Bijlage 3. Resultaatbestemming jaarrekening 2021

In de jaarrekening 2021 is een resultaat van € 15,312 mln. vastgesteld. Dat positieve resultaat is, in afwachting van het voorstel ’resultaatbestemming’ ten gunste gebracht van de reserve vrij inzetbaar. Het definitief bestemmen van het resultaat gebeurt jaarlijks bij de perspectiefnota. Hierdoor kan de gemeenteraad dit betrekken bij de integrale afweging van de verschillende beleidsvoornemens. 

Het rekeningresultaat wordt voor € 5,738 mln. positief beïnvloed door taken die in 2021 niet volledig zijn afgerond en waarvan het vervolg in de jaren 2022 en verder is voorzien. De daarvoor benodigde voorstellen tot budgetoverheveling en resultaatbestemming worden in deze bijlage toegelicht. 

Het totale bedrag van € 5,738 mln. betreft:

  • 7 posten met een totaalbedrag van € 1.373.000 die voldoen aan de criteria voor budgetoverhevelingen en worden toegelicht in paragraaf 1;
  • 9 posten met een totaalbedrag van € 4.364.516 die niet volledig voldoen aan de criteria en waarvoor een resultaatbestemmingsvoorstel wordt gedaan. De toelichting is in paragraaf 2 opgenomen

In paragraaf 3 worden de herfaseringen toegelicht en paragraaf 4 de restantkredieten. 

Budgetoverhevelingen

In het begrotingsbeleid bestaat de optie om budgetten die in een begrotingsjaar zijn toegekend, maar niet zijn uitgegeven over te hevelen naar het volgend boekjaar. Conform ons begrotingsbeleid moeten voorstellen tot deze budgetoverhevelingen van 2021 naar 2022 voldoen aan de volgende criteria:

  • de activiteiten waar het budget in 2021 voor beschikbaar was zijn niet (geheel) uitgevoerd en de activiteiten zijn ook in 2022 nog noodzakelijk;
  • voor deze activiteiten is geen structureel budget in de begroting beschikbaar;
  • bij het vaststellen van de jaarrekening is op het betreffende programma sprake van een positief rekeningresultaat;
  • het budget is niet eerder overgeheveld.

Voor zeven posten met een totaalbedrag van € 1,373 mln. staat vast dat deze betrekking hebben op incidentele budgetten waarvan de activiteit in 2021 niet of nog niet geheel is uitgevoerd en waarvan die uitvoering in een later begrotingsjaar nog wel noodzakelijk is.   

Naar aanleiding van de in de jaarrekening 2021 geconstateerde onderschrijding stellen we voor de volgende budgetten in de programmabegroting 2022-25 op te nemen met als dekking een beroep op de Reserve vrij inzetbaar:

Hieronder lichten we per programma de onderwerpen toe:

Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie
Innolabs in de wijken
Het budget ‘Innolabs in de wijken’ (€ 188.000) is bedoeld voor hbo-onderwijs en -onderzoek naar maatschappelijke vraagstukken in verschillende labs. Bijvoorbeeld het Experimenteerhuis, waar studenten, docenten, onderzoekers en ambtenaren samenwerken met inwoners, maatschappelijke partners en bedrijven. Het budget wordt ingezet voor activiteiten die, via een ‘menukaart’, zijn opgesteld in samenwerking met het Dutch Innovation Park, Onderwijs en Economie. In 2021 is dit budget grotendeels niet uitgegeven. De uitgaven zijn opgeschort door het coronavirus, maar ook door de risico’s van het ’verlaten’ van Zoetermeer door De Haagse Hogeschool. Dit is inmiddels geen risico meer, maar hierdoor zijn projecten on-hold gezet en zijn nieuwe initiatieven niet gestart. Initiatieven rondom onderzoek en onderwijs in de wijk blijven noodzakelijk voor zowel Zoetermeerse studenten, als de aansluiting op de arbeidsmarkt en campusontwikkeling van het Dutch Innovation Park. Meer wijkgericht werken, samen met partners is ook een onderdeel uit de visie van Zoetermeer 2040. 

