Samenvattend resultaat
2025: Samen doen wat nodig is
Terug naar navigatie - Samenvattend resultaat - 2025: Samen doen wat nodig isIn het laatste jaar van de bestuursperiode 2022–2026 hebben we samen met inwoners, partners en de gemeenteraad mooie stappen gezet en toegewerkt naar onze visie Zoetermeer 2040.
Een belangrijke mijlpaal in 2025 was de vaststelling van het volkshuisvestingsprogramma Stad in Balans. Daarmee hebben we vastgelegd hoe de verdeling van woningen over de stad eruit komt te zien en welke type woningen in welke wijken passend zijn. De ontwikkeling van de stad werd ook concreet zichtbaar: in gebieden zoals Entree en de Binnenstad zijn stappen gezet. De ruimtelijke strategie geeft richting aan keuzes en helpt bepalen hoe Zoetermeer de komende jaren op een evenwichtige manier kan doorgroeien.
Daarnaast hebben we kansen benut om de ontwikkeling van de stad te versterken. Zo hebben we samen met partners uit de New Town Alliantie een regiodeal van €10 miljoen toegekend gekregen.
De wijkgerichte aanpak kreeg verder vorm binnen het programma Sociale Innovatie. In meerdere wijken is gestart met een werkwijze waarbij ondersteuning dichter bij inwoners wordt georganiseerd. Ook op het gebied van bestaanszekerheid zijn belangrijke resultaten geboekt. Vanuit onderzoek en een participatietraject met inwoners en maatschappelijke partners is toegewerkt naar de Actieagenda Bestaanszekerheid. Hiermee verbeteren we onze dienstverlening op het gebied van bereik van regelingen, de manier waarop inwoners worden benaderd en de inzet op het voorkomen van schulden.
Verder zijn er duidelijke stappen gezet die de basis vormen voor de inhoud van het nieuwe beleidsstuk Manifest Fysieke Toegankelijkheid, waarmee fysieke toegankelijkheid wordt geborgd binnen de gemeentelijke organisatie. Het Manifest besteedt aandacht aan onder andere het verbeteren van de toegankelijkheid van openbare gebouwen en de openbare ruimte.
Toelichting / analyse Resultaat 2025
In 2025 heeft de gemeente € 575 miljoen uitgegeven en € 600 miljoen ontvangen (inclusief extra toevoegingen en onttrekkingen aan reserves). Rekening houdend met de onttrekkingen en toevoegingen aan reserves komt het resultaat uit op € 25,1 miljoen (positief). Wanneer we de onttrekkingen aan de reserves (€ 20 mln.) niet in het resultaat betrekken, zien we dat er een beperkt positief resultaat is behaald van € 5,2 miljoen. Hoewel dit beeld positief lijkt, wordt het resultaat grotendeels verklaard door incidentele rijksbijdragen, uitgestelde werkzaamheden en tijdelijke financiële meevallers. Landelijke ontwikkelingen, zoals de druk op middelen uit het gemeentefonds en stijgende uitvoeringskosten, vragen om duidelijke prioriteiten en concrete keuzes in wat we wel en niet doen.
Tegelijkertijd hebben we in 2025 laten zien dat we in staat zijn om, ook onder deze omstandigheden, stappen te zetten in de ontwikkeling van de stad en de ondersteuning van onze inwoners. De resultaten van 2025 geven vertrouwen dat we, ondanks de uitdagingen, blijven bouwen aan een sterk en toekomstbestendig Zoetermeer.
Leeswijzer
Terug naar navigatie - Samenvattend resultaat - LeeswijzerHet college legt elk jaar tijdens het resultatendebat verantwoording af aan de raad over het gevoerde beleid. Dit gebeurt op basis van de jaarstukken. De jaarstukken bestaan uit twee onderdelen, het jaarverslag en de jaarrekening. Een groot deel van de opgenomen informatie is verplicht voorgeschreven vanuit wetgeving. De Gemeentewet schrijft voor dat elke gemeente jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moet opstellen. Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bevat de regelgeving daarvoor.
Het jaarverslag
Het jaarverslag begint met de programmaverantwoording. Hierin legt het college verantwoording af over de beleidsmatige resultaten in 2025. Voor de programmaverantwoording is het bij de Programmabegroting 2025-2028 vastgestelde beleid het uitgangspunt. De gemeente Zoetermeer heeft zeven programma’s. In deze programma’s wordt ingegaan of de beoogde maatschappelijke effecten en doelstellingen zijn bereikt in 2025. Vanuit het BBV worden daarnaast overzichten voorgeschreven: Het overzicht van de kosten van de overhead, het overzicht algemene dekkingsmiddelen en Vennootschapsbelasting (VPB). Ook de paragrafen, zoals opgenomen in deze Jaarstukken, zijn verplicht.
