Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie
.png)
Financiën
Terug naar navigatie - Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie - Financiën
| Bedragen x € 1.000 | ||||||
| TB1 | MJB 2027 - 2030 | |||||
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 | |
| 1 Financiële ontwikkelingen bestaand beleid (leereffecten jaarrekening en TB1) | ||||||
|
1.1 Extra middelen aanpak energiearmoede (Geldpunt 2026) |
-223 |
-pm |
-pm |
-pm |
-pm |
-pm |
| 1.2 Sociale werkvoorziening & beschut werk | 257 | 257 | 257 | 257 | 257 | 257 |
|
1.3 Onderwijsachterstandenbeleid: |
|
|
|
|
|
|
|
1.4 Aanpak laaggeletterdheid/Volwasseneneducatie: |
|
|
|
|
|
|
|
1.5 Wet inburgering |
-2.350 |
-2.350 |
-2.350 |
-2.350 |
-2.350 |
-2.350 |
|
1.6 Exploitatielasten onderwijsgebouwen |
|
-100 |
-100 |
-100 |
-100 |
-100 |
|
1.7 Arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal |
-1.667 |
|
|
|
|
|
|
1.8 Voortijdig Schoolverlaten (VSV): |
|
|
|
|
|
|
|
1.9 Kapitaallasten IHP scholen |
|
|
|
|
-98 |
-98 |
|
1.10 Eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair IKC Vijf pilaren |
|
-6 |
-6 |
-6 |
-6 |
-6 |
| 2 Onvermijdelijke ontwikkelingen | ||||||
|
2.1 Bijstandsuitkeringen (BUIG): |
|
|
|
|
|
|
| 3 Beleidswijzigingen/Nieuw beleid | ||||||
|
3.1 Implementatie Participatiewet in balans |
-104 |
-21 |
||||
|
3.2 Impuls sociale infrastructuur |
-432 |
-pm |
-pm |
-pm |
-pm |
-pm |
|
3.3 Uitvoering extra taak Doorstroompunt (DSP) voor de leeftijdscategorie 23-27 |
-258 |
|||||
|
3.4 Inzet asiel en integratie |
-240 |
|||||
|
3.5 Economie |
-125 |
-125 |
-pm |
-pm |
-pm |
-pm |
| TOTAAL SALDO PROGRAMMA | 1.158 | 324 | -155 | -155 | -217 | -216 |
Toelichting financiën
Terug naar navigatie - Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie - Toelichting financiënFinanciële ontwikkelingen bestaand beleid (leereffecten jaarrekening en TB1)
1.1 Extra middelen aanpak energiearmoede (Geldpunt 2026)
Energiearmoede betekent dat mensen onvoldoende geld hebben om hun energierekening te betalen. Dat komt vaak door een combinatie van laag inkomen, hoge energieprijzen en een slecht geïsoleerde woning. Zoetermeer ontvangt in totaal € 0,218 mln. voor de aanpak van energiearmoede. Daarvan hebben we in 2025 € 72.000 ontvangen. In 2026 krijgen we € 0,146 mln. Deze middelen zijn nog niet ingezet. Er ligt een plan om met deze middelen de bestaande lokale aanpak te versterken. Dat doen we door huishoudens te ondersteunen bij hoge kosten door blokverwarming (via energiecoaches, voorlichting en samenwerking met corporaties).
Daarnaast wordt € 96.000 benut voor versterking van het Geldpunt voor huishoudens met geldzorgen en energiearmoede. Bij het Geldpunt kunnen inwoners terecht met vragen en zorgen over hun financiële situatie. De dekking van het Geldpunt in 2026 is incidenteel. In de Perspectiefnota 2026 is voorgesteld de structurele kosten van € 0,223 mln. te dekken uit extra rijksmiddelen, die aangekondigd waren voor de aanpak van problematische schulden. Door de val van het kabinet in juni 2025 zijn deze structurele middelen herzien en eenmalig in uitvoeringsjaar 2025 verstrekt. Voor Zoetermeer gaat het om een bedrag van € 0,127 mln. Het restant wordt gedekt uit de extra rijksmiddelen energiearmoede.
