Programma 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen

Toelichting per onderwerp

Terug naar navigatie - Programma 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen - Toelichting per onderwerp

1. Afvalstoffenheffing (voordeel € 172.000)
De afvalstoffenheffing is een gemeentelijke heffing die ieder huishouden betaalt voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Omdat het aantal huishoudens in de gemeente hoger is dan waarmee bij de begroting rekening is gehouden, valt de opbrengst van de afvalstoffenheffing € 172.000 hoger uit.

2. Bedrijfsvoering afvalinzameling (nadeel € 82.000)
De inhuurkosten vallen € 198.000 hoger uit door extra inhuur voor piekbelasting, om vervanging op te vangen tijdens de zomerperiode, voor het rijden van extra grofvuil routes en voor extra capaciteit op het zelfbrengdepot. Dit laatste is nodig voor een betere afvalscheiding waardoor er minder afkeur op de afvalstromen is. Verder is het noodzakelijk voor de veiligheid van het personeel. Door vacatureruimte is er een voordeel van € 116.000 op kosten van vast personeel.

3. Kosten tractie afvalinzameling (voordeel € 130.000)
Omdat voertuigen langer meegaan dan begroot is een deel van de vervangingsinvesteringen niet nodig en valt dit budget vrij. Dit geeft een voordeel van € 230.000. Hier staat wel een hogere uitgave voor onderhoudskosten van € 100.000 tegenover omdat meer onderhoud aan de (oudere) voertuigen gepleegd moet worden. 

4. Uitvoeringskosten Afvalbeleidsplan (voordeel € 385.000)
Het nieuwe Afvalbeleidsplan is later vastgesteld dan verwacht. Daarnaast zijn tijdens de raadsbehandeling van het Afvalbeleidsplan twee amendementen aangenomen die eerst nog verder uitgewerkt moeten worden. Het betreft het voor de gehele gemeente overgaan op nascheiding in plaats van alleen de hoogbouw en uitgebreid inzetten op GFT-scheiding. De uitgaven in 2026 zijn hierdoor € 385.000 lager dan geraamd. Deze kosten zullen in 2027 worden gemaakt en worden betrokken in het tarief van de afvalstoffenheffing 2027. 

5. Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie woningen (budgettair neutraal)
De Spuk LAI (Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie) is een subsidieregeling van de rijksoverheid waarmee we een eigen isolatieprogramma met gerichte ondersteuning hebben opgezet. Het is bedoeld voor inwoners met een slecht geïsoleerde koopwoning met een maximale WOZ-waarde (€ 477.000 peiljaar 2022). In 2026 is hiervoor een budget van ca. € 1,7 mln. in de begroting opgenomen. In september 2026 is gestart met de subsidieregeling Isolatie Zoetermeer en de VvE subsidieregeling is gestart in april. Hiervoor zijn al wat aanvragen gedaan, maar die ronden we pas af als de werkzaamheden waarvoor de subsidie is aangevraagd zijn afgerond. Dit zal naar verwachting grotendeels in 2027 en 2028 gebeuren. In 2026 is de verwachting dat vanaf september er al wat aanvragen kunnen worden vastgesteld en uitbetaald. Hierdoor ontstaat er voor 2026 een voordeel van ca. € 1,5 mln. omdat de meeste uitgaven in 2027/2028 plaatsvinden. De bestedingstermijn kan tweemaal met één jaar worden verlengd, dan moet het zijn besteed voor eind 2030.

6. Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) (budgettair neutraal)
Voor de versterking van de gemeentelijke organisatie voor het uitvoeren van de klimaat- en energietaken is via de algemene uitkering uit het gemeentefonds een decentralisatie-uitkering beschikbaar. Voor de kosten van 2026 wordt nog gebruik gemaakt van de restantsubsidie uit 2025. Daardoor behoeft er geen gebruik gemaakt te worden van de decentralisatie-uitkering. In 2025 is duidelijkheid gekomen over de voortzetting voor 2026-2030 en is gestart met de (verdere) werving van personeel. Dat is deels gelukt. Door de krappe arbeidsmarkt zien we dat de werving moeilijk is en dat eigen personeel (waaronder de programmamanager) en extern personeel de organisatie eerder verlaten. De stijging van de kosten van de eigen formatie wordt teniet gedaan door het eerdere vertrek van met name de duurdere inhuurkrachten. Dit geeft een voordeel van € 0,2 mln. tot € 0,3 mln. Hier staat een even hoog nadeel op de subsidie tegenover. De besteding vindt in latere jaren plaats. Dit is in overeenstemming met de subsidieregeling toegestaan. Voor de werving van personeel wordt de nu meer tijd genomen en verder vooruitgekeken. Het opschalen van de organisatie is gaande wegens de meerdere taken die op ons afkomen als gevolg van o.a. Wet Collectieve Warmte en Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie.

7. Duurzaamheidsfonds (budgettair neutraal)
Voor 2026 is een budget opgenomen van ca. € 2,0 mln. Naar verwachting wordt hiervan ca. € 1,4 mln. besteed. Het verschil van € 0,6 mln. wordt voornamelijk veroorzaakt doordat de geplande uitgaven voor de verduurzaming van het Stadstheater naar 2027 worden doorgeschoven. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar Programma 4. Tegenover de lagere kosten staat een lagere onttrekking uit het duurzaamheidsfonds.

8. Herstraten parkeerterrein Van Tuyllpark (nadeel € 100.000)
De kosten van het geschikt maken van het parkeerterrein voor autogebruik bij zwembad de Watergeus komen uit op € 449.000. In het Eerste Tussenbericht was al een bedrag van € 175.000 opgenomen onder voorbehoud van nadere uitwerking en definitieve planning. Voor 2026 is een aanvullend bedrag nodig van € 100.000 en € 170.000 in 2027.

9. Vervuiling oppervlaktewater omgeving Van Tuyllpark (nadeel € 370.000)
Tijdens werkzaamheden aan het rioolgemaal Rokkeveenseweg werd afvalwater tijdelijk omgeleid. Daarbij traden twee eerder onbekende riooloverstorten in werking. Hierdoor kwam vervuild rioolwater onbedoeld terecht in sloten en vijvers van het Van Tuyllpark en Zoeterhage. De gemeente Zoetermeer heeft crisismaatregelen moeten nemen voor een bedrag van € 370.000.

10. Verwijderen waterspeelplaats Rakkersveld (nadeel € 80.000)
De waterspeelplaats Rakkersveld is gesloten vanwege de hoge herstelkosten en strengere eisen voor veiligheid, hygiëne en waterkwaliteit. De kosten voor verwijdering bedragen € 80.000.

11. Provinciale subsidiebijdrage recreatiegebieden Westerpark en het Buytenpark (voordeel € 120.000)
De Provincie Zuid-Holland heeft een subsidie voor de jaren 2026 tot en met 2029 verleend van € 3,3 mln. ter dekking van maximaal 40% van de onderhoudslasten van het Westerpark en het Buytenpark. In 2026 zal naar verwachting aan onderhoud  ca. € 300.000 worden uitgegeven. De subsidie hiervoor bedraagt € 120.000. Dit geeft een voordeel op de exploitatie. Een voorwaarde voor verkrijging van de subsidie is dat de uitgaven worden onderbouwd met een beheerplan. Dit beheerplan zal in het eerste kwartaal van 2027 worden opgesteld en het Eerste Tussenbericht 2027 en de Perspectiefnota 2028 worden verwerkt. 

12. Depot Lansinghage (voordeel € 100.000)
Het haalbaarheidsonderzoek naar een locatie voor materialenopslag en huisvesting van toezichthouders schuift door naar 2027. Het hiervoor beschikbare bedrag van € 100.000 wordt betrokken bij de bestemming van het jaarrekeningresultaat.