Voor de Innolabs zijn er concrete plannen voor 2022:

  • Voor het Innolab smart city-smart mobility het werken aan het meerjaren onderzoeksprogramma in afstemming met de betrokkenen.
  • Voor het Innolab Experimenteerhuis wordt op basis van de samenwerkingsovereenkomst een uitvoeringsagenda opgesteld.

Leven lang ontwikkelen, doorlopende leerlijn, hybride onderwijs
In december 2021 tekende het college een samenwerkingsovereenkomst tussen MboRijnland, Centrum voor Innovatief Vakmanschap (CIV) Smart Technology, CIV Welzijn en Zorg en De Haagse Hogeschool om gezamenlijk in te zetten op leven lang ontwikkelen, doorlopende leerlijnen en hybride onderwijs in de stad. Het stimuleren van een leven lang ontwikkelen krijgt een plek in de uitvoeringsagenda, die wordt opgesteld naar aanleiding van de getekende samenwerkingsovereenkomst. De uitvoeringsagenda sluit aan bij de visie van Zoetermeer 2040. Onderzoek en onderwijs in hybride omgevingen blijft noodzakelijk om studenten optimaal voor te bereiden op hun werkzame leven en tegelijk samen met inwoners, maatschappelijke partners en bedrijven te zoeken naar oplossingen in de praktijk van de wijk. Het is bovendien een concrete bijdrage aan twee hoofdlijnen van de omgevingsvisie Zoetermeer 2040, te weten hoofdlijn 4, doorlopende ontplooiingskansen voor inwoners van Zoetermeer, en hoofdlijn 5, stad van toegepaste innovatie.

Programma 3 – Leefbaarheid, duurzaam en groen
Groen
Voor Groenprojecten is gedurende de collegeperiode een extra bedrag beschikbaar gesteld. Omdat de gemeente samenwerkt met derden en daar de coördinatie voor uitvoert is het budget met de bijdrage van derden en een budgetoverheveling vanuit 2018/19 opgehoogd tot in totaal ca. € 612.000 (en € 181.000 bijdrage derden). In 2021 is dat bedrag niet volledig besteed. Dit wordt veroorzaakt doordat het project moerasparels door het uitblijven van een vergunning is vertraagd en omdat het project vergroening schoolpleinen door drie scholen nog niet is opgestart. Daarnaast is veel voorbereidingstijd gaan zitten in het project bij de Zoetermeerse Plas (daar wordt een ijzerhoudend zandfilter langs gelegd om blauwalg te voorkomen) dat samen met het Hoogheemraadschap van Rijnland (HHR) wordt uitgevoerd. Naar verwachting zal hiertoe in 2022 een samenwerkingsovereenkomst worden ondertekend. De samenwerkingsovereenkomst wordt pas getekend als de dekking voor beide partijen is geregeld. 

Programma 4 - Vrije tijd
Wijkvestiging bibliotheek Rokkeveen
In de wijk Rokkeveen wordt de wijkvestiging van de bibliotheek opengehouden en omgebouwd om daarmee de mogelijkheid open te houden deze vestiging in de toekomst om te vormen tot Huis van de Wijk. Dit mede op verzoek van de raad (motie 2006-32A). Om dit te realiseren is een eenmalige investering nodig van € 200.000. Hiervoor is in de Perspectiefnota 2022 € 120.000 beschikbaar gesteld en het resterende deel wordt gedekt uit het niet realiseren van dBos in Rokkeveen, zijnde € 80.000. In TB2 is al gemeld dat de voorgenomen verbouwing in 2022 plaatsvindt, omdat er eerst afspraken gemaakt moeten worden met beoogde partners over het programma van eisen en de organisatorische voorwaarden.

