbeteren. De opdracht tot uitvoering van het maatwerkvervoer is in 2025 voor de duur van drie jaar verstrekt. De Binnenbaan is in 2026 gestart met de nieuwe lijn De Opstap. De kosten worden gedeeltelijk gedekt door subsidie van de MRDH en reizigersinkomsten.
36. Doorstroming op de woningmarkt
Een betaalbare en passende woning is voor veel inwoners van Zoetermeer van groot belang. Starters zijn op zoek naar kansen om hun eerste woning te vinden, zodat jonge Zoetermeerders hun toekomstplannen kunnen verwezenlijken. Senioren hebben behoefte aan woningen die beter aansluiten bij hun levensfase en die het aantrekkelijk maken om een volgende stap op de woningmarkt te zetten. Het is belangrijk dat inwoners in iedere levensfase kunnen blijven thuiskomen in Zoetermeer. Om doorstroming op de woningmarkt te stimuleren, maken we optimaal gebruik van de inzet van seniorenmakelaars en stimuleren we woonvormen waarin jong en oud samen kunnen wonen. Daarnaast zetten we in op woonzorgconcepten en andere innovatieve woonvormen die bijdragen aan passende huisvesting voor verschillende doelgroepen. De lasten worden gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
37. Startersleningen/koopgarant
Voor ondersteuning van jongeren en andere starters bij het aankopen van een woning zijn in het coalitieakkoord 2026-2030 bedragen gereserveerd in de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 voor vier jaar. Dat kan bijvoorbeeld door het introduceren van een starterslening enlof koopgarant.
38. Formatie verkeer en mobiliteit
In het coalitieakkoord ‘Thuiskomen in Zoetermeer. Merkbaar beter’ is tijdelijk € 280.000 beschikbaar voor de ambities op het gebied van mobiliteit en verkeersveiligheid voor de uitbreiding van personele capaciteit. De uitgaven worden gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. Het gaat om het veiliger maken van routes voor fietsers en voetgangers en voor het toegankelijker maken van openbaar vervoer
39. Tijdelijke personele capaciteit mobiliteit (COA)
De ambities en opgaven met betrekking tot mobiliteit zijn groot in Zoetermeer (binnen de gebiedsprogramma’s, daar is een kader en beleid voor nodig, en beleid voor het toekomst bestendig maken van de stad en het keren van de mechanismen van Zoetermeer 2040). Er wordt hiervoor ook samengewerkt met de regio. De formatie is voor een periode van vijf jaar uitgebreid met 1,5 fte, wat neerkomt op € 195.000 per jaar. Deze kosten worden in 2027 nog gedekt vanuit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
40. Formatie wonen
De vaste formatie van de vastgoedadviseurs is al enkele jaren onvoldoende voor de bouwopgave waar Zoetermeer voor staat. Om deze reden wordt al enkele jaren een vastgoedadviseur (1,0 fte) ingehuurd. De kosten hiervan worden gedeeltelijk gedekt vanuit projectbudgetten. Om de extra woningbouwprojecten, bestaande programma's (Binnenstad, Meerzicht) en uitgifte van (bedrijfs)kavels structureel goed te kunnen bedienen, is 1,0 fte beschikbaar gesteld in aanvulling op de vaste formatie. Met de uitbreiding van de formatie blijft kennis in huis en wordt inhuur verminderd. De kosten worden in 2027 gedekt uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
41. Schaalsprong en
42. Strategische agenda
De Schaalsprong is een ambitieus programma voor de realisatie van meer dan 10.000 nieuwe woningen in Zoetermeer en is in 2018 vastgesteld. Voor de uitvoering van ‘de Schaalsprong’ zijn voor diverse deelprojecten budgetten gereserveerd in de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. Om reserveringen te kunnen benutten is een raadsvoorstel nodig. De gang van zaken bij de Agenda Zoetermeer 2040 (en voorheen Strategische Agenda) is om dit per twee jaar beschikbaar te stellen.