13. Administratie begraafplaatsen (nadeel € 82.000)
De begraafplaatsadministratie wordt al jaren lang uitgevoerd door Monuta (Monuta Zoetermeer Uitvaartcentrum). Monuta gaat per 1 januari 2027 stoppen met deze werkzaamheden omdat het voor Monuta een oneigenlijke taak is binnen haar bedrijfsvoering. Er wordt gewerkt aan een tussenoplossing waarbij een andere externe partij voorlopig de administratie gaat overnemen. De overdracht zorgt voor extra kosten.

14. Riolering en waterlopen (voordeel € 400.000)
Er zijn minder baggerwerkzaamheden uitgevoerd door de Waterschappen. Dit zal naar verwachting de komende jaren leiden tot een inhaalslag. Met de Waterschappen zijn we in gesprek om het meerjarige onderhoudsprogramma te actualiseren. Tevens zal het Water- en Rioleringsprogramma voor het dagelijks onderhoud en de rioolheffing opnieuw worden bezien en zo nodig herijkt. De kosten van het dagelijks onderhoud zijn € 750.000 lager dan begroot (baggeren € 300.000 en riolering € 450.000. Na afstorting van € 600.000 resteert een voordeel van € 150.000 dat vrijvalt in het resultaat. Op de inkomsten van de rioolheffing is een voordelig saldo van € 250.000 ontstaan.

15. Vrijval egalisatiereserve Groot onderhoud bovengronds (voordeel € 1,37 mln.)
In de Perspectiefnota 2026 en de Programmabegroting 2026 is als onderdeel van bezuinigingen besloten om vervangingsuitgaven aan verkeer, bomen en groen, spelen, openbare verlichting, verkeersregelinstallaties en technische voorzieningen vanaf 2026 niet langer in één keer ten laste van het jaar van aanschaf/realisatie te brengen, maar als investering over de levensduur af te schrijven. In de egalisatiereserve Groot onderhoud bovengronds was voor toekomstige uitgaven nog een bedrag aanwezig van € 1,37 mln. Dit bedrag valt vrij ten gunste van het resultaat en hiervoor in de plaats zijn investeringsbudgetten in de begroting opgenomen. 

16. Kwaliteitsimpuls openbare ruimte (nadeel € 500.000)
In de begroting is vanuit het voorgaande coalitieakkoord met dekking vanuit de reserve Fonds 2040 € 1,5 mln. per jaar beschikbaar gesteld. Voor het ontwikkelperspectief Meer voor Meerzicht is vanuit de kwaliteitsimpuls naar programma 7 € 500.000 overgeheveld. Deze uitgaven schuiven in verband met capaciteitsgebrek door naar 2027/28 . Daardoor is een voordeel van € 500.000 ontstaan in Programma 7. Er ontstaat een even groot nadeel in Programma 3. 

17. Subsidie MRDH voor verkeersmaatregelen (voordeel € 200.000)
De Metropoolregio Rotterdam Den Haag heeft een subsidiebijdrage toegekend van € 1,45 mln. voor verbetering van de verkeersveiligheid. Deze bijdrage wordt in 2026 en 2027 gebruikt om maatregelen te nemen bij de fietsstraat Voorweg, de Afrikaweg en de Eerste Stationsstraat. Van deze middelen was al voor een bedrag van € 0,2 mln. voorzien in de begroting waardoor dit bedrag ten gunste van het resultaat komt.