Sportakkoord
Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, heeft het budget voor het Sportakkoord voor 2021 opgehoogd van € 60.000 naar € 120.000. Dit bedrag is in 2021 niet uitgegeven. Oorzaak van de niet bestede middelen zijn de coronabeperkingen in 2021 voor uitvoering van sportactiviteiten. Door tijdelijke sluiting en daarna heel beperkte openingstelling van sportaccommodaties kwamen organisaties niet toe aan het indienen van aanvragen uit het sportakkoord stimuleringsbudget. Nu er in 2022 weer meer mogelijk is kunnen organisaties, naast reguliere sportakkoord ondersteuningsaanvragen om mensen in beweging te krijgen, worden gestimuleerd in te zetten op bestrijding van eenzaamheid en bewegingsarmoede onder jeugd en senioren. 

Overzicht Overhead
Citymarketing
Na vaststelling van het citymarketingadvies door de raad (raadsbesluit nr. DOC-2016-006580) heeft de raad het college de opdracht geven om een uitgebreid actieplan voor vier jaar te ontwikkelen. Het college heeft in het coalitieakkoord hiervoor een budget van € 700.000 vrijgemaakt. In 2020 is hiervoor een strategisch canvas opgesteld – dat is vastgesteld door het college - met ambities en doelstellingen voor citymarketing Zoetermeer tot en met 2025. Begin 2021 is Bureau Citymarketing gestart om hier verder uitvoering aan te geven. In afwachting van structurele middelen is dit restantbudget nodig om met het strategisch canvas aan de slag te gaan.

Flankerend beleid
Met de Programmabegroting 2020 is de gemeenteraad akkoord gegaan met een pakket aan maatregelen, Ombuigen en Vernieuwen, die moeten leiden tot structurele besparingen. De eenmalige kosten van de (personele) gevolgen van de maatregelen Ombuigen en Vernieuwen worden gefinancierd uit Flankerende Middelen. De criteria voor aanwending van deze middelen worden beschreven in het Flankerend Beleid voor Ombuigen en Vernieuwen. In de begroting is hiervoor een bedrag ter grootte van € 2 mln. opgenomen te verdelen in vier gelijke delen van € 0,5 mln. per jaar. Het accent van de maatregelen wordt verwacht in 2022 en 2023. 

Resultaatbestemmingsvoorstellen

In de vorige paragraaf beschreven we het deel van het resultaat van 2021 dat wordt veroorzaakt doordat activiteiten niet zijn uitgevoerd en waarvoor budgetoverhevelingen worden voorgesteld. Een ander deel betreft activiteiten die niet volledig voldoen aan de criteria van budgetoverheveling maar waarbij het wel gaat om eenmalig budget voor activiteiten die in 2022 nog uitgevoerd worden. Voor deze activiteiten wordt een resultaatbestemmingsvoorstel gedaan. 

Programma 1 - Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie
Arbeidsmarktregio ZHC gelden
De gemeente Zoetermeer ontvangt als centrumgemeente een decentralisatie-uitkering voor het versterken van de arbeidsmarktregio’s met als doel om de regiefunctie van de centrumgemeente voor de samenwerking en de gezamenlijke publieke werkgeversdienstverlening in de arbeidsmarktregio’s duurzaam te ondersteunen en versterken. De centrumgemeente van een arbeidsmarktregio treedt op als regievoerder en is de ontvanger van de decentralisatie-uitkering. 

Om ervoor te zorgen dat meer mensen kunnen deelnemen aan de arbeidsmarkt werken overheidsinstellingen, werkgeversorganisaties en onderwijsinstellingen samen om de matching in de arbeidsmarktregio te verbeteren. Als gevolg van de coronamaatregelen is een deel van de activiteiten aangepast of uitgesteld. Zo waren tijdens de lockdown werkgevers terughoudend met het aannemen van nieuw personeel en het ontwikkelen van leerwerkarrangementen. Ook zijn voorbereidingen getroffen om de (toen nog) te verwachten stijgende werkloosheid op te vangen. Deze ondersteuning bleek minder nodig omdat de economie zich sneller herstelde dan verwacht en er een krapte aan personeel op de arbeidsmarkt ontstond. In de arbeidsmarktregio wordt gewerkt aan een nieuw uitvoeringsplan gericht op het aanpakken van de krapte op de arbeidsmarkt. In de jaarstukken is een voordeel van € 2,271 mln. gemeld vanwege lagere uitvoerings- en ondersteuningskosten. Dit bedrag is beschikbaar voor de regio. Toekenning aan gemeenten in de regio gebeurt aan de hand van goed te keuren ingediende plannen.