43. Planontwikkeling stationsbrug en -gebied
Sinds de Mandelabrug eind 2022 onveilig werd verklaard, beschikt station Zoetermeer niet meer over een volwaardige verbinding over de A12. Met de ontwikkeling van Entree ontstaat de noodzaak én de kans om het stationsgebied opnieuw toekomstbestendig vorm te geven. Er is behoefte aan een stationsbrug die Entree verbindt met de stad en het station ontwikkelt tot een veilige, toegankelijke en hoogwaardige OV-knoop, met perspectief op een intercitystatus. In het coalitieakkoord is voor 2027 en 2028 € 750.000 beschikbaar in de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 voor planontwikkeling.
44. Reserve beeldende kunst in de openbare ruimte
Deze reserve dient om de kosten van het realiseren van beeldende kunst in de openbare ruimte te dekken. De reserve is ingesteld bij het raadsbesluit van 11 mei 2019, gelijktijdig met het opheffen van de reserve kunstopdrachten en de vaststelling van een geactualiseerde verordening ‘Percentageregeling beeldende kunst in de openbare ruimte’. Bij plannen in de openbare ruimte wordt een bedrag toegevoegd aan de reserve. De realisatie vindt plaats in programma 4.
45. Onderhoud gemeentelijke panden, achterstallig onderhoud
Vijf panden die in de afgelopen 10 jaar zijn aangekocht voor mogelijke toekomstige gebiedsontwikkelingen hebben achterstallig onderhoud. Het herstel vindt grotendeels in 2027 plaats.
46. Overige mutaties programma 7
De mutaties van baten en lasten en mutaties in reserves die kleiner zijn dan € 100.000 zijn hier gebundeld.
Overzicht Overhead
47. De mutaties van baten en lasten en mutaties in reserves die kleiner zijn dan € 100.000 zijn hier gebundeld.
Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien
48. Dekking resultaatbestemming
Bij de bestemming van het resultaat van de jaarrekening 2024 zijn er voor 2027, 2028 en 2029 bedragen toegevoegd aan de Vrij inzetbare reserve.
49. Beheer en onderhoud openbare ruimte nieuwe woonwijken
In programma 3 zijn de kosten van onderhoud openbaar gebied vermeld die samenhangen met de uitbreiding van nieuwe woningen/woonwijken. De extra woningen leiden op hun beurt tot extra inkomsten uit OZB/algemene uitkering. Deze hogere inkomsten zijn voor 50% beschikbaar als dekking voor kosten die rechtstreeks samenhangen met de uitbreiding van woningen.
In de stad wordt op verschillende plekken gewerkt aan de realisatie van nieuwe woningen. Daartoe worden ook investeringen verricht in het openbaar gebied, die moeten worden beheerd en onderhouden. De met deze uitbreidingsinvesteringen samenhangende beheer- en onderhoudskosten zijn € 235.000. Tegenover deze kosten staan ook hogere opbrengsten algemene uitkering uit het gemeentefonds en onroerendezaakbelasting als gevolg van de toename van het aantal woningen en inwoners door groei van de stad. Jaarlijks wordt ter dekking van de kosten hetzelfde bedrag onttrokken aan de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. Zie ook 50.
50. Groei OZB/gemeentefonds vanwege woningbouwontwikkeling
Als gevolg van groei van de stad wordt 50% van de extra baten gestort in de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 voor te maken kosten om die groei te realiseren en wordt er onttrokken aan de reserve als die kosten zich voordoen.
51. Reserve arbeidsmarktregio ZHC
De middelen die in de algemene uitkering ontvangen worden van het rijk voor de arbeidsmarktregio, ontvangen we niet alleen voor Zoetermeer, maar ook voor de overige deelnemers aan de regio. Incidentele middelen die we ontvangen, maar nog niet direct benutten binnen de arbeidsmarktregio, worden gestort in de reserve arbeidsmarktregio. De storting wordt vanaf 2029 verlaagd, in afwachting van de toekenning van de middelen door het rijk.