We wachten nog op nader bericht voor invulling van een dekkingsvoorstel voor het Geldpunt voor 2027 en verder. Het nieuwe kabinet heeft plannen voor een meerjarig publiek fonds voor huishoudens die de energierekening niet kunnen betalen, in combinatie met hulp bij de verduurzaming van woningen. Dit is mogelijk door een sterkere inzet op hulp bij energiearmoede in de aanvraag voor het Europees sociaal klimaatfonds. De middelen zijn nog onder voorbehoud van goedkeuring van het voorstel door de Europese Commissie.
1.2 Sociale werkvoorziening & beschut werk
De gemeente Zoetermeer heeft een wettelijke taak om aangepaste arbeidsplekken in de sociale werkvoorziening (wsw) te bieden. Dat is bedoeld voor inwoners die door een lichamelijke, psychische, of verstandelijke handicap niet onder normale omstandigheden kunnen werken. Werkbedrijf De Binnenbaan voert deze wettelijke taak in opdracht van de gemeente uit. De kosten lopen minder snel op dan eerder gedacht. We verwachten dat dit komt doordat meer wsw’ers gebruik maken van de regeling voor vervroegd uittreden (RVU). Dit levert een structureel voordeel op van afgerond € 0,26 mln.
1.3 Onderwijsachterstandenbeleid
Via het onderwijsachterstandenbeleid ondersteunen we kinderen van 2-12 jaar om achterstanden te verkleinen of te voorkomen. Denk hierbij aan de Speeltaalhuizen voor kinderen van 2 tot 4 jaar. De baten komen uit een specifieke rijksuitkering. In 2026 staat voor onderwijsachterstandenbeleid bij zowel de baten als de lasten een bedrag van € 5,5 mln. opgenomen. Echter in de toekenningsbeschikking van het rijk staat, dat Zoetermeer voor de jaren vanaf 2026 € 6,1 mln. (€ 0,562 mln. meer) ontvangt. De baten en de lasten worden dan € 6,1 mln. De voorgenomen bezuiniging van 10% door het rijk is daarmee wat lager uitgevallen dan verwacht.
1.4 Aanpak laaggeletterdheid/Volwasseneneducatie
In de begroting 2026 staat voor Aanpak laaggeletterdheid/Volwasseneneducatie een bedrag van € 1,44 mln. voor zowel de baten als de lasten. Dit geld is voor volwassen inwoners met beperkte basisvaardigheden in de regio Zuid-Holland Centraal om hen sterker te maken in taal, rekenen en digitale vaardigheden. De baten komen uit een specifieke rijksuitkering en deze is dit keer door het rijk gekort met 17%.
In november 2025 is de toekenningsbeschikking 2026 ontvangen. Als gevolg hiervan stijgt de uitkering vanaf 2026 weer iets met € 0,28 mln. Daarnaast wordt in 2026 nog € 0,44 mln. toegevoegd, die in 2025 niet zijn besteed. In totaal nemen de baten en lasten ten opzichte van de begroting 2026 toe met € 0,72 mln. Totaal is dan voor zowel baten als lasten een bedrag van € 2,16 mln. beschikbaar.
1.5 Wet Inburgering
De gemeente Zoetermeer heeft de wettelijke taak om inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk te laten integreren en participeren. Er worden kosten gemaakt voor o.a. leerroutes, maatschappelijke begeleiding, het organiseren van het traject rond de participatieverklaring (PVT), de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) en tolkdiensten. Hiertegenover staan inkomsten vanuit de Specifieke uitkering inburgeringsvoorziening om te voorzien in de kosten voor het aanbieden van inburgeringsvoorzieningen.