TOZO
De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is een ondersteuning voor zelfstandig ondernemers die door de coronacrisis in financiële moeilijkheden zijn gekomen. De Tozo bestaat uit inkomensondersteuning en leningen voor bedrijfskapitaal. De uitvoering van deze regeling is bij de gemeente belegd. Het rijk heeft deze uitvoeringskosten vergoed.
Het betreft een vaste inclusieve vergoeding voor alle uitvoeringskosten van gemeenten. Dus bijvoorbeeld ook inclusief alle afhandelingen in de komende jaren ten aanzien van rentebetalingen en terugbetalingen van de leningen. In de vergoeding is rekening gehouden met inspanningen van gemeenten ten aanzien van eventueel benodigde herstelacties in het kader van rechtmatigheid en het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik.

Programma 2 – Samen leven en ondersteunen
Extra mantelzorgondersteuning
Op 1 november 2021 nam de raad het raadsbesluit 0637740214 Extra mantelzorgwaardering aan. Onderdeel van het besluit is mantelzorgers twee tickets voor een culturele activiteit in Zoetermeer aan te bieden om hen een extra dagje uit te geven. Er is nog onvoldoende tijd geweest om het plan uit te voeren. Voor de uitvoering zijn de middelen nodig in 2022.

Wijkgericht werken
Wijkgericht werken is een van de speerpunten van de huidige coalitie. Wijkgericht werken is een wijze van werken, gericht op verbetering van de leefbaarheid, de veiligheid en de sociale samenhang in de wijken en buurten. Vraaggericht en vanuit de leefwereld van de inwoner.

Eind 2020 is besloten voor de verdere ontwikkeling van wijkgericht werken in te zetten op de volgende twee sporen: 

  • Spoor 1. Wijkgericht werken in de pilotwijken Oosterheem en Seghwaert aan de hand van de plannen en doelen die daar zijn gesteld. Een belangrijk onderdeel hiervan is het faciliteren van ontmoeting door middel van Huizen van de Wijk. Later verbreed naar de wijk Rokkeveen.
  • Spoor 2. Aansluiten en verbinden van de doorontwikkeling van de basisstructuur wijkgericht werken bij de planvorming en ontwikkeling van de visie en strategie van Zoetermeer 2040.

In 2021 is benadrukt dat Wijkgericht werken als integrale gebiedsgerichte benadering dient bij te dragen aan hoofdlijnen van de visie Zoetermeer 2040.
De activiteiten in de pilotwijken Oosterheem en Seghwaert zijn begin 2022 nagenoeg afgerond. De ervaringen die zijn opgedaan in de pilotwijken zullen worden geëvalueerd; wat hebben we bereikt, waar kunnen we trots op zijn, wat had beter gekund en welke ervaringen geven we mee aan Zoetermeer 2040. De uitkomst van de evaluatie zal in de loop van 2022 ter informatie aan de raad worden aangeboden.
De Huizen van de wijk worden voorlopig niet gerealiseerd. Op de beoogde locaties worden wel aanpassingen gedaan. In de toekomst kan op basis hiervan en op basis van de dan voorliggende ondernemingsplannen besluitvorming over verdere realisatie worden opgestart.

Voor wijkgericht werken was in 2021 een budget van in totaal € 365.000 beschikbaar. Hiervan is een bedrag van afgerond € 201.000 niet aangewend. Dat is ten dele veroorzaakt door COVID-19 en voor een ander deel door personeelswisselingen. Voorgesteld wordt deze middelen beschikbaar te stellen voor 2022 ten behoeve van afronding van de activiteiten in de pilotwijken, de verbinding van wijkgericht werken aan de visie Zoetermeer 2040, de evaluatie van de pilots wijkgericht werken en het vervolgtraject Huizen van de wijk.