52. Waardevast houden egalisatie investeringen schoolgebouwen
Zie programma 1. De reserve egalisatie investeringen schoolgebouwen dient om pieken en dalen in de lasten van investeringen te egaliseren. De toevoeging aan de reserve om de reserve waardevast te houden wordt op OAD verantwoord.
53. Overheveling van de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 naar kapitaaldekkingsreserve
In het coalitieakkoord ‘Samen doen wat nodig is’ is opgenomen dat het Zoetermeerse erfgoed en erfgoededucatie een plek in de stad moeten krijgen, in combinatie met de mogelijkheid tot (tijdelijke) tentoonstellingen. Om de business case rond te krijgen is een bedrag uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 overgeheveld naar een kapitaaldekkingsreserve waar de jaarlijkse kapitaallasten uit gedekt kunnen worden. Zie ook punt 58.
54. Gebiedscase tijdelijke tekorten
De Entree is een belangrijke gebiedsontwikkeling waar veel woningen worden gerealiseerd. Het jaarlijks negatieve verschil tussen de begrote inkomsten en lasten in de periode 2028 tot en met 2030 wordt verrekend met de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. De begrote overschotten worden vanaf 2031 gestort in de reserve.
55. Kapitaallasten Centraal Park
De werkzaamheden in het Centraal Park zijn in 2026 afgerond. Met ingang van 2027 worden de investeringslasten afgeschreven. Dekking is uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
56. Storting in de reserve dekking tijdelijke intensivering beleid
In het dekkingsplan bij het coalitieakkoord is opgenomen dat er zowel in 2026 als in 2027 € 5 mln. wordt gestort in een nieuw te vormen reserve dekking tijdelijke intensivering beleid.
Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
57. Kapitaaldekkingsreserve, aardgasvrij maken Croesinckplein en Castellum
Er is een reserve ingesteld ter dekking van kapitaallasten van het aardgasvrij maken van het Croesinckplein (Welkom 2) en het Castellum. Jaarlijks komt er een bedrag vrij ten gunste van de exploitatie.
58. Dekking kapitaallasten, erfgoedcentrum
In het coalitieakkoord ‘Samen doen wat nodig is’ is opgenomen dat het Zoetermeerse erfgoed en erfgoededucatie een plek in de stad moeten krijgen, in combinatie met de mogelijkheid tot (tijdelijke) tentoonstellingen. De keuze is gevallen op Brusselstraat 4 (een deel van de huidige brandweerkazerne).
De lasten van de eenmalige investering worden gedekt door het vormen van een kapitaaldekkingsreserve. Deze kapitaaldekkingsreserve dekt de afschrijvings- en rentelasten van de investering voor het Erfgoedcentrum. Deze kapitaalreserve wordt gevormd door € 3.165.560 over te hevelen van de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 naar de Reserve Dekking Kapitaallasten, zie ook punt 19.
59. Dekking kapitaallasten, ontwikkelperspectief Meerzicht
Er zijn verschillende partijen die financieel bijdragen aan de wijkontwikkeling. De woningcorporaties nemen een groot deel van de investering voor hun rekening. Zij hebben tot 2035 een grote opgave om hun bezit te verduurzamen, het verbeteren van de uitstraling en geschikt maken van de doelgroep, verbeteren leefbaarheid en realiseren van nieuwbouw. De eigenaar bewoners van de hoogbouw die gezamenlijk aan de lat staan om ongeveer 1.500 woningen te verduurzamen in 10 VvE's . Het rijk draagt via het Volkshuisvestingsfonds bij. En de gemeente draagt bij op verschillende domeinen en via cofinanciering.
Vanaf 2029 wordt een deel van de kapitaallasten van de ontwikkelingen Meerzicht uit de reserve kapitaallasten onttrokken. De reserve wordt gevormd vanuit een bijdrage van de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
60. Dekking uit surplus, 10%
Om de begroting 2027 structureel in evenwicht te brengen is in het coalitieakkoord rekening gehouden met een onttrekking aan de Vrij inzetbare reserve van € 15 mln. Bij de actualisatie van de cijfers in de begroting blijkt dat kan worden volstaan met een onttrekking van € 10 mln.