De jaarrekening
De jaarrekening bestaat uit het overzicht van baten en lasten en de toelichting daarop, de rechtmatigheidsverantwoording, de balans en de toelichting daarop, de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling, de bijzondere gebeurtenissen na balansdatum, overige gegevens en een aantal bijlagen.
Over onderwerpen, waarbij gedurende het jaar is gebleken dat er een afwijking op de begroting is ontstaan, is de raad geïnformeerd via de Tussenberichten (TB1 en TB2). Deze afwijkingen zijn verwerkt als ‘begrotingswijziging’.
Ook is de raad in december geïnformeerd over grote of bijzondere afwijkingen na het Tweede Tussenbericht in het memo Financiële afwijkingen na Tweede Tussenbericht 2025.
De accountantscontrole is met name gericht op het jaarrekeninggedeelte. De accountant controleert of de administratie van de gemeente aansluit bij de jaarrekening en of aan alle regelgeving over verslaggeving en rechtmatigheid is voldaan.
Als gevolg van rechtstreekse onttrekking van informatie uit het financiële systeem van de gemeente kunnen kleine afrondingsverschillen in de tabellen voorkomen.
Exploitatieresultaat
Terug naar navigatie - Samenvattend resultaat - Exploitatieresultaat
Bedragen x € 1.000
| Exploitatie | Primitieve begroting | Begroting na wijziging | Jaarrekening 2025 | Saldo begroting na wijziging en jaarrekening |
| - Lasten | -548.865 | -567.631 | -545.017 | 22.614 |
| - Toevoegingen | -8.897 | -23.976 | -29.944 | -5.968 |
| Gerealiseerd saldo van lasten en toevoegingen | -557.762 | -591.607 | -574.961 | 16.646 |
| - Baten | 499.467 | 540.538 | 550.626 | 10.088 |
| -Onttrekkingen | 47.989 | 50.450 | 49.562 | -888 |
| Gerealiseerd saldo van baten en onttrekkingen | 547.456 | 590.988 | 600.188 | 9.200 |
| Gerealiseerd saldo | -10.306 | -619 | 25.228 | 25.846 |
Toelichting exploitatieresultaat
Terug naar navigatie - Samenvattend resultaat - Toelichting exploitatieresultaatIn bovenstaande tabel komt het rekeningresultaat (het verschil tussen werkelijke baten en lasten) naar voren van € 25,2 mln. positief. In de gewijzigde begroting 2025 was een begroot negatief saldo (na wijziging) van € 0,6 mln. opgenomen. Het verschil tussen de verwachting en het in de jaarstukken gemelde resultaat bedraagt afgerond € 25,8 mln. positief.
De raad is in december in het memo 'Financiële afwijkingen na het Tweede Tussenbericht 2025' geïnformeerd over € 17,1 mln. aanvullende grote of bijzondere afwijkingen na het Tweede Tussenbericht. Per saldo geeft de jaarrekening - ten opzichte van de eerdere verwachting - een financieel voordeligere uitkomst van € 8,7 mln. De hoofdlijn van deze voordeligere uitkomst is toegelicht in het eerste hoofdstuk van de jaarstukken. En in meer detail in het onderdeel jaarrekening.
In onderstaande tabel duiden we op hoofdlijn het resultaat ten opzichte van de verwachting in 2025. Geplande activiteiten die niet uitgevoerd konden worden beïnvloeden het resultaat. In de duiding van het resultaat wordt vooruitgeblikt op het bestemmingsvoorstel.
Samenvatting verschillenverklaringen op hoofdlijnen per programma
Terug naar navigatie - Samenvattend resultaat - Samenvatting verschillenverklaringen op hoofdlijnen per programmaIn de jaarrekening worden de verschillen in de “toelichting op het overzicht baten en lasten” groter dan € 100.000 verklaard. Onderstaande betreft per programma een samenvatting op hoofdlijnen (verschillen > € 0,5 mln.). De optelling tot het totaal per programma van het verschil tussen de gewijzigde begroting en rekening die in onderstaande samenvatting niet wordt verklaard, bestaat uit een optelling van diverse kleinere posten.
Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie: € 3,2 mln. voordeel
Het voordeel op het programma wordt grotendeels verklaard doordat er in 2025 minder is uitgegeven aan de BUIG en omdat er meer is ontvangen van het Rijk. De raad is in november 2025 hierover geïnformeerd met het memo Financiële afwijkingen bijstandsbudget 2025 is uw raad hierover al geïnformeerd. Sindsdien is het resultaat met € 0,61 mln. verbeterd, met name door lagere uitgaven voor loonkostensubsidies voor de jaren 2023 en 2025 (€ 0,44 mln.).
Programma 2 Samen leven en ondersteunen: € 6,1 mln. voordeel
Voor programma 2 zit het voordeel grotendeels op de onderdelen Specialistische Jeugdhulp. Het voordeel bij de specialistische jeugdhulp wordt verklaard door het uitblijven van een verwachte kostenstijging. Daarnaast vallen kosten voor ambulante jeugd-GGZ en landelijke ingekochte jeugdhulp uiteindelijk lager uit. Dit komt met name doordat minder jeugdigen gebruikmaken van deze vormen van jeugdhulp. In 2025 is door de Raad op meerdere momenten extra budget beschikbaar gesteld voor Jeugdhulp. Door aanvullende sturing op Jeugdhulp blijven de uitgaven lager dan het bijgestelde budget.
Daarnaast zijn er op het programma diverse voordelen behaald. De belangrijkste zijn:
- Hotel- en accommodatieregeling (€ 0,74 mln.): In augustus 2025 is de Regeling stimuleren uitstroom vergunninghouder uit de asielopvang van kracht geworden, wat hogere baten tot gevolg had.
- Noodopvang Oekraïne: Op de noodopvang van de ontheemde Oekraïners is een voordeel behaald van € 0,553 mln. Het voordeel wordt verklaard door de verminderde uitkering van leefgeld en doordat het onderzoek, locatie-analyse en haalbaarheidsstudies naar een gemeentelijke opvanglocatie doorschuift naar 2026.
Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen: € 3,8 mln. voordeel
Het voordeel op het programma wordt grotendeels behaald op het onderdeel Grootonderhoud Openbare Ruimte. In december 2025 is via het raadsmemo financiële afwijkingen 2025 een verwacht voordeel van € 1,6 mln. gemeld als gevolg van herfaseringen. Dit betreft onderhoud aan de Afrikaweg, Fregatwerf, diverse verkeersregelinstallaties en de projecten herinrichting Molenstraat, 1e Stationsstraat, Topaas en beschoeiingen. Verder hebben zich diverse voor- en nadelen voorgedaan. De belangrijkste zijn:
- Openbare verlichting (voordeel € 0,4 mln.). Door sterk gedaalde inkoopprijzen en ook een lagere energiebelasting zijn de kosten voor stroomverbruik van de openbare verlichting lager dan begroot.
- Gladheidsbestrijding (voordeel € 0,16): De wintermaanden van 2025 zijn vrij zacht verlopen waardoor gladheidsbestrijding beperkt nodig is geweest.
Normaliter zou het resultaat in de egalisatiereserve groot onderhoud bovengronds worden gestort, dit is echter niet meer mogelijk omdat deze de maximale bovengrens heeft bereikt van € 5 mln. Om de benodigde storting mogelijk te maken zal bij de besluitvorming over de jaarstukken 2025 worden voorgesteld om de maximale bovengrens van de egalisatiereserve te verhogen.
Programma 4 Vrije tijd: € 1,2 mln. nadeel
Het nadeel op het programma Vrije tijd wordt voor een groot deel verklaard door extra kosten die gemaakt zijn voor de exploitatie van culturele en sportvoorzieningen (nadeel € 1,0 mln.). De onderhoudskosten zijn in 2025 - behalve door prijsstijgingen - verder opgelopen vanwege deels verouderde culturele en sportgebouwen.
Programma 5 Veiligheid: € 1,2 mln. voordeel
Het voordeel op het programma wordt grotendeels verklaard door een lagere bijdrage aan de Veiligheidsregio Haaglanden dan waar in de begroting rekening mee is gehouden. Het betreft een aanpassing van de Functioneel Leeftijdsontslag (FLO) reeks, de bijstelling van de begroting 2025 van de VRH en de invulling van de taakstelling in 2025.
Programma 6 Dienstverlening: € 1,3 mln. nadeel
Het nadeel op het programma wordt grotendeels verklaard door de legesopbrengsten voor het project Eleanor Rooseveltlaan voor de bouw van 354 woningen die niet in 2025 opgelegd, maar in 2026 zullen worden uitgevoerd. De raad is met memo "Financiële afwijking na 2e Tussenbericht" hierover geïnformeerd.