Programma 5 - Veiligheid
Versterkingsgelden radicalisering
De gemeente Zoetermeer ontvangt vanaf 2016 van het rijk jaarlijks versterkingsgelden voor de aanpak van radicalisering. De voor 2020 toegekende versterkingsgelden zijn niet volledig benut door het doorschuiven van activiteiten als gevolg van COVID-19. De geplande activiteiten die door de COVID-19 maatregelen niet konden doorgaan, zijn activiteiten waarbij mensen fysiek bij elkaar moeten komen en die niet door online-activiteiten kunnen worden vervangen omdat de effectiviteit van de activiteiten dan teveel afneemt. Het gaat bijvoorbeeld om empowermenttrainingen voor moeders of vaders, waarbij het gezien de doelgroep niet haalbaar en niet effectief is om deze aan te bieden als online variant. Als deze versterkingsgelden niet worden besteed aan het doel waarvoor deze zijn uitgekeerd geldt een terugbetalingsverplichting. Het budget is dus niet inzetbaar voor andere doeleinden dan de aanpak van radicalisering en extremisme.

Programma 6 - Dienstverlening en participatie
Voorbereidingskosten Omgevingswet
Voor de implementatie van de Omgevingswet is een budget beschikbaar gesteld van € 3,5 mln. De datum van de inwerkingtreding van de omgevingswet is verschoven van 1 juli 2019, via 1 januari 2021, naar thans 1 januari 2023. Deze verschuiving komt doordat het rijk meer tijd nodig heeft voor het uitwerken, het vaststellen van de vereisten en het beschikbaar stellen van het landelijke digitale systeem: Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Ultimo 2019 heeft de VNG een lijst met minimale vereisten opgesteld waaraan gemeenten bij de inwerkingtreding aan dienen te voldoen om met de omgevingswet te kunnen werken, deze lijst is nog in beweging. Doordat de voorwaarden nog steeds in beweging zijn, verschuiven ook de uit te voeren activiteiten van de gemeente in de tijd. In de periode 2016-2020 is de jaarlijkse onderbesteding van het aanvullend budget overgeheveld naar de nieuwe begrotingsjaren. Ook in 2021 is een onderbesteding van het aanvullend budget opgetreden. Deze middelen zijn noodzakelijk om de implementatie te kunnen uitvoeren. 

Programma 7 Inrichting van de stad
Herinrichting Bleiswijkseweg
De gemeente heeft de afgelopen jaren verschillende langdurig bestaande knelpunten op het gebied van woonwagenhuisvesting aangepakt. Een van de lopende knelpunten is de herinrichting van de woonwagenlocatie Bleiswijkseweg. Voor de aanpassing van de buitenruimte van de woonwagenlocatie is circa € 412.000 beschikbaar gesteld, maar nog niet uitgegeven. Om de toekomstbestendigheid van de locatie te waarborgen is het creëren van draagvlak en het kiezen van een gezamenlijke uitgangspositie met de bewoners een zwaarwegende factor. Het is niet mogelijk gebleken om de fysieke bewonersgesprekken op het gemeentehuis voort te zetten. Vanwege de verschillende COVID-19 maatregelen is de voortgang hiervan sterk bemoeilijkt. Onderdeel van het woonwagendossier was de verhuizing van het oude gemaal naar het Gooimeer. Inmiddels is deze uitgifte volledig afgerond en kan er worden begonnen met de herinrichting van de Bleiswijkseweg. In de tweede helft van 2021 is de eerste fase van herstructurering op de locatie aan de Bleiswijkseweg afgerond en is gestart met de tweede fase.

Engelandlaan 270
Het project Engelandlaan 270 is een faciliterend grondbeleid project. Voor een door de gemeente gewenste plotverschuiving zijn aanvullende kosten voor het bouw- en woonrijpmaken van het woningversnellingsproject Engelandlaan 270 benodigd. De planning was dat in 2021 het ontwerp bestemmingsplan en besluit omgevingsplan werden vastgesteld en ter visie werden gelegd en dat ook de anterieure overeenkomst met de ontwikkelaar zou worden getekend. 