61. Dekking uit surplus, beleidsintensivering
De middelen die nodig zijn voor het intensiveren van beleid zoals opgenomen in het coalitieakkoord zullen in de jaren 2027 tot en met 2030 worden onttrokken aan de reserve dekking tijdelijke intensivering beleid.
Berekening structureel begrotingssaldo
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Berekening structureel begrotingssaldoIn onderstaande tabel is het saldo van de programmabegroting gecorrigeerd met het saldo van incidentele baten en lasten. Het gecorrigeerde saldo laat de structurele ruimte in de begroting zien op basis van de regelgeving van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).

Uit deze opstelling blijkt dat de jaarschijf 2027 reëel in evenwicht is: de structurele baten zijn € 4,453 mln. hoger dan de structurele lasten. Meerjarig is er nog geen sprake van evenwicht.
Investeringen
Terug naar navigatie - Financiële begroting - InvesteringenIn 2026 zijn de investeringen van de gemeente opnieuw beoordeeld op planning, noodzaak, prijsniveau en uitvoerbaarheid. De uitkomsten hiervan zijn verwerkt in het Tweede Tussenbericht 2026 en in deze Programmabegroting 2027-2030.
De wijzigingen die betrekking hebben op 2027 en verder zijn opgenomen in deze begroting en maken onderdeel uit van de voorgestelde besluitvorming. Hieronder worden de belangrijkste aanpassingen toegelicht.
1. Investeringen met maatschappelijk nut in de openbare ruimte
De investeringen voor de vervanging van kapitaalgoederen in de openbare ruimte zijn geactualiseerd op basis van de meest recente beheergegevens en prijsontwikkelingen. Hierbij is opnieuw gekeken naar de omvang van de vervangingsopgave en de actuele kosten van uitvoering.
De actualisatie leidt tot een verlaging van de investeringsbudgetten met € 528.000 in 2027 en verhogingen van € 2,799 miljoen in 2028, € 3,109 miljoen in 2029 en € 912.000 in 2030. Hiermee sluiten de investeringsbudgetten weer aan op de actuele vervangingsopgave en de huidige marktomstandigheden.
2. Woonwagens Gooimeer
Voor de aanschaf van twee huurwoonwagens op de woonwagenlocatie Gooimeer is eerder investeringsbudget beschikbaar gesteld. De leverancier heeft aangegeven de woonwagens pas in 2027 te kunnen leveren. Daarnaast blijkt het beschikbare krediet niet voldoende om de volledige investering te realiseren. Daarom wordt voorgesteld een aanvullend investeringsbudget van € 65.000 beschikbaar te stellen. Hiermee kunnen de woonwagens in 2027 worden geleverd en in gebruik worden genomen.
3. Vervanging automatisering
Om de continuïteit, veiligheid en betrouwbaarheid van de gemeentelijke ICT-omgeving te waarborgen, worden de vervangingsinvesteringen voor automatisering geactualiseerd. Het betreft onder meer de vervanging van laptops, mobiele telefoons en werkplekvoorzieningen.
Daarnaast wordt de wijze van verwerken van opbrengsten uit afgeschreven apparatuur aangepast. Opbrengsten uit verkoop of inruil worden voortaan als incidentele opbrengst in de exploitatie verantwoord. Hierdoor worden investeringen volledig tegen aanschafwaarde geactiveerd.
Ook worden enkele bestaande investeringsbudgetten samengevoegd. Hierdoor ontstaat meer flexibiliteit om in te spelen op veranderende technische ontwikkelingen en de behoeften van gebruikers. De aanpassingen leiden niet tot uitbreiding van de functionaliteit, maar zorgen ervoor dat de ICT-voorzieningen tijdig kunnen worden vervangen en blijven aansluiten bij de eisen van een moderne en veilige bedrijfsvoering.