1.6 Exploitatielasten onderwijsgebouwen
De onderhoudskosten van de gemeentelijke accommodaties zijn de laatste jaren sterk toegenomen. De panden in goede staat houden vergt € 0,1 mln. extra per jaar.
1.7 Arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal
De gemeente Zoetermeer ontvangt en beheert als centrumgemeente van de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC)de door het rijk beschikbaar gestelde middelen voor de regionale samenwerking. In het kader van de hervorming van de arbeidsmarktinfrastructuur ontvangen centrumgemeenten vanwege hun regierol in de arbeidsmarktregio vanaf 2025 twee decentralisatie-uitkeringen. De eerste is een tijdelijk (impuls-)budget ter bevordering van gezamenlijke dienstverlening aan inwoners en werkgevers. Daarnaast ontvangen centrumgemeenten structureel middelen voor het invullen van de functionele regierol in de arbeidsmarkt, het organiseren en ondersteunen van het Regionaal Beraad, het organiseren van coördinatie van het Werkcentrum en het organiseren van de gidsfunctie. Het is aan de centrumgemeenten om invulling te geven aan de uitvoering en invulling van dit budget.
In 2026 worden de totale uitgaven geschat op € 2,63 mln. Hiervan wordt € 0,96 mln. gedekt vanuit de huidige begroting in programma 1, en € 1,67 mln. wordt onttrokken aan de reserve arbeidsmarktregio ZHC.
1.8 Vroegtijdig Schoolverlaten (VSV)
In 2025 zijn vanuit het vierjarig regionaal programma Voortijdig Schoolverlaten (VSV) extra middelen ter beschikking gesteld door contactgemeente Den Haag voor de periode 2025-2026. Zowel de reguliere als de extra middelen zijn niet volledig benut (VSV regulier, kwalificatie en regionale aanpak). De over 2025 resterende middelen vanuit de SPUK blijven beschikbaar voor de uitvoering van het beleid in 2026. Tegenover deze inkomsten staan ook kosten.
1.9 Kapitaallasten IHP scholen
De bouw van twee scholen uit het Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting 2023 is via een bouwheerschap overeenkomst overgedragen aan de betreffende schoolbesturen. Om de ramingen realistisch te houden, zijn de investeringsbudgetten geïndexeerd naar het huidige prijspeil. De hieruit voortvloeiende hogere afschrijvingslasten worden gedekt uit de reserve egalisatie investeringen schoolgebouwen en de rentelasten via OAD (stelpost prijscompensatie).
1.10 Eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair IKC Vijf pilaren
Vanwege de groei van IKC De Vijf Pilaren is extra investeringsbudget nodig van € 81.000 voor de eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair. Met ingang van 2027 zijn hier ruim € 6.000 extra lasten per jaar aan verbonden.
Onvermijdelijke ontwikkelingen
2.1 Bijstandsuitkeringen (BUIG)
De gebundelde uitkering Participatiewet, ook wel genoemd de BUIG, wordt door het rijk uitgekeerd aan de gemeente en bestaat uit vijf uitkeringen. Het voorlopig budget voor 2026 is € 58,6 mln. De uitkering participatiewet (PW) is de voornaamste en beslaat ongeveer 95% van de BUIG; hiervan betaalt de gemeente de reguliere bijstandsuitgaven. Daarnaast zijn in volgorde van omvang aflopend:
- Loonkostensubsidie
- Inkomensondersteuning arbeidsongeschikte werknemers (IOAW)
- Inkomensondersteuning arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ)
- Besluit bijstandsverlening zelfstandigen levensonderhoud (Bbz)
Wij doen voor nu een voorlopige raming van de BUIG. De verwachte inkomsten voor 2026 zijn € 61,1 mln., de verwachte uitgaven zijn € 57,7 mln. De uitgaven zijn in 2026 naar verwachting € 2,6 mln. hoger dan begroot (+4,8%). De inkomsten zijn naar verwachting € 4,5 mln. hoger dan begroot. Per saldo leidt dit tot een voordeel ten opzichte van de begroting van de gemeente Zoetermeer van € 1,9 mln. We houden rekening met een stijging van het gemiddelde aantal bijstandsuitkeringen met 1,4% mede op basis van (economische) ramingen van het CPB. Het gemiddelde aantal bijstandsdossiers in 2025 was 2.533; voor 2026 gaan wij uit van een stijging naar (gemiddeld) 2.569. Daarnaast houden wij rekening met een prijsstijging van 4,4% op basis van een verwachte indexatie van het wettelijk minimumloon.