Financiële afwijkingen 2026

Terug naar navigatie - Programma 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen - Financiële afwijkingen 2026

Bedragen x € 1.000

Nr. Doel-stelling Onderwerp

Lasten/
baten

Afwijking
TB2 '26

Voordeel/
Nadeel
Meerjarig/
Eenmalig

1

3.1 Afvalstoffenheffing Baten 172 Voordeel Meerjarig

2

3.1 Bedrijfsvoering afvalinzameling Lasten -82 Nadeel Eenmalig

3

3.1 Tractie afvalinzameling Lasten 130 Voordeel Eenmalig

4

3.1 Uitvoeringskosten Afvalbeleidsplan Lasten 385 Voordeel Eenmalig

5

3.1

Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie woningen

  • Subsidie

Lasten

Baten

1.500

-1.500

Voordeel

Nadeel

Eenmalig

Eenmalig

6

3.1

Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE)

  • Subsidie

Lasten

Baten

250

-250

Voordeel

Nadeel

Eenmalig

Eenmalig

7

3.1

Duurzaamheidsfonds

  • Onttrekking reserve

Lasten

Baten

600

-600

Voordeel

Nadeel

Eenmalig

Eenmalig

8

3.2 Herstraten parkeerterrein Van Tuyllpark  Lasten -100 Nadeel Meerjarig

9

3.2 Vervuiling oppervlaktewater omgeving Van Tuyllpark Lasten -370 Nadeel Eenmalig

10

3.2 Verwijderen waterspeelplaats Rakkersveld Lasten -80 Nadeel Eenmalig

11

3.2 Provinciale subsidiebijdrage recreatiegebieden Westerpark en het Buytenpark

Baten

120

Voordeel

Meerjarig
12 3.2

Depot Lansinghage

Lasten 100 Voordeel Meerjarig
13 3.2

Administratie begraafplaatsen

Lasten  -82 Nadeel Eenmalig

14

3.2 Riolering en Waterlopen

Lasten

Baten

150

250

Voordeel

Voordeel

Eenmalig

Eenmalig

15

3.2 Vrijval egalisatiereserve Groot onderhoud bovengronds Baten 1.376 Voordeel Eenmalig

16

3.2 Kwaliteitsimpuls openbare ruimte Baten -500 Nadeel Eenmalig

17

3.2 Subsidie MRDH voor verkeersmaatregelen Baten 200  Voordeel Eenmalig
Saldo programma 3   1.669 Voordeel  

 

Afwijking geïnvesteerde activa/voorzieningen

Terug naar navigatie - Programma 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen - Afwijking geïnvesteerde activa/voorzieningen

Bedragen x € 1.000

Nr. Onderwerp Bedrag Toelichting onderwerp
1 Herinrichting Katwijkerlaan 650 De werkzaamheden aan de waterkering en verkeersinfrastructuur verschuiven van 2026 naar 2028. 
2 Voorziening riolering

-750

 

In het kader van het project Oostergo bleek het noodzakelijk om een deel van de riolering te verleggen (€ 300.000). Dit betreft een 40 jaar oude riolering waarop in het verleden woningen met tuinen zijn gebouwd. Het is gebruikelijk dat riolering zoveel mogelijk onder het wegennet wordt aangelegd zodat onderhoud en vervanging met de minste overlast kan worden uitgevoerd. Het verleggen van bestaande riolering wordt zoveel als mogelijk gefaseerd uitgevoerd in combinatie met gepland groot onderhoudsprojecten of stadsvernieuwing. Daarnaast zijn doorgeschoven werkzaamheden van vorig jaar uitgevoerd (€ 450.000). De totale kosten bedragen € 750.000 en worden ten laste van de voorziening Riolering gebracht.

3.

Tractie afvalinzameling 1.200 De aanschaf van tractiemiddelen verschuift naar 2027.

4. 

Perscontainers -277 Door de netcongestie zijn er in 2026 al kosten gemaakt voor de in 2027 te plaatsen perscontainers voor papier en karton.

5.

Vervangingsinvesteringen

950

-700

 

In de Perspectiefnota 2026 en de Programmabegroting 2026 is als onderdeel van bezuinigingen besloten om vervangingsuitgaven aan verkeer, bomen en groen, spelen, openbare verlichting, verkeersregelinstallaties en technische voorzieningen vanaf 2026 niet langer één keer ten laste van het jaar van aanschaf/realisatie te brengen maar als investering over de levensduur af te schrijven. Door leveringsproblemen in 2025 is de vervanging van vier verkeersregelinstallaties verschoven naar 2026. Het benodigde aanvullende investeringsbudget hiervoor bedraagt € 700.000. Daarnaast schuift voor het groot onderhoud aan wegen een bedrag door van € 950.000 naar 2027.