Voor deze vervangingsinvesteringen wordt investeringsbudget beschikbaar gesteld van € 980.000 in 2027, € 80.000 in 2028 en € 1,9 miljoen in 2030.
In bijlage 6 is een overzicht opgenomen van alle investeringsbudgetten na verwerking van de mutaties uit het Tweede Tussenbericht 2026 en de Programmabegroting 2027-2030.
Ontwikkelingen in de reserveposities
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Ontwikkelingen in de reservepositiesDe reserves vormen, samen met het resultaat na bestemming volgend uit de jaarrekening, het eigen vermogen (artikel 42, lid 1 BBV). In artikel 43 van het BBV worden twee soorten reserves onderscheiden:
A. Algemene reserves
B. Bestemmingsreserves
De algemene reserves bestaan uit reserves waaraan geen bestemming is gegeven. Deze dienen om risico’s in algemene zin op te vangen (bufferfunctie van de reserves).
De bestemmingsreserves zijn reserves waaraan de raad diverse bestemmingen heeft gegeven. Deze bestemmingsreserves hebben diverse functies. De meeste bestemmingsreserves zijn in het leven geroepen ter dekking van de lasten van specifieke beleidsonderwerpen (bestedingsfunctie van de reserves). Ook zijn er reserves die baten genereren voor de exploitatie (inkomensfunctie) en reserves die zorgen dat lasten worden geëgaliseerd (egalisatiefunctie).
In Zoetermeer worden investeringen gefinancierd met reserves en voorzieningen. Hierdoor wordt de noodzaak beperkt om te financieren met leningen van de bank (financieringsfunctie van de reserves en voorzieningen).
In onderstaande tabel wordt het verloop van de reserves in totaliteit per onderscheiden soort weergegeven. In bijlage 4 is het overzicht van reserves opgenomen.
De toevoegingen en onttrekkingen bij de jaarschijf 2027 zijn mutaties in de reserves die onderdeel uitmaken van de ramingen, die zijn opgenomen bij de programma’s. Om een zo goed mogelijk beeld over het verloop van de stand van de reserves te geven, zijn ook mutaties meegenomen die niet bij de vaststelling van de programmabegroting door de raad worden geautoriseerd. Deze mutaties zijn in de kolom 'verwachtingen' meegenomen. In een afzonderlijk voorstel aan de raad kunnen deze alsnog worden geautoriseerd.

Het totaal van de algemene reserves neemt in 2027 met € 11,8 mln. af. Deze afname komt grotendeels door de mutaties in de Vrij inzetbare reserve. Deze afname wordt toegelicht in het volgende onderdeel Ontwikkeling vrije reservemiddelen.
Het totaal van de bestemmingsreserves neemt in 2027 met € 22,4 mln. af. De grootste mutaties zijn te vinden bij de Reserve Dekking tijdelijke intensivering beleid (+ € 2.5 mln.), Brede Bestemmingsreserve (-/- € 7,3 mln.), de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 (-/- € 16,4 mln., toegelicht in het volgende onderdeel Ontwikkeling vrije reservemiddelen.), de Reserve Sociaal Innovatiefonds (-/- € 0,4 mln.), de Reserve Duurzaamheidsfonds Zoetermeer 2040 (-/- € 2,6 mln.), de Reserve Dekking Kapitaallasten (+ € 3,1 mln.), de Reserve Groot-onderhoud Bovengronds (-/- € 2,8 mln.) en de Reserve Arbeidsmarktregio ZHC (+ € 1,5 mln.).
In de periode 2027–2030 nemen de reserves met circa € 60 mln. af.
In onderstaande opsomming zijn de grootste mutaties weergegeven (bedragen x € 1 mln.).