Voordat het bestemmingsplan in procedure kan worden gebracht moet wel eerst een anterieure overeenkomst worden gesloten. Waar in 2020 gedacht werd dat dit gemakkelijk zou kunnen worden gerealiseerd bleek de realiteit anders. Er is wel een intentieovereenkomst gesloten, maar het traject om te komen tot een anterieure overeenkomst heeft lang geduurd, veel overleg gevraagd en is in 2021 nog niet gelukt. Dat houdt in dat de planning minimaal een jaar opschuift. 

Het rekeningresultaat is € 15,312 mln. positief. Na aftrek van budgetoverhevelingen en resultaatbestemmingsvoorstellen, bij elkaar € 5,738 mln., resteert een nog te bestemmen bedrag van € 9,574 mln. Voorgesteld wordt hiervan 50% te storten in de Rif volgens het geldende beleid.

Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen
Verbetering dienstverlening
In de decembercirculaire 2021 van het ministerie van BZK zijn middelen ter beschikking gesteld in de algemene uitkering ten behoeve van de versterking van de gemeentelijke dienstverlening naar aanleiding van de kinderopvang toeslagenaffaire voor het jaar 2021. Deze middelen worden ter beschikking gesteld om onder andere de uitvoeringscapaciteit bij de overheid te versterken en extra ondersteuning te bieden aan mensen in kwetsbare posities. Het gaat voor Zoetermeer om een bedrag van € 763.000 in 2021 dat niet meer in 2021 uitgegeven kon worden. Voorgesteld wordt deze middelen te reserveren op het overzicht algemene dekkingsmiddelen in afwachting van een bestedingsplan. 

Herfaseringen

De gemeente kent meerjarige projecten in de exploitatie waarvan de kosten worden gedekt uit reserves. Deze projecten zijn voor de exploitatie dus budgettair neutraal. Als de kosten in enig jaar lager zijn dan geraamd door vertraging in de uitvoering is de onttrekking uit de reserve in dat jaar ook lager en blijft het geld in de reserve beschikbaar voor dat project. De activiteiten (en daarmee gemoeide kosten en dekking uit reserves) schuiven door in de tijd. Er is sprake van een faseringsverschil van kosten en dekking ten opzichte van de begroting. Dit noemen we herfaseren. In de periodieke voortgangsrapportages worden de oorzaken nader toegelicht. In onderstaande tabel worden de budgettair neutrale herfaseringen per onderwerp genoemd en kort toegelicht. Gevraagd wordt om in te stemmen met het herfaseren van de volgende projecten naar 2022 en volgende jaren.

Instandhouding kredieten

Kredieten zijn begrote uitgaven voor investeringen. De lasten van deze investeringen bestaan gedurende de levensduur uit afschrijvings- en rentelasten ten laste van de exploitatie. Als een investeringswerk is afgerond wordt dat krediet ‘afgesloten en in exploitatie genomen’. Dat wil zeggen dat de kosten van rente en aflossing ten laste van de exploitatie komen. Zolang een krediet nog niet in exploitatie is genomen (het werk is nog niet afgerond) wordt er op het krediet nog niet afgeschreven en komen er nog geen lasten voor rente en afschrijving ten laste van de exploitatie.
Vanuit oogpunt van beheersing worden kredieten die ouder zijn dan twee jaar en die nog niet in exploitatie zijn genomen beoordeeld op de noodzaak om deze nog open te houden (niet af te sluiten) en als (restant) krediet over te hevelen naar het nieuwe jaar. Over 2021 gaat het om kredieten in onderstaande tabel. De werkzaamheden zijn vertraagd, onder meer vanwege aanbestedingstrajecten, afstemming met derden, vertraging bij landelijke ontwikkelingen, e.d. 

Voorgesteld wordt om afgerond € 72,9 mln. aan uitgaven over te brengen naar 2022 en € 0,8 mln. naar 2023 en € 7,2 mln. aan inkomsten.