Meerjarig wordt rekening gehouden met een positief BUIG-saldo van € 2,0 mln. op basis van het 8-jaars gemiddelde.
Beleidswijzigingen/nieuw beleid
3.1 Implementatie Participatiewet in balans
De wet Participatiewet in Balans is aangenomen om de Participatiewet eenvoudiger te maken en te verbeteren. Dit gebeurt door meer maatwerk, versoepeling van regels en een menselijkere aanpak. In 2026 gaan wij aan de slag met de uitvoering van deze nieuwe wet. We doen dit bijvoorbeeld door het bijscholen van medewerkers en tijdelijk extra personele inzet voor het bijwerken van onze werkprocessen. Het rijk heeft in de Septembercirculaire 2025 extra middelen toegevoegd aan de algemene uitkering voor de uitvoering van deze nieuwe wet. Zie hiervoor OAD.
3.2 Impuls sociale infrastructuur
Het rijk stelt voor de periode 2025 t/m 2035 extra middelen beschikbaar voor de versterking van de infrastructuur gericht op werk voor de mensen in de participatiewet. De gemeente Zoetermeer ontvangt en beheert de middelen mede namens de andere gemeenten in het samenwerkingsverband (Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Pijnacker-Nootdorp, en Rijswijk).
In de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van werkbedrijf De Binnenbaan d.d. 11-03-26 is het nieuwe bedrijfsplan vastgesteld voor de periode 2026 t/m 2030. In dit bedrijfsplan is een voorstel gedaan voor inzet van de impulsmiddelen in 2026 gericht op het ontwikkelen van nieuwe werkleerlijnen, het versterken van de begeleiding naar duurzaam werk en een gerichtere aanpak voor verschillende doelgroepen. Het rijk heeft hiervoor bij de Mei- en Septembercirculaire 2025 extra middelen toegevoegd aan de algemene uitkering. Zie hiervoor OAD. Voor de periode 2027 en verder wordt nog gewerkt aan een bestedingsplan.
3.3 Uitvoering extra taak Doorstroompunt (DSP) voor de leeftijdscategorie 23-27
De Wet van school naar duurzaam werk is een voortzetting van de aanpak voortijdig schoolverlaten en de aanpak jeugdwerkloosheid. In deze wet is de leeftijdsgrens voor het doorstroompunt verhoogd van 23 tot 27 jaar. Om deze nieuwe doelgroep te bereiken is door het rijk extra geld beschikbaar gesteld. Deze middelen worden ingezet voor de formatie doorstroompunt.
3.4 Inzet asiel en integratie
In 2026 wordt tijdelijk ingezet op de inhuur van twee beleidsadviseurs asiel en integratie, om te kunnen voldoen aan de wettelijke taken binnen dit dossier. De benodigde middelen worden gedekt uit het voordeel op de rijksvergoeding voor de noodopvang van Oekraïners in programma 2. Het betreft een tijdelijke dekking, die al eerder op deze wijze is toegepast.