Ontwikkelingen in de voorzieningen
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Ontwikkelingen in de voorzieningenDe voorzieningen zijn vermogensbestanddelen die als vreemd vermogen worden aangemerkt. Er kleeft als het ware al een verplichting (jegens een derde) aan. Als gevolg van artikel 44 van het BBV kunnen de volgende soorten voorzieningen worden gevormd:
- Voor middelen van derden die specifiek besteed moeten worden (geldt niet voor bijdragen van andere overheden)
- Voor de egalisatie van kosten
- Voor verplichtingen en verliezen, en voor risico’s waarvan de omvang onzeker is maar welke wel redelijkerwijs te schatten zijn
Schulden vallen niet onder het begrip voorzieningen, omdat daarbij geen onzekerheid bestaat over de omvang van de verplichting. Toevoegingen aan voorzieningen vinden plaats ten laste van de exploitatie, dus niet via resultaatbestemming, zoals bij de reserves. Aanwendingen - altijd voor het doel waarvoor de voorziening was gevormd - worden rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht. Indien een voorziening geheel of gedeeltelijk kan vrijvallen, wordt de vrijval via de exploitatie in het resultaat verwerkt.
In onderstaande tabel is op hoofdlijnen het verloop van de stand van de voorzieningen weergegeven. Evenals bij de reserves zijn bij het verloop van de voorzieningen verwachtingen meegenomen. Deze zijn opgenomen om een goed verloop van de voorziening weer te geven. De verwachtingen worden niet geautoriseerd bij de vaststelling van de programmabegroting door de raad. De specificatie is opgenomen in bijlage 5 Voorzieningen.

De omvang van de voorzieningen neemt in 2027 met € 4,2 mln. af. Grootste mutaties vinden plaats bij de Voorziening Riolering (+ € 1,2 mln.), de Voorziening groot onderhoud gemeentelijke gebouwen (€ 1,7 mln.) en de Voorziening Wethouderspensioenen (-/- € 7,1 mln.).
De totale omvang van de voorzieningen neemt in de periode 2027 - 2030 ongeveer € 0,5 mln. af. In deze periode doen de grootste mutaties zich voor binnen de Voorziening riolering (+ € 3,3 mln.), de Voorziening groot onderhoud gemeentelijke gebouwen (+ € 2,8 mln.) en de Voorziening Wethouderspensioenen (-/- € 7,1 mln.).
Ontwikkeling vrije reservemiddelen
Terug naar navigatie - Financiële begroting - Ontwikkeling vrije reservemiddelenIn dit deel wordt een beeld gegeven van de stand en ontwikkeling van de vrije reservemiddelen. Concreet wordt ingegaan op de volgende reserves:
- Vrij inzetbare reserve
- Reserve Fonds Zoetermeer 2040 (inclusief voormalig Reserve Investeringsfonds 2030)
Vrij inzetbare reserve
Onder A zijn de raadsbesluiten met beroep op de Vrij inzetbare reserve opgenomen, onder B de verwachtingen.
De bedragen onder B1a en b betreffen bedragen waarover bij eerdere begrotingen of voorstellen besluitvorming heeft plaatsgevonden waarvoor een reservering in de reserve is opgenomen. Onder B2a. wordt het geprognosticeerde rekeningsaldo 2026 vermeld. B3 laat het verwachte begrotingssaldo 2027 zien, gesplitst in het saldo van incidentele en structurele mutaties. Een bijzondere post is 3a3. Zoetermeer maakt gebruik van de mogelijkheid om een deel van het surplus aan te wenden om de begroting reëel en structureel sluitend te maken.
De omvang van de reserve vrij inzetbaar is hoger dan voor de onderkende risico’s noodzakelijk is. Zie ook de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.