Programma 7 Inrichten van de stad: € 0,48mln. voordeel
Het voordeel op het programma bestaat voornamelijk uit diverse afwijkingen die afzonderlijk kleiner zijn dan 0,25 mln.
Overzicht Overhead: € 1,4 mln. voordeel
Het voordeel op het overzicht overhead bestaat voor een groot deel uit een voordeel op de loonkosten overhead en personeelsgerelateerde kosten. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door vacatureruimte die pas later in het jaar zijn ingevuld. Het jaar is gestart met een niet ingevulde vacatureruimte van circa 65 fte. Aan het eind van het jaar waren nog maar 9 fte aan vacatureruimte niet ingevuld. Het is dus gelukt om 56 fte (vermeerderd met het verloop in 2025) wel in te vullen.
Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien: € 12,0 mln. voordeel
Het voordeel op de algemene uitkeringen bestaat uit verschillende onderdelen. De raad is hierover eerder geïnformeerd via de raadsmemo's septembercirculaire en decembercirculaire. De belangrijkste voordelen zijn:
- Voor de Jeugdzorg is er als tegemoetkoming in de kosten van 2023 en 2024 eenmalig extra geld ontvangen in 2025. Dit geeft een voordeel van € 4,9 mln.
- Gedurende het jaar zijn diverse taakmutaties geweest die op OAD een voordeel opleveren, maar over het algemeen vrijwel altijd ook een nadeel op de desbetreffende programma's. Een aantal voorname taakmutaties betreffen, middelen voor de sociale infrastructuur (werkbedrijf), compensatie voor ontwikkelingen van de CAO van mensen die in het werkbedrijf werken en middelen voor de arbeidsmarktregio. Alle taakmutaties samen resulteren in een voordeel van € 3,237 mln.
- De verdeling van de algemene uitkering vindt plaats op grond van diverse maatstaven. Een aantal belangrijke maatstaven is het aantal inwoners, het aantal bijstandsuitkeringen, het aantal huishoudens met een migratieachtergrond of het aantal huishoudens met een laag inkomen. Alle maatstaven wijzigen ieder jaar, dit leidt ieder jaar tot de zogenaamde herverdeeleffecten. Voor 2025 is er sprake van een additioneel positief herverdeeleffect ten opzichte van de begroting van € 2,4 mln.
- Het herverdeeleffect heeft deels te maken met de groei van de stad. Deze extra inkomsten reserveren we voor de extra kosten die voortvloeien uit de groei van de stad. Een deel van deze reservering (€ 0,786 mln.) is in 2025 niet ingezet.
- Tot slot is er ook nog per saldo € 0,238 mln. ontvangen die betrekking heeft op voorgaande jaren. Dit betreft een som van diverse aanpassingen over de jaren 2022 t/m 2024. Dit zijn herverdeeleffecten over oude jaren.
Daarnaast is op het onderdeel Treasury een voordeel behaald van € 0,5 mln. Het positieve banksaldo (liquiditeitsoverschot) wordt tegen een zo goed mogelijke rente weggezet bij de schatkist en/of uitgeleend aan andere gemeenten. Van zowel het positieve banksaldo als de hoogte van de rente wordt een inschatting gemaakt. Ten opzichte van begroting is een voordeel ontstaan van € 0,537 mln. Dit voordeel wordt voor 25% verklaard door een hoger banksaldo dan begroot. De overige 75% wordt verklaard door een gemiddeld hogere rente dan begroot.
Overzicht lasten per programma, baten per kostensoort
Terug naar navigatie - Samenvattend resultaat - Overzicht lasten per programma, baten per kostensoortUit de volgende grafiek ‘lasten per programma’ wordt duidelijk hoe de programma’s zich in omvang tot elkaar verhouden. De gemeente geeft het meeste budget uit in de programma’s 1 en 2, aan bijstandsuitkeringen en jeugdzorg. Veruit de meeste inkomsten van de gemeente komen terecht in ‘Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien (OAD)’. Voor deze grafiek ‘baten per kostensoort’ is daarom gekozen voor een andere weergave. Kostensoorten (of opbrengstsoorten) zijn een andere manier van indelen van de begroting dan naar programma. De inkomsten van de gemeente komen vanuit het Rijk, via het gemeentefonds en via andere uitkeringen vanuit het Rijk naar de gemeente. Vanuit belastingen en heffingen haalt de gemeente 11% van de inkomsten op.