3.5 Economie
Om uitvoering te kunnen geven aan de economische ambities o.a. het nog beter verbinden van onderwijs, economie en arbeidsmarkt op het gebied van ICT, Health, Logistiek & Handel en Bouw & Installatie zoals opgenomen in de Visie Zoetermeer 2040 en de Ruimtelijke Strategie Zoetermeer (RSZ) is er meer gerichte slagkracht nodig binnen het cluster Economie. Grote opgaven zoals ruimtegebruik, arbeidsmarktkrapte, verduurzaming, digitalisering en regionale concurrentiekracht komen steeds vaker samen en raken direct de lokale en regionale economie en het mkb. Het team Economische Zaken (EZ) speelt hierin een sleutelrol. Met de huidige bezetting/formatie is het niet mogelijk om aan de huidige ambities uitvoering te geven. De strategisch adviseurs en de accountmanagers lopen over in het werk en kunnen niet overal tijdig of adequaat uitvoering aan geven en in samenwerking met gewenste formatie-uitbreiding moet dit beheersbaar worden. Door het creëren van een meer robuust cluster Economie met in iedere pijler een strategisch adviseur, een accountmanager en een medior kan uitvoering worden gegeven aan deze ambities. Concreet brengt dit een totale formatie-uitbreiding mee van 8,62 fte naar 10 fte waarmee in totaal zo'n € 0,125 mln. gemoeid gaat.
Met de versterkte inzet vergroten we de samenhang tussen de beroepsbevolking en werkgelegenheid en vergroten we de sociaal economische kracht in de gemeente. Daarom wordt voor 2026 en 2027 een beroep gedaan op een dekking vanuit de reserve Fonds Zoetermeer 2040 voor genoemd bedrag. Om de in zet duurzaam te bestendigen moet vanaf 2028 dekking komen vanuit de groei vanuit de algemene uitkering.
Aanpassen effectindicatoren
Het voorstel is om in de Programmabegroting 2027 de effectindicator Bereik Minimaregelingen als % van de doelgroep aan te passen. De regelingen kennen verschillende doelgroepen, waardoor deze niet goed vergelijkbaar zijn. Het voorstel is om als alternatief op te nemen het aantal gebruikers, uitgesplitst naar gebruikers Zoetermeerpas, kwijtschelding gemeentelijke belastingen en collectieve ziektekostenverzekering minima. In de Perspectiefnota 2028 komen we met een gedegen voorstel voor aanpassing van alle indicatoren.
Afwijkingen investeringen en voorzieningen
Terug naar navigatie - Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie - Afwijkingen investeringen en voorzieningen| Afwijking geïnvesteerde activa/voorzieningen | |
| Onderwerp | Toelichting onderwerp |
|
Prijsindexatie investeringsbudgetten scholen |
De investeringsbudgetten uit het Integraal Huisvestingsplan Onderwijshuisvesting 2023 worden om ramingen realistisch te houden, geïndexeerd naar het huidige prijspeil, extra € 3.083.367. De hieruit voortvloeiende hogere kapitaallasten worden gedekt uit een egalisatiereserve. |
|
Eerste Inrichtingskosten basisonderwijs |
Vanwege de groei van IKC De Vijf Pilaren is extra investeringsbudget nodig van € 0,081 mln. voor de eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair. Met ingang van 2027 zijn hier € 6.300 extra lasten per jaar aan verbonden. |
Technische begrotingswijzigingen
Terug naar navigatie - Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie - Technische begrotingswijzigingen| Technische begrotingswijzigingen | |
| College/Raad | Toelichting |
| Raad |
De gemeente Zoetermeer ontvangt en beheert als centrumgemeente van de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal de door het rijk beschikbaar gestelde middelen voor de regionale samenwerking. In 2024 en 2025 leverde dit aanzienlijke positieve jaarrekeningresultaten op, hoofdzakelijk veroorzaakt doordat inkomsten en uitgaven niet in hetzelfde tempo lopen. Daarom is via het Tweede Tussenbericht 2025 besloten om de bestemmingsreserve Arbeidsmarktregio ZHC te vormen, zodat rijksinkomsten vanuit programma OAD rechtstreeks aan de reserve kunnen worden toegevoegd. In programma 1 wordt vervolgens een onttrekking gedaan aan deze reserve, gelijk aan de werkelijke uitgaven. |
Risico’s
Terug naar navigatie - Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie - Risico’sNiet van toepassing.