Reserve Fonds Zoetermeer 2040
Eind 2023 zijn Reserve Investeringsfonds en Reserve Fonds Zoetermeer 2040 samengevoegd en opgegaan in Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
Voeding en onttrekking Reserve Fonds Zoetermeer 2040
De voeding van het fonds vindt in hoofdzaak plaats door de afdrachten van de winst van het grondbedrijf. Daarnaast worden subsidieontvangsten, die een aantoonbare relatie hebben met de opgaven van de Stadsvisie gestort in deze reserve. Uit een eventueel positief jaarrekeningresultaat wordt bij bestemming van dat resultaat maximaal 50% aan de reserve afgedragen. Tenslotte worden de extra inkomsten uit OZB en algemene uitkering voor zover die worden veroorzaakt door de groei van woningen/inwoners voor maximaal 50% gestort in de reserve. De middelen in de reserve worden onder meer ingezet voor dekking van eenmalige kosten van bijvoorbeeld aanleg/uitbreiding openbaar gebied die ten grondslag liggen aan de groei van de stad.
De bestemming van de middelen uit de Reserve Fonds Zoetermeer 2040 wordt jaarlijks bepaald bij de begrotingsbehandeling op basis van voorstellen in de begrotingsstukken. Door vaststelling van de begroting worden middelen in de reserve voor een bepaald project gereserveerd. Op basis van een concreet en uitgewerkt voorstel en raadsbesluit wordt het budget feitelijk beschikbaar gesteld met dekking uit het fonds.
Verloop van de reserve
In de tabel komt het financieel verloop van de stand van reserve tot uitdrukking rekening houdend met:
- Een actualisatie van de verwachte winstafdrachten van het grondbedrijf op basis van de gegevens uit het Eerste en Tweede Tussenbericht;
- Een actualisatie van de hoogte van reserveringen voor voorgenomen projecten waartoe eerder is besloten en
- Nieuwe voorstellen waarvoor een aanwending (of vrijval) uit de reserve wordt gedaan.
Op basis van de actualisatie en nieuwe voorstellen vertoont de reserve in alle jaren een positief saldo. Wanneer de resultaten grondbedrijf overeenkomstig de huidige inschatting in latere jaren ook werkelijk worden gerealiseerd biedt de reserve op de langere termijn nog een bestedingsruimte van € 52,3 mln.

A. is de beginstand van de reserves per 1 januari van het lopende jaar. Daarin zijn alle mutaties van het jaar 2026 verwerkt inclusief de resultaatbestemming, waarover in de Perspectiefnota 2027 besloten is.
Onder A1 staan eerder genomen raadsbesluiten met beroep op de reserve. Bij B1 staan verwachtingen uit voorgaande jaren en bij B2 staan de onderdelen waarover bij het Tweede Tussenbericht een besluit wordt genomen.
De verwachte winstafdrachten uit de grondexploitaties staan onder C. De resultaten van de grondexploitaties worden voor de helft rechtstreeks verrekend met de Reserve Fonds Zoetermeer 2040. De andere helft wordt verrekend met de Reserve versterking financiële positie Grondbedrijf. Deze reserve vormt samen met de Reserve in verband met risico’s grondbedrijf de weerstandscapaciteit van het Grondbedrijf. De weerstandscapaciteit is de financiële buffer om onverwachte, niet begrote kosten te kunnen dekken. Als de reserves Grondbedrijf samen meer dan 1,2 x de omvang van berekende risico’s bevatten, is er voldoende weerstandscapaciteit en wordt het meerdere afgeroomd en toegevoegd aan de Reserve Fonds Zoetermeer 2040.
EMU-saldo
Terug naar navigatie - Financiële begroting - EMU-saldoHet EMU-saldo geeft de geldstromen per jaar weer. Het EMU-saldo wordt berekend op basis van de mutaties in de geprognosticeerde balans. Het EMU-saldo is het jaarlijkse saldo van de lasten en baten op basis van reële transacties, ongeacht of het exploitatie- of investeringsuitgaven en -inkomsten betreft.
Het ministerie van BZK publiceert referentiewaarden als indicatie voor het EMU-saldo. Voor gemeenten gezamenlijk is het aandeel -/- 0,4% van het Bruto Binnenlands Product (BBP). Voor Zoetermeer is de referentiewaarde 27.609. Het EMU-saldo mag in principe niet lager zijn.
Bijlage 7 bevat een overzicht van (de berekening van) het EMU-saldo.