6.

Investering verkeersveiligheidsmaatregelen

Subsidie MRDH

-800

1.000

De Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) heeft een subsidiebijdrage toegekend van € 1,45 mln. voor verbetering van de verkeersveiligheid. Deze bijdrage wordt in 2026 en 2027 gebruikt om maatregelen te nemen bij de fietsstraat Voorweg, de Afrikaweg en de Eerste Stationsstraat. De bestedingen bedragen € 800.000 in 2026 in € 450.000 in 2027. Van deze middelen was al voor een bedrag van € 200.000 voorzien in de begroting 2026 waardoor dit bedrag ten gunste van het resultaat komt.

 

Technische begrotingswijzigingen

Terug naar navigatie - Programma 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen - Technische begrotingswijzigingen
Nr. College/Raad Toelichting
1 Raad

Uitvoeringsbudget verduurzaming Stadstheater (2025-114561)
Voor de verduurzaming van het Stadstheater is op 9 april 2026 budget afgegeven met onder andere dekking vanuit de reserve duurzaam voor een bedrag van € 633.453. De besteding past in het al eerder in de begroting opgenomen bedrag om in totaal € 2,5 mln. aan te wenden voor de verduurzaming van het eigen vastgoed. Met dit besluit is per abuis nog een keer een besteding opgenomen van € 633.453. Omdat de besteding al geraamd was wordt dit alsnog in mindering gebracht op de uitgaven in programma 4. Daarmee wordt de totale besteding vanuit het duurzaamheidsfonds in programma 3 hersteld. 

2

Raad

Uitvoeringsbudget optimalisatie binnenklimaat en verduurzaming CKC (2025-072425)
Voor de verduurzaming van het CKC is op 23 februari 2026 budget afgegeven met onder andere dekking vanuit de reserve duurzaam voor een bedrag van € 766.430. De besteding past in het al eerder in de begroting opgenomen bedrag om in totaal € 2,5 mln. aan te wenden voor de verduurzaming van het eigen vastgoed. Met dit besluit is per abuis nog een keer een besteding opgenomen van € 766.430. Omdat de besteding al geraamd was wordt dit alsnog in mindering gebracht op de uitgaven in programma 4 . Daarmee wordt de totale besteding vanuit het duurzaamheidsfonds in programma 3 hersteld.

3

College

Vervangingsinvesteringen kapitaliseren
In de Perspectiefnota 2026 en de Programmabegroting 2026 is als onderdeel van bezuinigingen en om recht te doen aan de verslaggevingsvoorschriften van het rijk besloten om investeringen in verkeer, bomen en groen, spelen, openbare verlichting, verkeersregelinstallaties en technische voorzieningen vanaf 2026 niet langer één keer ten laste van het jaar van aanschaf/realisatie te brengen, maar als investering over de levensduur af te schrijven. Om het budget goed te kunnen bewaken en af te zonderen van meer vrij besteedbare kosten zullen de kosten van de kapitaallasten worden opgenomen onder een nieuw product nummer: Investeringslasten Maatschappelijk Nut (810.58). De kapitaallasten van investeringen waarop al werd afgeschreven en die tot nu toe onder het product Groot Onderhoud (810.48) werden opgenomen bedragen € 1 mln. en worden ook naar dit nummer overgeheveld. De kapitaallasten voor investeringen in de openbare ruimte bedragen dan in 2026 € 1,2 mln. en lopen jaarlijks op naar in totaal € 20 mln. in 2064 (op basis van de Noor 2023-2026 - met doorrekening tot 2064 prijspeil 2026).